Meest recent

    Mannen en vrouwen zijn opnieuw wat minder gelijk in België

    Ons land is enkele plaatsen gezakt op de ranglijst voor gelijkheid tussen mannen en vrouwen van het World Economic Forum. Vorig jaar stonden we op de 24e plaats, nu zijn we gezakt naar de 31e plaats. We doen het beter dan tien jaar geleden, maar zakken toch op de lijst. Hoe komt dat?

    In IJsland zijn mannen en vrouwen het meest gelijk. Noorwegen staat op de tweede plaats van de lijst en Finland sluit het podium af. Rwanda staat opvallend genoeg op de vierde plaats. Ook landen als Nicaragua en de Filipijnen staan in de top-10. Buurlanden Frankrijk (11) en Duitsland (12) vallen net uit het clubje van de beste landen. De ranglijst wordt afgesloten door Syrië (142), Pakistan (143) en Yemen (144). En België? Ons land strandt net voor Nederland op de 31e plaats.

    Het World Economic Forum stelt al sinds 2006 de ranglijst op. Bij dat eerste lijstje stond België nog op de 20e plaats, we zijn daarna zelfs even tiende geweest. In verschillende subcategorieën stonden we in 2006 zelfs op de allereerste plaats. Toegegeven: voor de gelijkheid van man en vrouw in het onderwijs staan we nog steeds op nummer één. Al delen we die eerste plaats wel met 26 andere landen.

    Lees verder onder de grafiek

    Het ziet ernaar uit dat andere landen sneller stappen vooruit zetten dan ons land. De ranglijst baseert zich op verschillende criteria om per land tot een bepaalde score te komen. Hoe dichter die score bij 1 ligt, hoe beter. Het cijfer 1 staat voor perfecte gelijkheid. Ons land haalde in 2006 een score van 0,708. Dit jaar is dat 0,739. Hoger dan tien jaar geleden dus. Belangrijke nuance is wel dat het enkele punten lager is dan vorig jaar. In 2016 haalden we immers 0,745.

    Een van de problemen met gendergelijkheid in ons land bevindt zich volgens het ranglijstje in de politiek. Dat ons land nog nooit een vrouwelijk premier heeft gehad bijvoorbeeld en dat er weinig vrouwelijke ministers zijn. Enkel de Brusselse regering bestaat exact uit evenveel mannelijke als vrouwelijke leden. Slechts een op de drie leden van de Vlaamse regering is een vrouw, in de federale regering is dat zelfs geen kwart.

    "Quota hebben heel goed gewerkt in de parlementen. We scoren heel goed wat vrouwelijke parlementsleden betreft", zegt Liesbeth Stevens van het Instituut voor Gelijkheid van vrouwen en mannen aan VRT NWS. "In de regeringen doen we het niet zo goed. Daar zouden meer regels over hoeveel mannen of vrouwen er mogen zijn kunnen helpen."

    Lees verder onder de grafiek

    Een ander probleem is er op de arbeidsmarkt: de zogenoemde loonkloof. Het loonverschil tussen man en vrouw voor hetzelfde werk is niet toegenomen, maar die situatie stagneert al een tijd. De verschillen zijn ook deels te verklaren door het feit dat vrouwen vaker voor deeltijds werk kiezen bijvoorbeeld. "Waar je zou moeten op inzetten is dat vaders ook makkelijker een deel van de zorg thuis kunnen opnemen", zegt Stevens voorts. "Het zou bijvoorbeeld een optie zijn om meer vaderschapsverlof te geven. Veel jonge vaders zijn hier vragende partij voor."