Meest recent

    Gepekelde hart van Chopin geeft na 170 jaar uitsluitsel over zijn doodsoorzaak

    Frédéric Chopin is gestorven aan de gevolgen van een zeldzame complicatie van tuberculose. Dat is de conclusie van een team wetenschappers na onderzoek van zijn hart dat sinds zijn dood in 1849 in een vat vol cognac steekt.

    Wat is de precieze doodsoorzaak van Frédéric Chopin? Sinds de beroemde Poolse componist en pianist in 1849 is overleden, bestaat hierover discussie. Sommigen menen dat hij een erfelijke aandoening had die hem kwetsbaar maakte voor longinfecties. Een team Poolse wetenschappers meent nu het antwoord te kennen: hij stierf aan de gevolgen van een zeldzame complicatie van tuberculose.

    De manier waarop de wetenschappers dit hebben ontdekt, spreekt tot de verbeelding: ze hebben zijn gepekelde hart onderzocht. Na zijn dood vond hij zijn laatste rustplaats op de beroemde begraafplaats Père Lachaise in Parijs. Zijn hart werd echter uit zijn lichaam verwijderd en in een vat vol cognac gestopt. Nadien belandde het in een steunpilaar van de Heilig Kruiskerk in Warschau waar het zich vandaag nog steeds bevindt.

    (Lees voort onder foto)

    Pericarditis

    De wetenschappers stelden vast dat het hart van Chopin met een witte, vezelige substantie is bedekt. Daarnaast merkten ze hier en daar kleine laesies. Op basis van die symptomen concludeerden ze dat de componist aan pericarditis leed, of een ontsteking van het hartzakje.

    "We hebben het vat niet geopend", zegt teamleider Michael Witt in The Observer. "Maar op basis van de staat van het hart kunnen we met een grote waarschijnlijkheid zeggen dat Chopin aan tuberculose leed en dat de pericarditis zijn directe doodsoorzaak was."

    SS

    De resultaten van het onderzoek zijn verschenen in The American Journal of Medicine. Ze vormen voorlopig het laatste hoofdstuk in de bizarre saga van het hart van Chopin. Het was zijn zus Ludwika die het na zijn dood Polen binnensmokkelde. Daarbij moest ze wachters uit Rusland verschalken die het land op dat moment controleerden.

    Het hart bleef nadien in de Heilig Kruiskerk in Warschau tot de zogenoemde opstand van Warschau tegen de nazi's in 1944. Een hoge officier van de SS nam het toen mee naar het lokale partijhoofdkwartier. Pas na het einde van WO II keerde het naar de Heilig Kruiskerk terug.

    Het onderzoek van Witt en zijn collega's van het hart van Chopin is het eerste sinds 1945. "Het is nog steeds perfect afgesloten in het vat met cognac", zegt Witt. "Sommige mensen willen het vat openen om DNA-stalen te nemen om hun theorie te ondersteunen dat Chopin aan een genetische aandoening leed. Dat zou een vergissing zijn. Het kan het hart vernietigen en sowieso ben ik nu vrij zeker dat we weten waaraan hij is gestorven."