Meest recent

    Het Nederlandse bedrijf Hardt heeft een model uitgewerkt van hoe de hyperloop er zou kunnen uitzien. hardtglobalmobility.com

    Nederlandse bedrijven willen testtraject voor "hyperloop"

    Nederland moet het eerste testtraject krijgen van de "hyperloop", de vacuümbuis waardoor passagiers met een vaart tot 1.200 kilometer per uur kunnen reizen. De overheid moet om die reden een eenmalige investering doen in deze faciliteit van 3 tot 5 kilometer lang, bij Lelystad. Dat staat in een boodschap van Nederlandse bedrijven, meldt Het Financieele Dagblad.

    De hyperloop is een futuristisch transportsyseem waarbij capsules door een (quasi-)luchtledige tunnel flitsen. De technologie is grotendeels gebaseerd op magnetische aansturing die de capsules letterlijk doet zweven, waardoor ze in theorie snelheden tot 1.200 kilometer per uur kunnen halen. Een ritje Amsterdam-Enschede zou dan al in pakweg 10 minuten kunnen en ook tussen Schiphol-Lelystad kan de buis snel reizigers van het ene vliegveld naar het andere brengen.

    Het idee is algemeen bekend en populair geworden door Tesla-oprichter Elon Musk. Met zijn bedrijf Hyperloop One test hij momenteel een hyperloop uit op een 500 meter lang traject in de woestijn van Nevada. Het Nederlandse bedrijf Hardt, opgericht door een aantal studenten van de Nederlandse universiteit TUDelft, werkt daaraan mee. In Delft zelf ligt nu een testtraject van 30 meter.

    Maar een proefbuis met een begin-, een eindstation en een wissel ontbreekt nog. Het Nederlandse bedrijfsleven vraagt nu aan de overheid om daarin te investeren. Onder meer bouwbedrijf BAM, maakbedrijven Fokker en VDL, ingenieursbedrijf Movares en spoorbedrijf NS steunen de oproep. Ook organisaties als ProRail en het havenbedrijf Rotterdam vragen het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat om het testtraject.

    De testfaciliteit zou in de buurt van Lelystad, in de provincie Flevoland, en 3 tot 5 kilometer lang moeten zijn. De kosten daarvan zouden oplopen tot 120 miljoen euro. De bedrijven willen zelf investeren, maar vragen ook een inspanning van de overheid. Een bedrag noemen ze niet.

    Lees hier het artikel in Het Financieele Dagblad.