Welke banden heeft Trump met Rusland?

De belangrijkste kwestie, die als een donkere schaduw over het presidentschap van Donald Trump hangt, is de vraag of hij doelbewust heeft samengewerkt of samengespannen ("collusion") met Russische overheidsinstanties om de verkiezingen te kunnen winnen. We zetten hieronder op een rijtje wat tot dusver al aan het licht is gekomen in dit dossier. 

De mogelijke banden van Trump met Rusland worden onderzocht door de FBI, en sinds mei 2017 ook door de speciale aanklager Robert Mueller. Zijn mandaat geeft hem ook de ruimte om zaken te onderzoeken "die uit zijn onderzoek voortkomen". Daarnaast voeren diverse commissies in het Huis van Afgevaardigden en de Senaat hun eigen onderzoek via hoorzittingen – al dan niet achter gesloten deuren. Wat is er tot dusver al aan het licht gekomen in Muellers onderzoek en/of in de pers?

Eind oktober 2017 kwam speciale aanklager Robert Mueller met zijn eerste formele aanklachten in zijn onderzoek naar de vermeende Rusland-connecties. Twee figuren uit Trumps campagneteam werden in beschuldiging gesteld voor onder meer "samenzwering tegen de VS": gewezen campagnemanager Paul Manafort en zijn assistent Rick Gates.

Die aanklacht voor "samenzwering" oogt spectaculair, maar heeft in feite vooral te maken met belastingontduiking en witwassen. Manafort en Gates werkten onder meer (goed betaald) voor Viktor Janoekovitsj, de pro-Russische leider van Oekraïne die later de wijk nam naar Rusland. Het geld dat ze daarvoor ontvingen, sluisden ze weg via belastingparadijzen – in totaal 75 miljoen dollar. 

Manafort werkte voor Trumps campagne vanaf maart 2016; vanaf juni werd hij campagnemanager. In augustus verliet hij het team. De aanklacht van Mueller tegen Manafort wijst niet op directe contacten met Russische instanties. Uit de pers is wel bekend dat hij aanwezig was bij een meeting in de Trump-toren in New York met Russen (zie Donald Trump Junior). 

Begin 2018 diende Manafort zelf een klacht in tegen het team van Mueller en het ministerie van justitie, omdat die hun bevoegdheden te buiten zouden gaan. Mueller zou met zijn onderzoek te ver teruggraven in de tijd, en het ministerie zou hem een te ruime onderzoeksopdracht hebben gegeven. 

Belangrijker dan de klacht tegen Manafort en Gates lijkt het dossier dat Mueller heeft opgesteld tegen George Papadopoulos. Deze Grieks-Amerikaanse gewezen campagne-adviseur werd in juli al gearresteerd in Washington, maar dat werd pas eind oktober bekendgemaakt. Papadopoulos koos ervoor om met Mueller mee te werken, en bekende dat hij in een vroeger verhoor door de FBI gelogen had.

Zijn medewerking zou de speciale aanklager op het spoor kunnen zetten van nog andere relevante feiten of contactpersonen. Papadopoulos werkte voor de Trump-campagne vanaf maart 2016. Volgens de aanklacht heeft hij geprobeerd om het campagneteam van Trump in contact te brengen met relevante Russische vertegenwoordigers. Op 31 maart zou hij zelfs hebben gebluft in een vergadering waar ook presidentskandidaat Donald Trump zelf bij zat (zie foto), dat hij een ontmoeting zou kunnen regelen tussen Trump en de Russische president Vladimir Poetin. 

Papadopoulos stond in contact met een professor in Londen, die hem toevertrouwde dat Russische instanties duizenden e-mails van Hillary Clinton hadden gehackt met heel wat "dirt"  - bezwarende informatie. Volgens The Washington Post en andere media gaat het om de Maltese ex-diplomaat Joseph Mifsud. 

Wat belangrijk is, is dat Papadopoulos zich schijnbaar gemachtigd voelde om die contacten voor het campagneteam uit te diepen, met de expliciete intentie om een schadelijk dossier over Clinton samen te stellen. Hij zou toenmalig campagnemanager Corey Lewandowski daarvan op de hoogte hebben gebracht. Juist daarom lijkt Papadopoulos het duidelijkste spoor tot nu toe in de richting van "collusion".

De oudste zoon van de president, Donald Trump Jr., werd in verlegenheid gebracht door onthullingen dat hij in juni 2016 een vergadering had belegd in de Trump-toren in New York, met onder meer de Russische advocate Natalja Veselnitskaja. 

Volgens Trump Junior kwam die meeting er op verzoek van de advocate, en wou zij spreken over "adoptie". Maar op basis van uitgelekte e-mails is duidelijk dat de jonge zoon Trump hoopte om bezwarend materiaal over Hillary Clinton te krijgen, en dat hij daarom met het gesprek had ingestemd. Bij die ontmoeting was ook Paul Manafort aanwezig, de al genoemde campagnemanager, en Jared Kushner. 

De schoonzoon van de president werkte mee in zijn campagneteam. In verband met het Rusland-dossier komt hij tweemaal in beeld. Hij was aanwezig bij de hierboven genoemde ontmoeting in de Trump-toren met Veselnitskaja, in juni 2016. Bovendien – en belangrijker – raakte bekend dat hij in de periode van de transition  - tussen de verkiezingsdag en de inauguratie van Trump -  diverse contacten had met de Russische ambassadeur in Washington, Sergej Kisljak.

Daarbij zou hij de mogelijkheid hebben besproken om een geheim communicatiekanaal te openen met Moskou. Kushner zelf heeft intussen vier contacten met Russische instanties toegegeven tijdens de campagne en de transitie. Hij minimaliseert de draagwijdte van de zogenoemde back channels die hij met Kisljak besprak. 

Wie in die transitieperiode eveneens contact had met Kisljak, de Russische ambassadeur in de VS, was de man die voor Trump Nationale Veiligheidsadviseur zou worden: de gewezen luitenant-generaal Michael Flynn. Hij bekleedde die positie inderdaad een kleine maand, maar moest opstappen toen zijn gesprekken met Kisljak uitlekten.  Meer concreet werd hij tot zijn vertrek gedwongen, toen vicepresident Mike Pence moest vaststellen hoe Flynn hem had voorgelogen over zijn contacten met Kisljak. President Trump zelf vond zijn ontslag al bij al overdreven, maar legde zich daarbij neer. Volgens de ontslagen FBI-directeur James Comey vroeg de president hem naderhand om Flynn niet voort te onderzoeken. 

Met name het feit dat Flynn met de Russische ambassadeur over sancties had gesproken, bracht hem in verlegenheid. De regering-Obama had net een nieuw pakket sancties aangekondigd, als vergelding voor de Russische hacking-operaties in de VS. Klaarblijkelijk liet Flynn Kisljak verstaan dat die sancties zouden worden ingetrokken, van zodra Trump zelf in het Witte Huis zou zitten. Zo'n manoeuvers tijdens de transitieperiode zijn uit den boze. Onderhandelen met buitenlandse regeringen is namelijk het privilege van de zittende regering. Anders is het verboden en mogelijk zelfs te kwalificeren als spionage. 

Aanvankelijk ontkende Flynn tegenover de FBI dat hij die dingen met Kisljak besproken had. In december 2017 verraste hij vriend en vijand door toe te geven dat hij gelogen had. Meer zelfs: hij bekende formeel schuld aan het liegen daarover, en beloofde volop mee te werken aan Muellers onderzoek.  

In het onderzoek naar de Russische inmenging in de Amerikaanse presidentsverkiezingen is Flynn op die manier de eerste (voormalige) medewerker van Trump die in het Witte Huis gewerkt heeft, die in beschuldiging is gesteld. 

Muellers team zou ook onderzoeken of Flynn meewerkte aan een plan om de islamitische predikant Fethullah Gülen met geweld te ontvoeren en naar Turkije te sturen. Volgens een gewezen CIA-directeur, James Woolsey, had Flynn dat in september 2016 met Turkse functionarissen besproken  - onder meer met de schoonzoon van president Erdogan.

Het is bekend dat Erdogan bij de VS al lang aandringt op de uitlevering van Gülen, die hij verdenkt van het beramen van de mislukte coup in juli 2016. De Amerikaanse regering wil daar niet op ingaan, bij gebrek aan bewijzen. Maar Flynn zou het idee van een gedwongen verwijdering hebben overwogen en besproken. Mueller onderzoekt eveneens of hij voor die diensten betaald is. 

De laatste in het rijtje die erkende dat hij vertegenwoordigers van de Russische regering had ontmoet tijdens de verkiezingscampagne, was Carter Page. Hij was een van Trumps adviseurs inzake buitenlands beleid en reisde naar Moskou in juli 2016. Hoewel hij dat maandenlang ontkend had, gaf hij op 2 november toe, tijdens een hoorzitting voor een commissie van het Huis van Afgevaardigden, dat hij in Rusland wel degelijk contacten had gehad in regeringskringen.

Bij CNN verklaarde Page naderhand dat het onder meer om vicepremier Arkadi Dvorkovitsj ging, al minimaliseerde hij die ontmoeting. Het zou eerder een beleefdheidsbegroeting zijn geweest op een conferentie dan een echt gesprek. Toch deelde Page achteraf een aantal inzichten en bedenkingen met tenminste één andere campagnemedewerker van Trump.

Wie dat was, blijft voorlopig onduidelijk. Maar de mail tussen beiden is wel opgedoken en bekend bij de commissie van het Huis van Afgevaardigden. (Page verliet het campagneteam in september 2016. Zijn reis naar Moskou was al langer bekend en was nooit een geheim. Het was ook al geweten dat hij in Moskou een toespraak had gehouden waarin hij het toenmalige Amerikaanse Ruslandbeleid op de hak nam. Dat was trouwens aanleiding voor de FBI om een counter-intelligence-onderzoek te openen, en een gerechtelijke FISA-toelating om hem af te luisteren.)

Carter Page had in elk geval op voorhand ook Jeff Sessions op de hoogte gebracht van zijn reis naar Moskou. Sessions, momenteel minister van Justitie, maakte toen ook deel uit van Trumps campagneteam. Vanwege zijn ervaring als senator op het terrein van defensie en internationale politiek kreeg ook hij een rol als buitenlandadviseur. 

Dat Sessions in het najaar van 2016 tot tweemaal toe de Russische ambassadeur Sergej Kisljak had ontmoet, kwam in maart 2017 al aan het licht. Dat bracht Sessions in verlegenheid, want tijdens zijn "confirmation hearing" had hij nog volmondig ontkend ooit met Russische vertegenwoordigers contact te hebben gehad.

De onthulling leidde ertoe dat Sessions zichzelf onttrok aan het Rusland-onderzoek dat justitie en de FBI begonnen waren. Zijn adjunct Rod Rosenstein nam die bevoegdheid over.  Hij was het ook die Robert Mueller III aanstelde tot special prosecutor in het hele dossier. 

Het staat zo goed als vast dat het team van Robert Mueller intussen ook de zakelijke banden van Donald Trump en zijn campagnemedewerkers tegen het licht houdt. In dat verband is onder meer het verhaal van de Trump-toren in Moskou interessant, al lijkt er nog geen directe link met de campagne. 

In 2015 al correspondeerde Michael Cohen, Trumps advocaat en topman van zijn holding, de Trump Organisation, met o.m. Felix Sater, een Russische immigrant die naar eigen zeggen contacten had in het Kremlin, over de mogelijkheden om in Moskou een gloednieuwe Trump-toren neer te poten. Het plan werd gezien als een stunt die Trump zou helpen in de verkiezingen. Volgens The New York Times schreef Cohen begin 2016 zelfs de woordvoerder van Poetin aan over het plan, maar uiteindelijk stierf het idee een stille dood en werd het later volledig gedropt.