Meest recent

    © Andrea Matone - creative.belgaimage.be

    Klachten over "hongerlonen" in kledingfabrieken in Oost-Europa

    Grote modemerken en ketens als C&A, Bennetton of Geox werken samen met fabrieken in Oost- en Zuidoost-Europa, die personeel veel te weinig betalen. Dat stelt de organisatie Schone Kleren Campagne, die spreekt van "hongerlonen in Europese sweatshops". Ook de arbeidsomstandigheden laten vaak veel te wensen over.

    Volgens een rapport van de organisatie Schone Kleren Campagne, die de steun krijgt van grote Belgische vakbonden als ACV en ABVV, betalen leveranciers van de grote merken wel minimumlonen, maar die zouden veel te laag zijn om fatsoenlijk van te leven. "In Oekraïne is het minimumloon 89 euro per maand", zegt Sarah Ceustermans van Schone Kleren Campagne. "Mensen zeggen dat dat te weinig is om van te kunnen eten."

    Ceustermans trekt de vergelijking met Aziatische "sweatshops", waarop in het verleden veel kritiek kwam vanwegen de lage lonen en erbarmelijke omstandigheden. "Wat in Oekraïne wordt betaald, is lager dan wat mensen in Cambodja krijgen. Eigenlijk moeten ze vijf keer zoveel krijgen. Ook in Servië zijn de lonen te laag om echt een goed leefloon te zijn: 189 euro netto per maand."

    Extreme temperaturen

    De term sweatshop zou ook letterlijk te nemen zijn. Personeel moet volgens het rapport vaak onder extreem hoge of soms weer veel te lage temperaturen moeten werken. Medewerkers die klagen, krijgen te horen dat ze anders mogen vertrekken. Overuren zijn vaak niet betaald, om personeel hoge productiedoelen te laten halen. Ook zijn er klachten over het bruut gedrag van managers en het werken met gevaarlijke chemicaliën.

    Schone Kleren Campagne dringt er bij de grote modehuizen op aan om leveranciers onder druk te zetten hogere salarissen te betalen. Ook als dit zou leiden tot hogere kosten voor de modebedrijven. Verder moeten zij ook toezien op het stricte naleven van correcte arbeidsomstandigheden.

    "Europese actie nodig"

    Ceustermans zegt verder dat Europees Commissaris voor Werk en Sociale
    Zaken Marianne Thyssen (CD&V) mogelijk een rol kan spelen door
    zeker in de Oost-Europese landen die lid zijn van de Europese Unie,
    zoals Hongarije, Polen, Tsjechië en Slowakije aan te dringen op hogere
    minimumlonen. Deze landen staan ook nadrukkelijk vermeld in het
    rapport. 

    Verder zouden ook Belgische bedrijven samenwerken met
    kledingateliers in Oost-Europa. Het rapport noemt daarbij echter geen
    specifieke namen. Fedustria, de Belgische federatie van bedrijven in de
    kleding- en textielsector, was niet voor commentaar bereikbaar.