Meest recent

    Pascal Broze

    Stalking is veel meer dan niet oké

    Als advocaat én als slachtoffer van stalking volgt Geert Lenssens de discussies over grensoverschrijdend gedrag met grote belangstelling. Hij ergert zich aan het minimaliseren van de gevolgen van stalking voor slachtoffers en legt een aantal voorstellen op tafel.

    opinie
    Geert Lenssens
    Geert Lenssens is advocaat aan de Balie te Brussel.

    De zaak-Bart De Pauw beroert, daar is iedereen het over eens. Er was nochtans een tijd, nog niet zo lang terug, dat er misschien minder beroering zou zijn geweest. Ten onrechte, maar het is nu eenmaal zo dat de moraliteit van een samenleving evolueert.

    Het recht is daarbij de spiegel van die moraliteit en evolueert mee, helaas vaak met de postkoets in plaats van met de tgv. Ik wil het hier zeker niet hebben over die zaak op zich. Het keiharde trial by media roept trouwens veel vragen op. Het onderzoek en debat horen thuis in ons rechtssysteem en het is zeker niet aan mij om daarover te gaan oordelen.

    Maar misschien was dat laatste aspect wel de belangrijkste flater in de onhandige crisiscommunicatie van afgelopen donderdag, het gebrek aan besef dat een dergelijke zaak niet enkel media-expertise vereist, maar onvermijdelijk ook juridische. 

    Het is over dat laatste aspect dat ik het wil hebben, temeer omdat de achterliggende problematiek voornoemd dossier overstijgt. Stalking, of belaging zoals de wet zegt, bestaat waarschijnlijk al even lang als de mensheid, maar kwam pas in de jaren 80 van de vorige eeuw in de belangstelling nadat celebrity's zich erover beklaagden. Het internet en de sociale media hebben stalkers nadien een ongeëvenaard universum gegeven.

    Alhoewel stalking een ernstig misdrijf vormt, is het bij ons pas vanaf 1998 strafbaar met gevangenisstraffen tot twee jaar. Sinds 2016 kunnen de parketten ook ambtshalve onderzoeken en vervolgen, voordien was dat alleen op klacht.

    Toch zijn veel mensen vandaag de dag nog onwetend over dit misdrijf,  waardoor slachtoffers zich soms gedurende jaren laten terroriseren en daders jaren ongestoord hun gang kunnen gaan. Ik kan mij zelfs inbeelden dat sommige stalkers niet eens beseffen dat ze in de criminaliteit zitten.

    Stalking wordt ook nog vaak verward met laster en eerroof. Stalking bestaat namelijk zodra men iemands rust ernstig verstoort, terwijl men dat wist of had moeten weten. Het is de bonte verzameling van herhaalde ongewenste communicaties of benaderingen die angst opwekken bij het slachtoffer. De omschrijving is dus zeer algemeen.

    De creativiteit van sommige belagers overtreft ook vaak de verbeelding. Al dan niet anonieme telefoons, tekstberichten, berichten op sociale media, graffiti aanbrengen maar ook personen volgen en huizen surveilleren, kleine of grote  beschadigingen aanbrengen, herhaaldelijk ongewenste geschenken laten afgeven, roddels verspreiden, data verzamelen over een persoon tot en met het inschakelen van detectives, ze kunnen allemaal stalking uitmaken.

    Ik kan mij inbeelden dat sommige stalkers niet eens beseffen dat ze in de criminaliteit zitten.

    Bart De Wever stelde afgelopen vrijdag in het VRT-programma "De Afspraak" dat hij zich zorgen maakte over het "amalgaam" in de publieke perceptie, waarbij misdrijven zoals verkrachting en aanranding op één hoop worden geworpen met wat hij "vrijpostig gedrag, avances en iets te ver gaan" noemt en daaraan toevoegt: "Ik zeg niet dat vrijpostig zijn oké is, maar het is geen verkrachting."

    Uiteraard is dat niet hetzelfde, alleen geeft hij daardoor een verkeerd signaal, alsof belaging op zich geen ernstig misdrijf kan zijn. Stalking is veel meer dan "niet oké",  zoals hij dat omschreef.

    Uit studies blijkt dat de gevolgen van stalking voor de slachtoffers overigens niet min zijn. Kenmerkend is dat de effecten afhangen van slachtoffer tot slachtoffer. Dat kan te maken hebben met hun kwetsbaarheid , maar ook met de intensiteit waarop zij belaagd worden en de duur van de belaging. Het kan ook verklaren waarom sommige slachtoffers schijnbaar iets milder reageren dan andere.

    In 2001 rapporteerde een onderzoeker Dr. Mullen reeds in de Psychiatric Times over de dramatische effecten van stalking. Hij schreef over slachtoffers die van werk moesten veranderen, die hun sociale contacten afbouwden of zich afzonderden tot het optreden van ernstige angst­stoornissen, depressies en posttraumatische stresssyndromen of erger. Andere talrijke studies bevestigen dit ten overvloede.

    Er werd ook gewaarschuwd voor de escalatie van stalking en zelfs voor het inschakelen van geweld door bepaalde daders.

    Stalking is veel meer dan "niet oké".

    Waar de maatschappij haar gevoeligheid voor dergelijke misdrijven de laatste 20 jaar behoorlijk heeft aangescherpt, is het begrip en de empathie voor de slachtoffers een andere zaak. Dat verklaart de soms hallucinante reacties op sommige sociale media, waarbij enkele auteurs nog in de bronstijd lijken rond te waren.

    Die gevoeligheid kan men helaas wettelijk niet regelen. De tijd brengt daar allicht raad, vooral wanneer mensen via praatprogramma’s of in human-interestdocumentaires kunnen voelen welke vernielingen stalkers in een mensenleven kunnen aanrichten. Al staan slachtoffers niet te trappelen om naar buiten te komen, dat is ook nu gebleken.

    Ik begrijp de aarzeling bij slachtoffers van stalking maar al te goed, maar doe toch een oproep om naar buiten te komen en samen een sterk maatschappelijk signaal te geven.

    Overigens ben ik zelf, zeer tegen mijn zin, ook ervaringsdeskundige als slachtoffer van belaging en vond ik steun in het recht, want de stalker werd veroordeeld. 

    Wat men anderzijds wel beter kan regelen in de wet is de seksuele variant van belaging, namelijk 'sexual harassment' of seksuele belaging. Seksuele chantage, bijvoorbeeld op het werk, wordt ook niet specifiek geregeld.

    Sommige vormen van seksuele intimidatie vallen weliswaar onder de bestaande wet, maar een afzonderlijk misdrijf is er niet.

    Men kan die misdrijven om te beginnen apart omschrijven en vervolgens ook apart bestraffen.

    Ik begrijp de aarzeling bij slachtoffers van stalking maar al te goed, maar doe toch een oproep om naar buiten te komen en samen een sterk maatschappelijk signaal te geven.

    Belaging is één zaak, seksuele belaging, laat staan chantage, is nog een andere zaak en kan nog ernstiger zijn. In de wet staat weliswaar sedert 2003 een uitbreiding naar discriminatoire belaging, maar dat dekt de lading niet. Het debat over een dergelijk misdrijf is een moeilijk debat, omdat het grenzen zal stellen aan gedrag waar sommigen nog meewarig over doen.

    Anderen reageren angstig omdat een onschuldig compliment plots gevaarlijk zou worden of omdat er een soort zedenpolitie zou opdoemen die elk normaal menselijk contact in de weg zou staan. 

    Dat laatste is natuurlijk onzin. De  grenzen kunnen in alle geval duidelijk zijn als het slachtoffer zelf aangeeft dat het moet ophouden. Stalkers beginnen dan pas. Een nieuwe wet zal ook een duidelijk signaal geven aan de burger van wat kan en wat niet kan. Dat verantwoordt in elk geval een nieuw debat over de bestraffing van 'sexual harassment'. Ik ben alvast voorstander.

    --

    VRT Nieuws wil op vrtnws.be een bijdrage leveren aan het maatschappelijk debat over actuele thema’s. Omdat we het belangrijk vinden om verschillende stemmen en meningen te horen publiceren we regelmatig opinieteksten. Elke auteur schrijft in eigen naam of in die van zijn vereniging. Zij zijn verantwoordelijk voor de inhoud van de tekst.