Video player inladen ...

"Als preventie niet werkt, is repressie nodig. Maar die fase stopt ook"

De politica en veiligheidsexperte Jinnih Beels heeft in "De afspraak" het belang van informatie bij conflicthantering benadrukt. Ze weigert mee te gaan in de retoriek dat er vandaag volop de kaart van repressie moeten trekken. "Ik word in de hoek van een wij-zijverhaal gedrukt. Je hebt enerzijds de softies die de mensen willen bepamperen en aan de andere kant de mensen die voor een harde aanpak staan. Ik zie geen twee kampen. Er moet een evenwicht zijn", aldus Beels.

De 40-jarige Jinnih Beels staat volgend jaar op de tweede plaats in op de gezamenlijke lijst van Groen en SP.A in Antwerpen. De voorbije jaren werkte ze vijftien jaar bij de Antwerpse politie en daarna nog een jaar bij de Mechelse politie.

"In Antwerpen hebben we verschillende incidenten meegemaakt zoals het conflict van de voorbije dagen in Brussel. Zo een conflict komt niet plots uit de lucht gevallen. Er zijn redenen waarom het ontploft is", zegt Beels.

Beels vindt het de taak van de politie om goed geïnformeerd te zijn en te kunnen anticiperen op mogelijke conflicten. "Ik weet dat de rapper van de rellen van zaterdag een oproep gedaan heeft op Facebook of een ander internetmedium. Dat weten is een cruciale fase in de conflicthantering voor de politie. Anders word je gepakt in snelheid, zoals zaterdag en gisteren."

Conflict in Brussel is blijven nasmeulen

Jinnih Beels legt een link tussen de rellen van afgelopen zaterdag en gisteren. "Het incident van gisteren is vlakbij zaterdag. De politie heeft zaterdag geprobeerd de veiligheid te laten weerkeren. Maar ik vrees dat het is blijven nasmeulen het conflict. Dan is er maar een vonkje nodig om de toestand opnieuw te laten escaleren."

Ze duidt op het belang van het volgen van sociale media voor de politiediensten. "De politie moet zich ervan bewust zijn dat dat een instrument is dat jongeren gebruiken. Natuurlijk is dat moeilijk, maar er bestaan manieren om dat te doen."

"Als Ivoorkust en Marokko tegen elkaar spelen en je als politieagent weet dat in je wijk daar veel jongeren van Marokkaanse afkomst wonen, dan weet je dat er veel interesse voor zal zijn. Je moet als wijkagent aanwezig zijn. We moeten de wijkagenten proactief de straat op sturen.  Van een wijkagent verwacht ik dat hij tijdig meldt dat er een match zal zijn waarbij het goed zou zijn om aanwezig te zijn met de politie."

Repressie en preventie gaan hand in hand en moeten in evenwicht zijn

Jinnih Beels is het niet eens met de forse taal van minister van Binnenlandse Zaken Jan Jambon. Die heeft in het parlement een fors repressiebeleid aangekondigd. "Ik word via mijn opiniestuk waarin ik voor preventie pleit, in een hoek geplaatst van een wij-zijverhaal. Je hebt enerzijds de softies die mensen willen bepamperen en aan de andere kant staan mensen die voor een harde aanpak staan. Ik vraag me af waarom we het over twee kampen hebben. Mijn betoog is: Ik wil dat in evenwicht zien."

Beels is het volkomen eens met Jambon dat er repressie nodig is als er rellen zijn. "Als de preventie niet werkt, zitten we in de interventiefase (repressie). Maar die fase stopt ook en dan moeten we kijken naar de nazorgfase."

"De minister van Binnenlandse Zaken heeft voor een deel gelijk. Als de straten worden vernield, dan moet de politie optreden. Maar dat is een onderdeel van een integrale aanpak. Maar als hij zegt dat de tijd voor preventie voorbij is en dat we nu hard gaan optreden. Het is precies alsof ik zeg, laat ze maar doen."

"Je moet weten hoe een conflict ontstaat en hoe de-escalatie mogelijk wordt gemaakt. Je kan niet de-escaleren door enkel maar repressief op te treden. Er komt een punt waarop het geweld stopt en de veiligheid en de rust weergekeerd zijn. Dan is er een fase waarin beide partijen nog veel te kwaad zijn om in dialoog te gaan, maar dat stopt ook. Dat vraagt veel energie van beide partijen om te kalmeren. Dan begint het werk van de wijkagent", aldus Beels.