Had een verlichte autosnelweg het dodelijke ongeval bij Aalst kunnen voorkomen?

Het dodelijke ongeval met de spookrijder op de E40 bij Aalst is gebeurd in het pikkedonker bij gedoofde autosnelwegverlichting. Getuigen wijzen er op dat het ochtendverkeer in de richting van Brussel al helemaal op gang komt op dat vroege uur. Veva Daniëls van “Wegen en Verkeer” zegt in “De wereld vandaag” op Radio 1 dat het aansteken van verlichting niet aan de orde is. “Maar een herziening kan overwogen worden, indien we echt meer signalen zouden krijgen."

In 2011 besloot toenmalig mobiliteitsminister Hilde Crevits (CD&V) de autosnelwegverlichting ’s nachts te doven in heel Vlaanderen. Concreet bleven enkel de op- en afritten heel de nacht verlicht, net als gevaarlijke plaatsen waar er veel verkeersbewegingen zijn. Het besluit kwam om er lichtvervuiling tegen te gaan en  energie te besparen.

Maar intussen deinen files alsmaar uit en beginnen ze steeds vroeger. Getuigen van het dramatische ongeluk in de buurt van Aalst zagen de crash in zeer donkere omstandigheden gebeuren en vragen zich af of het doven van de verlichting een rol kan gespeeld hebben bij het ongeluk. Het ongeluk gebeurde rond half vijf, maar op een drukke weekdag is er op deze plaats op de E40 al bijzonder veel verkeer richting Brussel. Iets wat geldt voor alle intensief gebruikte stukken autosnelweg rond de grote steden.

Veva Daniëls, woordvoerder van het “Agentschap Wegen en verkeer” vertelt in “De wereld vandaag” wanneer er afwijkingen mogelijk zijn: “We zetten enkel het licht terug aan als de wegenpolitie daartoe oproept. Zo’n oproep hebben we deze ochtend gekregen om 4:37 uur. De verlichting is onmiddellijk aangestoken. Ook weervoorspellingen van het KMI kunnen aanleiding zijn om de lichten gepland aan te steken. En tenslotte kunnen wegenwerken een reden zijn.  Onze permanente wachtdienst kan 24 op 24 ogenblikkelijk reageren.”

Maar is de toenemende verkeersdruk, ook in de heel vroege ochtend geen reden om flexibel om te springen met het doven van de verlichting? Kan er op bepaalde momenten of plaatsen afgeweken worden? Veva Daniëls: “We evalueren permanent deze maatregel. Maar zien nog geen reden om hem te herzien, ook niet de toegenomen drukte. Tot zover is het beleid duidelijk, enkel op gevaarlijke punten blijven de lichten aan. De energiebesparing is een enorme winst. Verkeersveiligheid is belangrijk, maar duurzaamheid ook. Die afweging moet je maken.”

Toch laat Daniëls een opening: “Indien we echt meer signalen zouden krijgen over de drukte en de veiligheid, kan een herziening overwogen worden.”

Nog geen onderzoek naar gevolgen van doven van lichten

Voor verkeersdeskundige Willy Miermans is een debat over het doven van autosnelwegverlichting niet aan de orde, ook niet na het dodelijk ongeluk.

“Het doven van de lichten is een van de beste beslissingen van de laatste jaren. Op satellietfoto’s zag je steeds opnieuw hoe België oplicht van uit de ruimte. Het zorgt ook helemaal niet voor onveilige situaties. Integendeel, chauffeurs gaan stiller en voorzichtiger rijden.”

Vergelijkend onderzoek naar de gevolgen van het doven van de autosnelwegverlichting op de Vlaamse wegen bestaat niet. Maar een ding is niet veranderd: België is nog steeds een hel verlichte vlek op satellietfoto’s.