Foto Kurt

Eigenaar slachthuis in Izegem naar Raad van State

De eigenaar van het slachthuis in Izegem, in West-Vlaanderen, trekt naar de Raad Van State omdat hij de sluiting van zijn bedrijf, twee maanden geleden, onterecht vindt. Dat schrijft het Nieuwsblad. Het slachthuis kwam toen in opspraak nadat er beelden waren opgedoken van ernstige dierenmishandeling.

Minister van Dierenwelzijn Ben Weyts (N-VA) besloot in september om het slachthuis van Louis Vebist een tijdlang te sluiten. Dierenrechtenorganisatie Animal Rights had er beelden gemaakt vanop de slachtvloer en daarop was te zien hoe runderen mishandeld werden voor ze werden geslacht.

Louis Verbist blijft ervan overtuigd dat het niet om dierenmishandeling gaat. "Sommige personeelsleden werken hier al 25 jaar, die zullen toch wel weten hoe ze met dieren moeten omgaan." Maar wat Verbist nog erger vindt, is de tijdelijke sluiting van zijn slachthuis in opdracht van Weyts. " Die sluiting was namelijk onterecht en daardoor heb ik heel wat klanten verloren. Van mijn klantenbestand blijft nog maar 20 tot 30 procent over."

Volgens Verbist zijn de controles die werden uitgevoerd door de dienst Dierenwelzijn slechts een momentopname. "Die mensen zijn hier om 6 uur toegekomen op een moment dat er nog niet geslacht werd. Ze hebben dan hier een tijdje op kantoor gezeten en zijn dan weer naar Brussel vertrokken. Twee uur later moest ik mijn slachthuis sluiten, dat kan toch niet? Waarom zijn ze hier bijvoorbeeld geen twee weken lang komen meelopen?"

Daarom trekt Verbist nu naar de Raad van State. "Ik hoop dat zo duidelijk wordt dat de sluiting van mijn bedrijf onterecht was. En ik wil eerherstel." Hoewel het slachthuis ondertussen wel weer geopend is, worden er  voorlopig geen dieren meer geslacht. "Te weinig klanten", zegt Verbist, "het personeel is technisch werkloos. Mijn klantenbestand weer opbouwen zal niet eenvoudig zijn."