Video player inladen ...

Aantal hiv-diagnoses met bijna tien procent gedaald

Vorig jaar zijn er in ons land bijna 10% minder hiv-diagnoses gesteld dan in 2015. Dat blijkt uit cijfers van het Wetenschappelijk Instituut Volksgezondheid. Specifiek bij de populatie homomannen daalt het aantal hiv-diagnoses voor het eerst, en meteen met 8 procent.

In 2015 werden nog ruim 1000 nieuwe hiv-diagnoses gesteld, tegenover 915 vorig jaar, een daling van 9,8 procent. Tegenover 2012 zijn er zelfs 25 procent minder diagnoses gesteld. Het aantal diagnoses bij homomannen ligt 8% lager dan vorig jaar. Tegenover 2013 ligt het aantal diagnoses bij homomannen in 2016 ruim een vijfde lager, zo blijkt uit cijfers van het Wetenschappelijk Instituut Volksgezondheid.

Het humaan immunodeficiëntievirus komt in ons land vooral voor bij twee populaties: homomannen met een Europese nationaliteit, of heteroseksuele mannen en vrouwen afkomstig uit Midden- en Zuid-Afrikaanse landen die het virus hebben opgelopen via seksueel contact. De daling van het aantal hiv-diagnoses doet zich voor bij beide groepen. Vooral het aantal diagnoses bij homomannen is het voorbije jaar fors gedaald, voor de allereerste keer. Tussen 2012 en 2016 is het aantal diagnoses bij heteroseksuele patiënten met 35 procent gedaald.

Sensoa: “Verschillende preventiemethodes werpen vruchten af”

“Het totale aantal hiv-diagnoses in ons land zat van 1997 tot piekjaar 2012 altijd in de lift. Sindsdien zien we een kentering. Dit is bovendien de eerste keer dat we zo’n daling zien bij homomannen”, zegt Boris Cruyssaert van Sensoa. “We zien dat deze groep zich vaker laat testen op hiv dan hetero’s. In totaal zijn er vorig jaar ruim 5 procent meer hiv-testen uitgevoerd dan in 2015.”

Sensoa is blij dat de jarenlange inzet op de preventie en behandeling van hiv zijn vruchten afwerpt. Vooral de combinatie van verschillende elementen blijkt succesvol: er moet niet enkel aandacht zijn voor sensibilisering over veilig vrijen, ook beschikbaarheid van condooms en glijmiddel én van hiv-testen speelt daarin een rol, net als een snelle behandeling nadat een eventuele hiv-diagnose is gesteld.

“Hiv-testen, inzetten op preventie én behandeling gaan inderdaad hand in hand, en vormen samen de verklaring voor deze daling”, zegt Cruyssaert. “Hoe sneller de diagnose gesteld wordt, hoe sneller de behandeling kan opgestart worden, en hoe sneller de hoeveelheid virus in het bloed van de patiënt kan dalen, tot een niveau dat hiv niet langer detecteerbaar is. Op dat moment is iemand met hiv niet meer besmettelijk.”

De Block: “Effect terugbetaling hiv-remmer nog afwachten”

Ook minister van Volksgezondheid De Block (Open VLD) is blij met de daling van het aantal hiv-diagnoses. Steeds meer mensen laten zich testen op hiv, waardoor een eventuele diagnose steeds sneller na de overdracht kan worden gesteld. Ook de verkoop van hiv-zelftesten zonder voorschrift is een stap in de goede richting. Sinds de test ongeveer een jaar geleden op de markt kwam, zijn er ongeveer 12.000 exemplaren verdeeld op de Belgische markt. De tests zijn een belangrijk hulpmiddel om hiv op te sporen. De diagnose van de besmetting moet nog bevestigd worden door een arts.

De Block verwacht ook de komende jaren nog een verdere daling. Sinds midden dit jaar wordt hiv-remmer PrEP Truvada immers terugbetaald. Het preventiemiddel wordt gebruikt door mensen zonder hiv om een infectie te voorkomen. “Ik ben blij dat er minder besmettingen worden vastgesteld. Dat bewijst dat we de juiste preventiemaatregelen nemen en al genomen hebben. Het mogelijk effect van de PrEP-terugbetaling kunnen we vanaf volgend jaar nagaan.”