Een voorstelling van het planetenstelsel rond Trappist-1 gezien vanaf een punt in de buurt van planeet Trappist-1f (rechts) (Illustratie: NASA/JPL-Caltech)

Zoektocht buitenaards leven moeilijker dan verwacht: ozon kan zich verstoppen

De vreemde luchtstromen op enkele exoplaneten maken dat onderzoekers hun strategie om te zoeken naar buitenaards leven, zullen moeten bijsturen. Onderzoek van de KU Leuven doet veronderstellen dat de samenstelling van de atmosfeer rond die planeten niet overal hetzelfde is. Dat maakt dat stoffen waarnaar de onderzoekers op zoek zijn als aanwijzing voor het bestaan van leven, zich kunnen "verstoppen".

Wetenschappers zijn al een tijdje op zoek naar buitenaards leven op exoplaneten, planeten die niet rond de zon draaien, maar rond een andere ster. In die zoektocht kijken de onderzoekers onder andere naar de samenstelling van de atmosfeer rond de planeten.

Als ze er chemische stoffen vinden zoals zuurstof of ozon, een variant van zuurstof, is de kans weer net iets groter dat er leven zoals wij het kennen op de oppervlakte mogelijk of aanwezig is. Het onderzoek van doctor Ludmilla Carone van het Max Planck Instituut, professor Leen Decin van de KU Leuven en hun collega’s toont aan dat deze chemische stoffen misschien beter verstopt zijn dan we eerder dachten.

De winden en de temperatuur op de dagzijde van een aantal exoplaneten (Illustratie: Ludmilla Carone).

Als we in de atmosfeer van een exoplaneet geen chemische stoffen vinden die op leven kunnen duiden, wil dit niet noodzakelijk zeggen dat deze stoffen er niet zijn.

Ludmilla Carone

Verspreiding ozon

De onderzoekers bekeken hoe ozon zich verspreidt in de atmosfeer van enkele van de dichtstbijzijnde exoplaneten die het potentieel hebben om leven te herbergen: Proxima Centauri b en TRAPPIST-1d en 1b. Beide planeten zijn altijd met dezelfde kant naar hun respectievelijke zon gericht, waardoor zij een warme "eeuwige dagzijde" en een koude "eeuwige nachtzijde" hebben.

Dit heeft een grote invloed op de luchtstromen op deze planeten. En het zijn net deze luchtstromen die de samenstelling van de atmosfeer rondom de planeten bepalen.

 “Op de aarde lopen de luchtstromen van de evenaar naar de polen. Daardoor geraakt de ozon in onze atmosfeer mooi verdeeld over de hele planeet. Op Proxima Centauri b en TRAPPIST-1d en 1b leiden de luchtstromen van de polen naar de evenaar, waardoor de ozon zich aan de evenaar opstapelt”, zegt professor Leen Decin op de nieuwswebsite van de KU Leuven.

“Als we in de atmosfeer van een exoplaneet geen chemische stoffen vinden die op leven kunnen duiden, wil dit niet noodzakelijk zeggen dat deze stoffen er niet zijn. Misschien zitten ze niet verspreid over de hele planeet, maar geconcentreerd op bepaalde plaatsen waar we nog niet gekeken hebben of waar we niet kunnen kijken”, vult Ludmilla Carone aan. Dat betekent dus dat de onderzoekers er niet mogen van uitgaan dat dergelijke stoffen overal mooi verspreid zullen zitten in de atmosfeer en hun zoekstrategie naar buitenlands leven zullen moeten aanpassen.

Carone, Decin en hun collega’s publiceren hun onderzoek in de Monthly Notices of the Royal Astronomical Society. Eerder hadden Cardone, Decin en professor Rony Keppens ook al aangetoond dat de luchtstromen maken dat exoplaneten die steeds met dezelfde kant naar hun ster gericht zijn, niet noodzakelijk een verschroeiend hete kant hebben en een ijskoude.