© Bernal Revert - creative.belgaimage.be

“Geen slecht opgeleide en uitgeruste agenten meer bij betogingen”

Vanaf januari zal er een nieuwe omzendbrief gelden voor het uitwisselen van politieagenten bij geplande evenementen. De kleine politiezones zullen alleen nog moeten bijspringen bij lichtere opdrachten, zoals een kerstmarkt of een voetbalmatch. De grotere zones krijgen zwaardere opdrachten.

Al bijna 20 jaar, sinds de politiehervorming, bestaat er tussen de politiezones in ons land een solidariteitssysteem. Wanneer er geplande activiteiten zijn in één zone, moeten politieagenten uit een andere zone kunnen bijspringen. Het is wettelijk bepaald dat ze een bepaald percentage van hun personeel moeten vrijhouden voor dat type opdrachten.

In de praktijk waren er wel heel wat problemen. “Politieagenten uit Brussel zijn het zware werk wel gewoon, maar het gebeurde wel eens dat agenten uit kleine zones moesten opdraven bij bijvoorbeeld zware betogingen terwijl ze daar noch voor opgeleid, noch voor uitgerust waren”, zegt Nico Paelinck van de Vaste Commissie van de Lokale Politie.

Dat probleem moet met de nieuwe regeling verholpen worden: alleen agenten uit grote zones met meer dan 75 personeelsleden zullen nog voor zwaardere opdrachten worden ingezet. In een zone met minder dan 75 agenten zal het eerder gaan om de zogenaamde recreatieve ordehandhavingsopdrachten, zoals een festival of een kerstmarkt.

Een ander probleem was de weigering van bepaalde zones. “Sommige politiezones zeiden systematisch nee, en dat kan natuurlijk niet. In de nieuwe omzendbrief wordt het sanctiemechanisme hernomen dat al lang in de wet staat.

"Maar nu zal het ook echt worden toegepast", zegt Olivier Van Raemdonck, de woordvoerder van Minister van Binnenlandse Zaken Jambon: “Bij weigering zal er automatisch een onderzoek komen om uit te maken of er eventueel sprake is van onwil. Als dat zo is, zal een deel van de dotatie aan die politiezone worden ingehouden”.

Kritiek

Maar er komt toch kritiek op de nieuwe regeling. Korpschef Walter Vranckx van de kleine politiezone Lubbeek ziet een probleem. "Ik moet volgens die regeling mijn mensen niet meer trainen voor openbare orde, en ik moet ook geen materieel meer aankopen zoals helmen of slagvesten. Maar ik zal wél moeten bijspringen bij een onverwacht incident met een geweldadige samenscholing waarbij collega's in nood zijn. Zonder dat ik mijn mensen getraind heb in openbare orde. Dan kennen ze die modi operandi niet meer. Ze kennen de bevelen niet, zijn niet meer getraind om in grote groep op te treden. Dan denk ik dat ik mijn mensen ernstig in gevaar ga brengen."

"In het arrondissement Leuven gebeuren misschien niet de meest gewelddadige dingen. Maar men heeft wel een aantal recreatiedomeinen op ons grondgebied, in Vlaams-Brabant en ook in het arrondissement Leuven, zoals de Halve Maan", zegt Vranckx. "Het kan zijn dat daar zware rellen ontstaan in de vakantie en dat daar collega's ingesloten geraken. Dan moet je bijstand leveren natuurlijk, dat is logisch. Maar stuur ik daar mijn mensen naar toe zonder dat ze getraind zijn of helmen bijhebben? Dan riskeer ik dat mijn mensen met kwetsuren terugkomen."

De korpschef overweegt om nu met de grote politiezones aan te sluiten. "Op die manier zullen mijn mensen wel getraind zijn in pelotonsopdrachten en dergelijke, en dan ga ik dus toch investeren in de nodige handhavingsmiddelen. Misschien moeten we dan met verschillende zones investeren in een zogenaamd 'voertuig openbare orde', want dat wordt niet meer ter beschikking gesteld."