Shkreli eerder dit jaar tijdens een interview. AP

Aanklager wil uniek album Wu-Tang Clan van Martin Shkreli in beslag nemen

In de VS wil de openbare aanklager het enige exemplaar in beslag nemen van het album "Once Upon a Time in Shaolin" van de hiphopgroep Wu-Tang Clan. Dat unieke album werd in 2015 gekocht door gewezen farma-ceo Martin Shkreli voor zo'n 2 miljoen dollar. Volgens de aanklager heeft de veroordeelde miljonair 7,36 miljoen dollar verdiend aan beleggingsfraude, en Justitie wil dat geld in beslag nemen.

Martin Shkreli verdiende miljoenen als ceo van een farmaceutisch bedrijf dat onder meer een hiv-remmer maakt die aidspatiënten veel gebruiken. In 2015 verhoogde hij de prijs daarvan ineens met 5.000 procent, wat hem de titel opleverde van "meest gehate man in Amerika". 

Verleden jaar werd hij veroordeeld voor fraude bij twee beleggingsfonds en een biotechnische firma, iets waar hij volgens "een conservatieve schatting" van Justitie 7,36 miljoen dollar zou verdiend hebben. 

Om dat geld in beslag te nemen, wil Justitie nu zijn borgsom van 5 miljoen dollar in beslag nemen, Shkreli's aandelen van Turing Pharmaceuticals, het farmaceutisch bedrijf dat hem berucht maakte door de prijs te verhogen van het geneesmiddel Daraprim, het album van Lil Wayne "Tha Carter V;" een Enigma-machine uit de Tweede Wereldoorlog en een schilderij van Picasso.

En dus ook het enige exemplaar van "Once Upon a Time in Shaolin" van de WU-Tang Clan. Na zijn veroordeling heeft Shkreli het album op eBay gezet, waar er al meer dan een miljoen op geboden is. 

Zijn advocaten hebben gezegd dat ze zich ten zeerste zullen verzetten tegen het voornemen van de openbare aanklager. Volgens hen heeft hij aan de fraude niets verdiend, aangezien hij zijn investeerders uiteindelijk meer heeft terugbetaald dan ze in zijn fondsen hadden gestoken.

Shkreli zit intussen in voorarrest omdat hij op Twitter aangeboden had zijn  volgers te betalen als ze aan het haar van Hillary Clinton zouden trekken. Shkreli heeft zich daar later voor verontschuldigd, en gezegd dat het een grapje was, maar daar had Justitie geen oren naar. Op 16 januari is de uitspraak in die zaak gepland.