Nederland investeert opnieuw in het Nederlandstalig onderwijs in het buitenland

De Nederlandse ministers van Onderwijs Ingrid Van Engelshoven (foto) en Arie Slob zorgen vanaf 2018 opnieuw voor middelen voor het Nederlandstalig onderwijs in het buitenland. Dat is bekendgemaakt op het Comité van ministers van de Taalunie. 

Minister Ingrid Van Engelshoven investeert vanaf volgend jaar 3 miljoen euro in het Nederlands onderwijs in het buitenland. “Duizenden Nederlandse en Vlaamse kinderen gaan niet in eigen land naar school, omdat hun ouders in het buitenland werken. Het is belangrijk dat zij goed onderwijs in het Nederlands krijgen. Deze kinderen komen namelijk vaak terug naar Vlaanderen of Nederland en kunnen zo probleemloos instromen in het onderwijs hier."

Bezuinigingen

Het vorige Nederlandse kabinet besloot in 2013 te bezuinigen op het Nederlandse onderwijs in het buitenland. Daardoor moest een almaar groter aantal Nederlandse scholen in het buitenland zijn deuren sluiten.

De Vlaamse minister van Onderwijs Hilde Crevits (CD&V) is tevreden met de beslissing van haar Nederlandse collega. Binnenkort trekt ze naar Nederland om samen te bekijken hoe het taalonderwijs nog kan worden versterkt. 

Compensatie

Ruim 10 procent van de 14.000 leerlingen in de Nederlandse scholen in het buitenland hebben de Belgische nationaliteit. De gelijke toegang van de Vlaamse leerlingen tot Nederlandse scholen in het buitenland past in de bestaande afspraken tussen Vlaanderen en Nederland waarbij dit een soort van compensatie vormt voor het grote aantal Nederlanders in het Vlaams onderwijs.