Video player inladen ...

Hoe twee broers in enkele maanden tijd naar Syrië afreisden: een moeder uit Vilvoorde getuigt

Ze begreep maar al te goed wat er aan de hand was en probeerde uit alle macht te vermijden dat het zo ver zou komen, maar ving bot bij politie en overheid. Uiteindelijk moest ze met lede ogen toezien hoe haar beide zoons van Vilvoorde naar Syrië trokken. Nu rest de moeder van Zacharia en Ismaïl nog één wens: haar kleinkinderen naar België halen. Dit is haar verhaal.

Zes weken, ruwweg de periode tussen Allerheiligen en Kerstmis 2012. Langer duurde het radicaliseringsproces van Zacharia, de oudste zoon van Yasmeen*, naar haar aanvoelen niet. Drie maanden na zijn vertrek naar Syrië reisde ook haar jongste zoon Ismaïl af. Vier jaar later probeert ze nog altijd te begrijpen hoe het is kunnen gebeuren. 

Geronseld

Een vliegtuigticket enkele reis, verborgen onder een blad papier op zijn nachtkastje. Bestemming: Adana, in het zuiden van Turkije. Het is 21 december 2012 en in het hoofd van Yasmeen gaan de alarmbellen af. 

Ermee geconfronteerd stelt haar zoon Zacharia, 22, dat hij vluchtelingen wil gaan helpen in de kerstvakantie. In België is het dan toch maar koud en vochtig. Niet eens zo’n onwaarschijnlijke uitleg. Zacharia is een geëngageerde jongen, gaat op zaterdag met Resto du Tawhid voedsel en kleding uitdelen aan Brusselse daklozen aan het Noordstation. 

Als je daklozen in Brussel kan helpen, waarom dan niet hulpbehoevende broeders in Syrië?

Dat daar jongens geronseld worden om naar Syrië te vertrekken, zal Yasmeen pas later te weten komen. Als je daklozen in Brussel kan helpen, waarom dan niet hulpbehoevende broeders in Syrië? Dat soort manipulatieve vragen worden daar gesteld.

Toch vertrouwt Yasmeen het zaakje dan allang niet meer. Haar zoon is de voorbije weken wel erg vaak naar de moskee beginnen gaan, draagt nu ook een djellaba en laat een baard staan. De therapeut die ze bezoekt, suggereert dat Zacharia de scheiding van zijn moeder en het hertrouwen van zijn vader een plaats probeert te geven. Het zal wel overgaan.

Wanneer ze na Kerstmis de politie van Schaarbeek opzoekt, stuurt die haar van het kastje naar de muur. Haar zoon is immers meerderjarig, en dus kan hij niet tegengehouden worden om naar Syrië af te reizen. Ten einde raad neemt Yasmeen hem zijn paspoort, identiteitskaart en bankkaarten af. Pas na de kerstvakantie, wanneer Zacharia wat gekalmeerd lijkt, geeft ze hem die terug. 

Op de avond van 17 januari 2013 krijgt Ismaïl een sms van zijn oudere broer. Vanuit Turkije. 

Onverrichterzake

Vijf dagen later al reist Yasmeen haar zoon achterna. In Adana vindt ze de telefoonwinkel vanwaar hij gebeld heeft, de taxi die hem vervoerd heeft en het hotel waar hij vruchteloos slaapplaats heeft proberen regelen bij een uitbater die onraad rook. Maar Zacharia zelf is dan al de grens overgestoken, samen met een tiental andere jongens in één bestelwagen, vertelt die uitbater nog. Onverrichterzake keert Yasmeen terug naar België. 

Enkele maanden later volgt zijn jongere broer Ismaïl in zijn spoor. 

Een foto van Ismaïl in het huis van Yasmeen. Op zijn zestiende trekt hij naar Syrië, zijn grote broer achterna.

Yasmeen had gezien hoe dezelfde ronselaars zich nu richtten op nog jongere en makkelijker beïnvloedbare prooien, en probeerde alles om hem tegen te houden. Ze stapte naar de politie, wilde zijn gsm zelfs laten afluisteren, maar kreeg er opnieuw het deksel op de neus: zolang Ismaïl niets verkeerd doet, kunnen zij ook niet ingrijpen.

In de paasvakantie van 2013 neemt Ismaïl, dan amper zestien, samen met zijn vriend Bilal – nota bene nog een jaar jonger – de bus naar Zaventem. Op een of andere manier raken ze door de paspoortcontrole. De Syrische grens, dan nog zo lek als een zeef in de uitdijende burgeroorlog, vormt daarna geen obstakel.

Militaire training

Yasmeen slaagt er via Skype en Whatsapp in contact te blijven houden met haar zonen. Ze komt te weten dat ze zich aangesloten hebben bij Al-Nusra, de Syrische branche van Al Qaeda die in het pre-IS-tijdperk het grootste aantal jihadi’s weet te enthousiasmeren. De ene keer zeggen ze dat ze in Aleppo verblijven, de andere keer in Deir ez-Zor.

Zacharia (rechts), alias Abu Yahya Al-Belgiki, aan het stuur van een wagen in een IS-video.

Al snel wordt duidelijk dat een terugkeer onmogelijk is. Hen onmogelijk gemaakt wordt door Al-Nusra, volgens Yasmeen.

Zacharia, of Abu Yahya al-Belgiki zoals zijn strijdnaam luidt, en z’n jongere broer Ismaïl krijgen een militaire training. Op de momenten wanneer Yasmeen hen te spreken krijgt, blijkt een echt gesprek er niet in te zitten. Ze zijn gebrainwasht, omgeven door fanatici en een discours over ongelovigen. Wel houdt Zacharia vol dat hij enkel instaat voor de bewaking van grensposten, en niet actief deelneemt aan gevechten aan het front (een bewering die moeilijk te verifiëren is, nvdr).

Twee minderjarigen raken zonder probleem door de douane, maar een bomma houden ze tegen

Vanuit België kan hun moeder niets beginnen. Wanneer IS in Syrië begin 2014 het jihadistische landschap door elkaar schudt, geven Zacharia en Ismaïl hun moeder te verstaan dat ze terug willen. Maar dan is het allang te laat. Zij raken Syrië niet uit en Yasmeen slaagt er niet in Turkije te bereiken; ze wordt tegengehouden op de luchthaven.

“Twee minderjarigen raken zonder probleem door de douane, maar een bomma houden ze tegen”, blikt Yasmeen daar vandaag de dag verontwaardigd op terug.

Gesneuveld?

Terwijl Bilal, de vijftienjarige vriend die Ismaïl vergezelde naar Turkije, al enkele maanden later terugkeert naar België, heeft Yasmeen haar kinderen tot de dag van vandaag niet meer teruggezien.

Zacharia wordt in februari 2015 bij verstek veroordeeld tot vijf jaar cel op het Sharia4Belgium-proces in Antwerpen. Maar die straf zal hij wellicht nooit uitzitten. 

Als ze met dezelfde ijver mijn jongens in Zaventem hadden tegengehouden, dan zaten we hier nu niet

De bombardementen van de anti-IS-coalitie, waarover hij zich in de gesprekken met zijn moeder vaak zorgen maakte, kosten Zacharia op een maandag in januari 2017 hoogstwaarschijnlijk het leven in de buurt van Tabqa, ten westen van Raqqa.

Hoogstwaarschijnlijk, omdat het niet de eerste keer zou zijn dat een IS’er zijn dood veinst om onder de radar te duiken, en zo makkelijker Syrië uit te kunnen vluchten.

Maar Yasmeen twijfelt niet. Vier dagen nadat haar zoon naar eigen zeggen aan haar verschijnt op het moment van zijn dood, ontvangt ze een bericht van Ismaïl. Zijn grote broer is tot Allah geroepen. 

Kleinkinderen

Zacharia laat een weduwe achter, een Franse vrouw waar hij in Syrië mee getrouwd is, en hun twee kleine kinderen – de kleinzonen van Yasmeen.

Heeft ze haar oudste zoon moeten opgeven, dan hoopt Yasmeen ooit haar kleinkinderen in haar armen te kunnen sluiten. Maar vier jaar nadat ze haar zonen door haar vingers zag wegglippen, botst ze ook nu weer op de autoriteiten.

Yasmeens schoondochter en kleinkinderen zouden Syrië uit moeten raken, zich in Turkije aanmelden bij de Belgische ambassade, daar een DNA-test ondergaan om te bewijzen dat de kinderen wel degelijk van Zacharia zijn, waarna ze misschien naar België zouden kunnen komen. Een bijna onoverkomelijke aaneenschakeling van hindernissen, maar op hulp van de overheid hoeft ze niet te rekenen.

“Als ze met dezelfde ijver mijn jongens in Zaventem hadden tegengehouden, dan zaten we hier nu niet”, zucht ze.

Niet in de paperassen

En dan is er nog de broer van Zacharia, natuurlijk. 

Van Ismaïl ontbreekt elk spoor. Niet dat dat zo ongewoon is: uit angst dat ze verraden zouden worden door de locatiegegevens van hun gsm’s, krijgen IS’ers in de nadagen van de strijd wel vaker een telefoonverbod opgelegd. Evenmin duikt zijn naam op in de paperassen van Turkse gevangenissen of Syrische vluchtelingenkampen. 

Zijn moeder hoopt “meer dan ooit” op zijn terugkeer.

(*) Yasmeen is een schuilnaam.