Meest recent

    Gespleten Amerika (deel 2)

    Elke week kijkt onze man in Amerika verwonderd naar het kleine en het grote leven in de Verenigde Staten. In dit eindejaarsweekend brengt hij een kroniek in twee delen over het failliet van de grote politiek en de triomfantelijke terugkeer van de kleine, lokale democratie. Vandaag deel 2: hoe kunnen rood en blauw Amerika weer leren opschieten met mekaar?

    Er zijn twee Amerika’s en die verschillen als dag en nacht. (Lees meer hierover in deel 1) De twee Amerika’s begrijpen mekaar al een kwarteeuw niet meer, en het zal er de komende jaren niet op verbeteren. De bitterheid en polarisatie in de twee kampen nemen nog toe. Hoe kunnen rood en blauw Amerika weer leren opschieten met mekaar? Hoe ervoor te zorgen dat ze mekaar niet naar het leven blijven staan?

    Richard Florida bepleit meer macht en meer bevoegdheid voor de steden en de lokale overheden. Je ziet ook hoe de lokale macht toeneemt. Op kleine schaal gebeurt het al in blauw Amerika – waar ik woon -, met collectieve stadstuintjes, groenten-coöperatieven die duurzamer voedsel met minder afval op de markt willen brengen.

    Je ziet het evenzeer in rood Amerika: kleine vervallen industriestadjes die zich langzaam uit de ellende bevrijden door vervallen huizen goedkoop te verkopen aan jonge mensen, die de huizen vervolgens opknappen. Ik zag het bij John Fetterman, de charismatische boomlange burgemeester van Braddock in Pennsylvania, die zijn eigen garage liet verbouwen tot een goedkoop restaurant waar arme burgers uit zijn gemeente samen een maaltijd kunnen nuttigen. 

    Connectie

    Wereldwijde handel, globalisme, heeft vele mensen ontwricht. En het houdt nog lang niet op. Veel Amerikanen begrijpen de wereld niet meer. Al in 1996 beschreef de Amerikaanse politicoloog Benjamin Barber de verwoestende effecten van de globale wereld in zijn boek "Jihad vs. McWorld". Mensen willen weer ergens deel van uitmaken. Dat is eigen aan onze menselijke natuur, onze condition humaine: lid van zijn van een groep, een club, weer meetellen, een identiteit hebben. Zo niet, dan stevent de samenleving af op haar ondergang: de totale afkeer en vervreemding. In sommige gevallen leidt die vervreemding tot radicalisering en terreur.

    Technologie maakt ons leven simpeler maar helaas ook nodeloos druk en ingewikkeld. De mens wordt gebombardeerd door nieuwigheden. Als een lawine die je kan begraven. Technologische vooruitgang verwart en maakt onzeker. Het maakt de economie rijker, geeft meer vrije tijd, verhoogt de levensstandaard, haalt velen uit de armoede, maar stort er velen ook weer in. De achterblijvers. We mogen nooit vergeten dat mensen vooral connectie zoeken met andere mensen. Connectie vind je altijd lokaal. 

    Veel mensen zijn de debacles moe en willen zélf iets doen.

    Benjamin Barber bepleitte ook de oprichting van een internationaal platform voor burgemeesters van grote steden: The Global Parliament of Mayors. Barber stelt dat het oprukkende populisme alleen gestopt kan worden als mensen weer het gevoel krijgen dat ze de controle heroveren over hun leven. Hoe dat beter te doen dan door betrokkenheid op lokaal niveau? Lokale actie kan extra motiveren, zeker als het bovenlokale beleid faalt. Veel mensen zijn de debacles moe en willen zélf iets doen.

    Spoiler alert: progressieve, hoog opgeleide mensen wonen al te vaak naast mensen die helemaal op hen gelijken en het altijd met mekaar eens zijn. In hun echokamer van het grote morele gelijk. Dat nodigt niet uit tot vechtende gedachten en nieuwe ideeën. Een mentaliteit die vaak ook neerkijkt op de arbeidersklasse. Omgekeerd geldt het natuurlijk ook: Trumpianen wonen ook vaak bij mekaar, kijkend naar hun eigen tv-kanalen, hetzelfde eten en drinken, en met hetzelfde soort pick-uptruck rijden. Elk in zijn eigen wereld. 

    Ik vind het de rijkdom van mijn buurt en mijn straathoek dat hier ook nog “de anderen” leven: de verschoppelingen, de arbeiders, de verslaafden, de uitkeringstrekkers. Met hen elke dag een praatje slaan doet je soms versteld staan over hoe het leven voor de ander écht is. Reality check.

    Verzet

    De meeste progressieve ideeën ontstaan logischerwijs op plekken waar veel mensen samenleven. Vooruitgang ontstaat daarom – uiteraard - het snelst in steden. Neem nu de uitstap van Trump uit het Parijse klimaatakkoord. Steden kwamen vervolgens in opstand tegen de beslissing en gaan nu zonder de federale overheid de strijd tegen klimaatopwarming voeren. In mijn stad, New York, zullen voortaan alleen nog (hybride) elektrische bussen rijden. New York heeft op zijn eentje beslist om tegen 2040 de CO2-uitstoot met  80 percent terug te dringen. 

    Intussen hebben zeker 300 burgemeesters (die 60 miljoen Amerikanen besturen), 13 gouverneurs, 300 universiteitsrectoren, duizend bedrijfsleiders en investeerders een coalitie gesloten om Parijs wél uit te voeren. Zoals Trump de EU (ongewild) sterker maakt door zijn nukkige dwarsliggergedrag, zo maakt Trump ook (onbedoeld) lokaal Amerika weer sterk. Het verzet is wakker geworden. Never waste a good crisis.

    Het verzet is wakker geworden. Never waste a good crisis.

    Democratie kan alleen overleven in deze ingewikkelde tijd door op microniveau betrokkenheid te stimuleren. Ook burgerlijk verzet wordt geboren in buurten, in wijken, niet in parlementen. De posters "Immigranten en vluchtelingen welkom" hangen hier overal, aan zowat elk café- en winkelraam. Voor democratie heb je bewuste burgers nodig, minder onwetendheid, en het gevoel dat je bakens kunt verzetten door wat je zegt en doet.

    Als al die lokale gedachten zich verenigen, dan krijg je een soort verenigde naties van steden, gemeenten, wijken en dorpen. Hoe meer Trump stedelijk Amerika aanvalt, hoe meer mensen zich organiseren in lokaal verzet en protest. Dat gebeurt niet altijd met een betoging waar een camera op staat, heus niet. 

    Praktische geesten

    Ook op de Amerikaanse prairies vind je nu al boeren en ranchers die windturbines en zonnepanelen installeren. Omdat dat praktisch is, omdat het hen dure energiekosten bespaart. Het brengt op, namelijk. Begin tegen die boer niet over de klimaatstrijd. Spreek met hem wel over propere lucht, gezonde grond en helder drinkwater. Dan doet zo’n boer gewoon mee. Amerikanen zijn – door hun lot om altijd nieuwe grenzen over te steken – praktische geesten, geen theoretische ideologen. 

    Kijk naar de ziekteverzekering. Bijna alle Amerikanen willen goedkopere medicijnen en betaalbare zorg voor ouderen en minder bemiddelde medeburgers. Zolang ze het zelf niet hoeven te betalen. Maar noem dat alles  alsjeblieft geen Obamacare. Dan gaan ze steigeren. Ze haten Obamacare. Noem je het ACA, of Affordable Care, en ze zijn grote fan. Terwijl het gewoonweg hetzelfde is. Die ene naam (Obama) werkt als een rode lap op een stier. Alles is marketing. Zo vernam ik uit een boeiende artikelenreeks ("Undivided America") in Business Insider dat Obamacare in Kentucky populair werd onder de geheel andere naam KYnect. Mensen zitten vreemd in mekaar soms. 

    Begin tegen die boer niet over de klimaatstrijd. Spreek met hem wel over propere lucht, gezonde grond en helder drinkwater. Dan doet zo’n boer gewoon mee. 

    Het is op het lokale niveau, op het praktische niveau, dat de dingen snel kunnen bewegen en veranderen. Het is niet op federaal Amerikaans niveau dat minimumlonen gaan stijgen, wel op het lokale niveau, zoals onlangs in Minneapolis. Daar stuwde de gemeenteraad in één keer het minimumloon van 7 naar 15 dollar per uur. De fooicultuur (verwerpelijke praktijk soms) verdwijnt op meer en meer plekken in de VS. Andermaal, op lokaal vlak. In staten als Oregon en Washington verhogen almaar meer steden en gemeenten de restaurantprijzen om de fooicultuur overbodig te maken. Helaas, met perverse gevolgen soms. Het doet restaurants kennelijk minder volk in dienst nemen. De goed bedoelde maatregel om een basisloon te verhogen loopt uit op vernietiging van werkgelegenheid. 

    Oplossingen zijn bijna altijd lokaal geboren. Dicht bij het herkenbare leven van elke dag. Leraren, buurtbewoners of gepensioneerden zijn de nieuwe activisten van deze tijd. Zij gaan in verzet tegen de Trump en zijn trawanten. Zoals ik de zwarte burgerrechtenactiviste Angela Davis hoorde zeggen op de grote vrouwenmars van 21 januari 2017, één dag na de eedaflegging van de nieuwe president: "The next 1.459 days of the Trump administration will be 1.459 days of resistance. On the ground, in the classrooms, on the job, in our art and in our music… We who believe in freedom cannot rest until it comes."

    Ondanks de president

    Het was trouwens ook niet president Obama die het homohuwelijk wettelijk maakte in de VS. Het was het Hooggerechtshof, na een aantal lokale klachten en rechtszaken, onder meer in Tennessee, Michigan, Kentucky en Ohio. De veranderingen gebeuren heel vaak ondanks en niet dankzij de nationale politiek. Ondanks de president ook. Een land kan geruisloos veranderen zonder dat iemand het merkt. 

    Verandering begint lokaal en breidt zich uit als een olievlek, van de ene plek naar de andere. Dat ging zo voor de aanvaarding van het homohuwelijk, dat gaat zo voor de aanvaarding van marihuana in steeds meer stukken Amerika. Een centrale overheid kan het anders willen, maar een olievlek hou je niet tegen. Een federale overheid kan geen intolerantie opleggen. En burgemeesters hebben nog een voordeel: ze kunnen geen kernoorlog beginnen. Burgemeesters kun je amper nog herkennen als Democraat of als Republikein, ze lijken partijloos en kunnen Amerika echt weer groot maken. Ze zijn uit op goed bestuur en de vooruitgang van hun burgers. Herkenbaar leiderschap. Waarom worden die mannen of vrouwen geen president, vraagt planoloog Richard Florida zich niet onterecht af.

    De echte verandering gebeurt op lokaal niveau.

    Laat u zich dus niet vangen door spectaculaire presidentiële besluiten van Donald Trump. Camera’s vertellen nooit het hele verhaal. Wat met veel kaas en spektakel wordt aangekondigd, is vaak een storm in een glas water, omdat het vaak gaat om wilsbeschikkingen, intenties, niet om afdwingbare wetten. Vaak worden die besluiten ook lokaal aangevochten en (dus) weer ingetrokken. De echte verandering gebeurt op lokaal niveau. Zoals in een échte federale staat. Wij Belgen kennen dat een beetje. 

    “All politics is local.” Politiek niet als partijpolitiek, maar als politieke realiteit: de pogingen om de maatschappij te veranderen beginnen bij de basis, de "grass roots" zoals dat hier heet. Laten we daar eens bij stilstaan. Waarom zou een natie van 330 miljoen Amerikanen in 50 staten, 350 megasteden, 3000 districten en duizenden kleine steden en gemeenten, er voor kiezen om zo veel macht aan één persoon en één ambt te geven? En daar alle belang aan te hechten. Amerika is toch geen absolute monarchie?

    Amerikaanse Lente

    Laat u zich vooral niet van de wijs brengen door boze tweets of vulgaire uitlatingen van de Amerikaanse president. Het is een schaduwgevecht, een  side show. Het vertrouwen in de centrale overheid in DC staat overigens op een historisch dieptepunt, op 20 procent. Het vertrouwen in de lokale overheid piekt naar 75 procent. Een wereld van verschil. 

    Lokale overheden zijn de echte laboratoria van de democratie in de VS. Zoals Hawaï op zijn eentje tegen 2045 klimaatneutraal wil zijn. Het lijkt bijna op een soort Amerikaanse Lente. Wij media moeten dus een keer leren om onze focus te verleggen…

    Echte verandering gebeurt bijna nooit voor onze ogen, maar bijna altijd achter onze rug.