En nog een knal van twintig euro!

Louis van Dievel, schrijver en journalist, kijkt elke week met een guitige blik naar de kleine en grote actualiteit. Vandaag: vuurwerk aan de grens.

opinie
Louis van Dievel
Louis van Dievel is schrijver en journalist. Hij was journalist bij VRT NWS.

Ik heb dertig jaar in een vuurwerkgekke streek gewoond. En gekte is dan nog zwak uitgedrukt. De nabijheid van Nederland is er niet vreemd aan. Ik kom daar nog op terug. Jaren na elkaar heb ik op 31 december tegen middernacht de uitkijktoren van de Kalmthoutse Heide beklommen; voor een echt weids uitzicht op de grensstreek – honderdtachtig graden, van Bergen op Zoom tot Roozendaal! - moest je daar zijn. Ieder jaar moest je wat vroeger op post zijn. Omdat de toren populair werd en de plaatsjes beperkt waren, om te beginnen. Maar vooral omdat het vuurwerk dat het oude jaar uitzwaait en het nieuwe jaar verwelkomt steeds vroeger werd afgeschoten. 

Vanaf een uur of elf al, op den duur, flitsten er vuurwerkpijlen het zwerk in. Geduld is niet de grootste deugd van de doorgaans al enigszins benevelde feestneus. En als de kerkklokken uit de wijde omgeving het middernachtelijk uur begonnen te slaan, leek de horizont weggeplukt uit een oorlogsfilm of uit een verslag van het journaal, uit duister Damascus of Raqqa, met lichtflitsen en dreigend gerommel en al.Terwijl de wind het geloei van de scheepshoorns op de Schelde landinwaarts voerde. 

Later verhuisde ik naar elders in het dorp, waar het uitzicht weliswaar beperkt was, maar waar voortuinen en parkings en terrassen van cafés evengoed in tijdelijke lanceerbases veranderden. U mag raden hoe die plekken er een dag later uitzagen – de tristesse! -maar dat is een ander verhaal.

Bij ons in België kijken we zo nauw niet. 

Voor het tv-journaal heb ik meer dan eens een reportage gemaakt over het vuurwerk in de grensstreek. Niet over het moment suprême, het afschieten ervan, maar over de aankoop en de smokkel. U moet weten dat vuurwerk in Nederland streng gereglementeerd is. Niet dat het veel helpt, want ieder jaar worden er daar mensen blind of verliezen ze een hand of nog erger. En klinken er stemmen om het eindejaarsbombardement te verbieden. Het zal wel.

Bij ons in België kijken we zo nauw niet. Of toch niet zo nauw als de noorderburen. En zo ontstaat er in de week voor het nieuwe jaar vuurwerktoerisme. Staan de parkings van de vuurwerkwinkels vol met auto’s met zwartgele nummerplaten.

Ik stond verstomd over de de rijkdom van het assortiment en vooral over de prijzen. Geld dat zoiets kost! Niet de gewone rotjes of vuurpijlen, maar het betere werk, dat hoog vliegt, luid knalt en de meeste ‘Oh’s!’ en ‘Ah’s!’ ontlokt. Ook bij mij, voor alle duidelijkheid.

Twintig euro voor een Blue Amber, Vijfenveertig euro voor een Mad Dog. Vijftien euro voor een doos van het gewone spul. Wie een half uurtje vuurwerk afschiet is makkelijk honderdvijftig euro kwijt, en dat is een heel bescheiden berekening.

En wisten de douane ze wel wat het spul gekost had?! Het was godgeklaagd dat ze dat zomaar kon afpakken.

Vuurwerk is mooi. En redelijk gevaarloos als het door vakmensen wordt afgestoken. Maar dat is zelden zo. Dan is er ook geen lol meer aan. Het moet onder vrienden gebeuren. Met een glas op. Met gejoel en geren en elkaar de loef afsteken. Vaak loopt het goed af. Behalve als er illegaal vuurwerk in het spel is.

Krachtiger, luider, kleurrijker en hoger dan al de rest. En met de gebruiksaanwijziging in het Chinees. Ik volgde ooit een controleactie van de Nederlandse marechaussee en de douane, op de sluipwegen in het grensdorp Putte. Wat daar allemaal uit de autokoffers tevoorschijn kwam. Genoeg buskruit om een heel huis op te blazen, om een heel gezin uit te moorden. En niemand van de smokkelaars die zich van enig kwaad bewust was.

De marechaussee deelde behalve boetes ook folders uit met daarop – naar het voorbeeld van de gruwelbeelden op de sigarettenpakjes – foto’s  van verminkingen, veroorzaakt door gevaarlijk vuurwerk. Het maakte geen enkele indruk bij de gelegenheidsmokkelaars. De controlerende agenten waren pretbedervers. Ze zouden heus wel voorzichtig zijn. Ze waren hun leven echt niet beu. En wisten ze wel wat het spul gekost had?! Het was godgeklaagd dat de politie dat zomaar kon afpakken. Ik zag de agenten en douaniers zuchten. Want voor elke auto die ze konden controleren, passeerden er vijf anderen ongezien de grens. 

----

VRT Nieuws wil op vrtnws.be een bijdrage leveren aan het maatschappelijk debat over actuele thema’s. Omdat we het belangrijk vinden om verschillende stemmen en meningen te horen publiceren we regelmatig opinieteksten. Elke auteur schrijft in eigen naam of in die van zijn vereniging. Zij zijn verantwoordelijk voor de inhoud van de tekst.