Meest recent

    Het mythische Japanse  Kappa-monster wordt verjaagd met een forse wind.

    Welke dieren laten er winden? Tien wetenswaardigheden over dierlijke flatulentie

    De mens produceert gemiddeld per dag tussen 0,5 en 1,5 liter darmgas, dat het lichaam verlaat in 12 tot 25 winden. Maar hoe zit dat met dieren? Van koeien is geweten dat ze flink wat winden produceren, en ook koala's blijken dat te doen. Vogels dan weer niet. Tien wetenswaardigheden over flatulentie of winderigheid bij dieren. 

    Begin april verschijnt in de VS het boek "Does It Fart? The Definitive Field Guide to Animal Flatulence" (Laat het winden? De ultieme veldgids voor dierlijke flatulentie). Daarin zetten zoöloog Dani Rabaiotti en ecoloog Nick Caruso de gewoonten van heel wat dieren op het vlak van winderigheid uiteen. En die blijken behoorlijk gevarieerd te zijn. Zo zijn er dieren die hun winden als wapen gebruiken, terwijl andere soorten (waarschijnlijk) helemaal geen winden laten. 

    De Arizonakoraalslang

    David Jahn

    De Arizonakoraalslang gebruikt haar winden als een eerste verdedigingslinie tegen haar vijanden. Als ze zich bedreigd voelt of schrikt, verstopt ze haar kop onder haar lichaam en krult ze haar staart op, die ze vervolgens omhoog brengt. In die positie laat ze dan een luide en onwelriekende wind.

    Strikt genomen is het geen wind zoals wij die laten. Slangen hebben immers geen anale holte zoals wij en de meeste zoogdieren dat hebben, maar een cloaca zoals vogels. Dat is een kanaal dat ze gebruiken om hun ontlasting weg te werken, en dat de vrouwtjes ook gebruiken om eieren te leggen. De Arizonakoraalslang werkt dus met kracht en het nodige geluid gas uit haar cloaca, iets wat bekend staat als "cloacaal knallen". 

    Ook andere slangen gebruiken hun cloaca om gas weg te werken, maar dan zonder het vertoon van de koraalslang.

    Bavianen

    Een mantelbaviaan.

    Aangezien mensen winden laten, is het niet echt een verrassing dat ook onze neven de apen dat doen. Als vrouwtjes-bavianen bereid zijn om te paren, zwellen hun fel gekleurde seksuele organen en hun achterwerk op. Dat maakt naar verluidt hun winden extra geurig, iets wat de toch al geïnteresseerde mannetjes dan weer niet koud laat. 

    Vleermuizen

    Choeronycteris mexicana, een langtongvleermuis, drinkt nectar van een cactusbloem (Foto: US Fish and Wildlife Service).

    Vleermuizen zijn een twijfelgeval. Wetenschappers weten niet zeker of ze winden laten. Ze hebben in elk geval de juiste bacteriën in hun spijsverteringssysteem voor de vorming van het gas dat aanleiding geeft tot winden, maar hun vertering gaat behoorlijk snel. En daardoor is er misschien niet genoeg tijd om voldoende gas bij elkaar te krijgen voor een wind...

    Duizend- en miljoenpoten

    Een Afrikaanse reuzenmiljoenpoot (Foto: Bernard Dupont/Wikimedia).

    Het spijsverteringssysteem van duizend- en miljoenpoten is tamelijk eenvoudig, maar de methaanproducerende bacteriën die er in zitten en die hen helpen de bladeren af te breken die ze eten, zorgen er zonder twijfel voor dat ze winden laten. En hoe groter de miljoenpoot, hoe meer methaan, en hoe volumineuzer de winden. Recordhouder moet de Afrikaanse reuzenmiljoenpoot zijn, die wel zo'n 40 centimeter lang kan worden. 

    Paarden

    Paarden in Navarra, Spanje (Foto: Mikel Ortega/Richard Bartz/Wikimedia).

    Paarden laten voortdurend winden, zelfs als ze ineens in galop schieten wil er wel eens een ontsnappen. Ze eten dan ook veel moeilijk te verteren plantaardig materiaal, en om dat af te breken hebben ze veel bacteriën in hun darmen. En die produceren daarbij onvermijdelijk gas. Ook zijn de darmen van een paard behoorlijk lang, zo'n 3,5 meter, wat betekent dat het gas veel tijd heeft om zich op te stapelen. 

    Tandkarpers

    Cyprinodon nevadensis, een neef van Cyprinodon atorus.

    Cyprinodon atorus, een klein visje uit het geslacht van de eierleggende tandkarpers, is wel gedwongen om winden te laten. De visjes leven in ondiepe poelen in het noorden van Mexico, andere soorten in de zuidelijke staten van de VS zoals Nevada, waar ze zich voeden met algen. In de warme zomermaanden produceren die algen gas, dat de visjes mee naar binnen werken. Er kan zich daarbij zoveel gas in hun ingewanden ophopen, dat ze beginnen te drijven aan het oppervlak. Daarbij lopen ze echter het risico het diner van vogels te worden, zodat ze, om zich te kunnen begraven in het zand op de bodem, waar ze het liefst vertoeven, wel gedwongen zijn om het gas via winden weg te werken. 

    Overigens laten ook zeevissen zich niet onbetuigd. Enkele tijd geleden ontdekten Canadese wetenschappers dat haringen in scholen 's nachts met elkaar communiceren door winden te laten.  

    Dinosaurussen

    Skelet van gigantosaurus uit Argentinië (Foto: Simona Cerrato/Wikimedia).

    Zeker weten we het uiteraard niet, er was niemand in de buurt om het te horen of te ruiken, maar de kans is groot dat dinosaurussen winden lieten. Zeker een type dino, de sauropoden. Die aten veel planten, en kunnen een spijsverteringssysteem gehad hebben dat leek op dat van de grote planteneters van nu, met methaan producerende bacteriën. 

    In de veldgids voor dierlijke flatulentie wordt een studie geciteerd die schat dat elke dinosaurus mogelijk wel bijna 2 kilo methaan per dag geproduceerd kon hebben.  

    Walvissen

    Bultrugwalvissen in Alaska komen krill ophappen dat ze met luchtbellen bij elkaar hebben gedreven.

    Walvissen die winden laten, zijn nog maar enkele keren op beeld vastgelegd, en het zal niemand verwonderen dat hun winden, zoals de dieren zelf, geweldig groot zijn. Onderzoekers die de pech gehad hebben zich benedenwinds van een dergelijke gebeurtenis te bevinden, hebben gemeld dat ook de reuk behoorlijk adembenemend is. 

    Kikkers

    Groene kikker (Foto: Holger Gröschl/Wikimedia).

    Kikkers zijn net als de vleermuizen opnieuw een twijfelgeval. Hun sluitspier is niet erg sterk, en dat kan betekenen dat het gas gewoon aan hun achterkant ontsnapt zonder dat het genoeg trillingen opwekt om hoorbaar te zijn. 

    Luiaards

    Een kapucijnluiaard, een van de drietenige luiaards.

    Net zoals de dieren zelf, is de spijsvertering van luiaards erg traag. Het duurt verschillende dagen voor de bladeren die ze opeten verteerd zijn, en de soort die hier afgebeeld is, de kapucijnluiaard, verlaat slechts eenmaal per week de bomen om op de grond zijn behoefte te doen. De eenvoudige microben die ze in hun darmen hebben, produceren niet genoeg methaan om voor winderigheid te kunnen zorgen. Het weinige methaan dat ze produceren wordt opgenomen in de bloedbaan van de luiaard, en eenvoudigweg uitgeademd.