Meest recent

    Vrouwelijke agenten inzetten als lokaas voor geile venten: is dit een goed idee?

    Ik ben een man, en om die reden begeef ik mij op glad ijs met deze tekst. Want het gaat over vrouwen. Over feminisme. Over de "lokwandelaars" waarover ik donderdag las op deze site. Ik weet niet goed wat ik moet denken. En ook al is zwijgen beter dan spreken in zo'n geval, toch ben ik in de pen gekropen, om enkele gedachten te ordenen en vooral om te polsen naar uw mening. 

    labels
    Opinie

    Tien jaar geleden verhuisde ik naar Brussel om te gaan studeren. Ik vond een kot op het Anneessensplein, in het centrum van de stad. Ik woonde er samen met tien andere Vlamingen; de meesten van ons kwamen van het platteland. Van rustige, veilige oorden.

    Op mijn kot zat er een meisje dat Ann heette, en Ann was een buitenbeentje. Ze werd op haar vierde geadopteerd uit Rwanda, waar ze haar ouders in de oorlog achterliet. Ze studeerde sociologie aan de VUB en in het weekend maakte ze zichzelf graag "sexy" (haar woord, niet het mijne) en ging ze dansen.

    Op een dag zei ze me dat ze achtervolgd was door een man. Ze had hem al een paar keer afgewezen, maar de man was blijven aandringen. Ze was een tikkeltje bang geweest, maar ze wist wat haar te doen stond. Ze had een kleine aanloop genomen, had haar been voor zich uitgestrekt en haar naaldhak in zijn ballen geplant. De man was eerst dubbel geplooid en daarna was hij op de stoep ineen gevallen. Ik vertrok mijn gezicht in een grimas van ingebeelde pijn. "Zijn verdiende loon!" zei Ann. 

    Tieten zien

    We hadden het onder studenten vaak over de straten van Brussel. Over dat nare, onveilige gevoel. Die mannen die op de hoeken van de straten zomaar wat stonden te draaien met hun handen in hun zakken en die dat geluid maakten met hun lippen wanneer er jonge vrouwen passeerden. Het geluid dat ikzelf ook maakte wanneer ik de kat naar binnen lokte. Tijd voor de melk. 

    Op een dag hoorde ik een interview met een Belgische schrijfster op de radio - of misschien heb ik het gelezen in een tekst van haar, het is al een hele tijd geleden. Als ik het me goed herinner reed ze op haar fiets door Brussel en een jongeman had haar geroepen dat hij haar tieten wilde zien. Ze zei (of schreef) dat ze normaal gezien zo'n uitspraken negeerde, maar die dag had ze er genoeg van en ze besliste om terug te keren.

    Ze zei tegen de jongeman: "Laat jij eerst je broek zakken en mij je piemel zien. Als ik tevreden ben over wat ik zie, dan trek ik mijn T-shirt omhoog." Een eerlijke deal, die de jongeman beantwoordde met een nerveuze glimlach. Had hij niet verwacht. Zijn verdiende loon, dat wist hijzelf ook. Part of the game dat hij speelde. 

    Dissidente feministe

    Een paar weken geleden leerde ik het werk van Camille Paglia kennen. Paglia komt uit de VS en ze omschrijft zichzelf als "een dissidente feministe", omdat ze behoorlijk excentriek is in haar opvattingen en vaak aangevallen wordt door feministen. Ze noemt haar tak van het feminisme het "pro-seksfeminisme", omdat ze pro seks is en een hekel heeft aan de tweede feministische golf, die de man gebombardeerd heeft tot de vijand van de vrijheid van de vrouw. 

    "Stop blaming men," zegt Paglia. Een gewaagde uitspraak, die enkel van een vrouw mag komen. Paglia zegt dat vrouwen in deze tijden mannen niet mogen verwijten wanneer ze zich slecht voelen in hun vel. Ze zegt dat jonge, hoogopgeleide, witte vrouwen in Amerika hun realiteitsbesef zijn kwijtgeraakt wanneer ze gechoqueerd zijn dat mannen hen aankijken of aanspreken op straat. Wanneer ze verstarren en geen woord kunnen bedenken om terug te zeggen. Wanneer ze weerloos zijn. Wanneer ze zich verbaal of visueel verkracht voelen. Wanneer ze naar de autoriteiten stappen.

    Paglia zegt dat vrouwen die uit lagere sociale klassen komen dan de gemiddelde universiteitsstudente vaak wél gewapend zijn met rake taal en de gepaste daden om lastige mannen aan te pakken op straat. "Kijk naar de hispanics," zegt ze, "die vrouwen weten vaak perfect hoe ze mannen moeten aanpakken op straat, en die mannen vinden dat best." 

    Ik moest denken aan Ann toen ik dat hoorde. Aan haar naaldhak. Aan die heerlijke lef.  

    Onmacht

    Op een avond in Brussel was ik enkele vrienden gevolgd tot in de Fuse, de club in Brussel. Ik voelde mij daar niet op mijn gemak en dus keek ik maar wat naar de jongens en de meisjes, naar hoe ze om elkaar dansten en ik dacht aan duiven. Aan hoe de mannetjes hun borst opzetten om indruk te maken. En aan hoe de vrouwtjes die mannetjes ostentatief negeren en later eventueel de dans meedansen. Of pauwen. Hoe de mannetjespauw zo moet staan pronken met zijn veren om de aandacht van het vrouwtje te trekken. Pathetisch is het. Meelijwekkend zelfs. Zielig. Maar ik ken dat gevoel. Dat gevoel van onmacht wanneer het over vrouwen gaat. Als man ken je dat. En als vrouw heb je dat gevoel vast ook al herkend in een man. 

    Met al die neergebogen hoofden zou er enkel nog Tinder zijn als laatste hoop op een lief!  

    Volgens Camille Paglia zijn we vergeten dat we dieren zijn. Dat ook de mensenmannetjes pathetisch zijn in hun zoektocht naar vrouwtjes. En dat bepaalde mannen nogal ver gaan in hun pathetiek. Vooral in de stad. Paglia zegt dat jonge hoogopgeleide vrouwen er goed aan zouden doen die realiteit te accepteren. Te leren inzien dat niet alle mannen net zo aardig en begrijpend zijn als hun vaders en hun broers en hun medestudenten aan de universiteit. De zachtaardige mannen van de bourgeoisie. De salonfähige gentlemen. 

    In de menselijke, stedelijke jungle waarin we vandaag leven kan je niet verwachten dat alle mannen zomaar hun blik afwenden. Zoals je dat ook niet van vrouwen kan verwachten. En zou het niet jammer zijn om zoiets te verwachten? Met al die neergebogen hoofden zou er enkel nog Tinder zijn als laatste hoop op een lief!  

    Maar wat is dan de volgende stap? Naar de politie gaan? Een klacht indienen? Een GAS-boete laten uitschrijven? Misschien, maar voor Paglia is dat de klok terugdraaien naar de jaren vijftig. Naar de tijden van strenge autoriteiten die de vrouw beschermden tegen het gevaar van de man. Het idee van de lokwandelaars op straat ("vrouwelijke agenten in gewone kledij op straat sturen om te kijken wat er gebeurt") toont dat vrouwen niet enkel in de VS, maar ook in België teruggrijpen naar vadertje staat voor hun bescherming.  

    Vadertje staat

    En daar knelt een feministisch schoentje, want vadertje staat - dat woord zegt alles - is paternalisme. En de vader en de staat hebben niks te zoeken in onze slaapkamers. Dat is iets van vroeger, van toen de pastoor (in de naam de vader) langskwam om te polsen naar de consumptie van het huwelijk. Dat is iets van in Saoudi-Arabië, waar mannen geloven dat enkel mannen vrouwen kunnen beschermen tegen het gevaar van andere mannen. Dat is niet de wereld waarin we willen leven. 

    Volgens mij hoeven we onze agenten met borsten niet in burger uit te dossen. Zij hebben niet de agentenopleiding genoten om lokaas te spelen voor geile venten. Wat we nodig hebben volgens mij - maar laat het mij weten als ik mij vergis, want tenslotte ben en blijf ik maar een man en heb ik dus geen enkele autoriteit om mij hierover uit te laten - zijn burgers die hun eigen agent kunnen zijn. Mondige mensen op straat, vrouwen zowel als mannen, die lastpakken op hun plaats kunnen zetten. Met humor, zoals de schrijfster waar ik het over had, of met geweld, zoals Ann met de naaldhak. Wanneer je een man een duidelijke persoonlijke grens geeft (vaak is dat al wat een man nodig heeft) en wanneer die man het niet kan laten die grens te overschrijden, dan heeft hij het zelf gezocht. Dan mag je hem op zijn kloten geven zoveel je wilt. En hoe je dat doet, dat mag je in al je persoonlijke vrijheid zelf kiezen. Daarvoor hoef je toch geen wetten, wel? 

    Wat we nodig hebben zijn burgers die hun eigen agent kunnen zijn.

    _____
    VRT NWS wil op vrtnws.be een bijdrage leveren aan het maatschappelijk debat over actuele thema’s. Omdat we het belangrijk vinden om verschillende stemmen en meningen te horen publiceren we regelmatig opinieteksten. Elke auteur schrijft in eigen naam of in die van zijn vereniging. Zij zijn verantwoordelijk voor de inhoud van de tekst.