Meest recent

    Aantal treinen dat door rood licht reed, is gehalveerd in 2017

    Op de hoofdsporen van het Belgische spoorwegnet zijn vorig jaar in totaal 55 treinen door een rood licht gereden. Dat is een daling met 40 procent in vergelijking met de 91 seinvoorbijrijdingen van 2016. Bij de reizigerstreinen is er zelfs sprake van een halvering: van 50 naar 24. Dat blijkt uit cijfers van spoornetbeheerder Infrabel. De afname doet zich ook voor bij de goederentreinen (van 19 naar 13) en bij de werktreinen (van 22 naar 18).

    Infrabel stipt ook aan dat niet elke seinoverschrijding tot een gevaarlijke situatie leidt. Zo zijn er treinen die het rode licht maar met enkele tientallen centimeters overschrijden. Uiteindelijk kwam in 19 van de 55 gevallen de trein tot stilstand op een gevaarlijke plaats, bijvoorbeeld ter hoogte van een kruising met een ander spoor. Ook hier gaat het om een duidelijke daling in vergelijking met 2016, toen er sprake was van 42 potentieel gevaarlijke situaties.

    "Er was vorig jaar ook geen enkel ernstig spoorincident te wijten aan het overschrijden van een rood sein", zegt Fréderic Petit, woordvoerder van Infrabel. "De twee grote incidenten die we in 2017 kenden, in Leuven en in Morlanwelz, hadden een andere oorzaak."

    Bij Infrabel wordt dan ook gesproken over "bemoedigende resultaten". "Elke trein die door het rood rijdt is er uiteraard één te veel. We moeten dus zeer voorzichtig blijven en zien of we dit de komende jaren kunnen doortrekken", zegt Petit.

    Veiligheidssysteem ETCS

    Als oorzaak voor de daling wordt onder meer verwezen naar de technologische ontwikkeling, met onder meer de verdere uitrol van het Europese veiligheidssysteem ETCS. Momenteel is 22 procent van de hoofdsporen daarmee uitgerust. De bedoeling is om het volledige Belgische spoornet aan te pakken tegen 2022.

    Daarnaast wordt er bij alle spoorwegondernemingen ook werk gemaakt van een actieplan dat de veiligheid moet verhogen. "Sinds enkele jaren worden er verschillende acties gevoerd om de medewerkers daarover te sensibiliseren. Die veiligheidscultuur is iets waar we fel op hameren", aldus Petit.

    Tot slot tonen de Infrabel-cijfers ook nog een negatieve evolutie. Want op de bijsporen werd wel een stijging van het aantal seinvoorbijrijdingen geregistreerd: van 65 naar 72. Het ging telkens om treinen zonder reizigers die met een lage snelheid reden. "Het risico op die bijsporen ligt sowieso veel lager, al blijft het wel een werkpunt", besluit Petit.