NSA-baas houdt het voor bekeken

De directeur van de Amerikaanse geheime dienst NSA, Mike Rogers, verlaat in de lente zijn post. Dat heeft de 58-jarige admiraal aan zijn personeel gemeld in een memo, die gelekt is in de Amerikaanse media. Ironisch genoeg zal Rogers' vierjarige termijn vooral herinnerd worden door de vele informatielekken. Volgens Rogers zal president Donald Trump deze maand nog een opvolger aanduiden, die dan over twee tot drie maanden door een stemming in de Senaat benoemd zou kunnen worden.

De admiraal van de Amerikaanse zeemacht werd door president Barack Obama in 2014 aangesteld als hoofd van de NSA, nadat klokkenluider Edward Snowden het agentschap in de schijnwerpers had gezet. Een van zijn taken was het implementen van intern toezicht binnen de dienst. 

Maar Rogers - in Washington bekend om zijn norse stijl - had het moeilijk in het agentschap: het publieke wantrouwen na de onthullingen van Snowden bleef als een donderwolk boven zijn hoofd hangen en hij slaagde er niet in om het vertrouwen van zijn personeel te krijgen. Volgens Amerikaanse media was de moraal op de werkvloer er zo slecht dat een groot aantal ervaren hackers en analisten er de deur achter zich dichttrokken. 

Daarnaast kwam de dienst ook regelmatig met informatielekken in het nieuws. Midden 2016 gingen er binnen de regering van Obama onder meer daarom stemmen op om Rogers aan de kant te schuiven.

Toch slaagde Rogers erin om vier jaar lang aan het roer van de NSA te blijven, terwijl de gangbare termijn aan het hoofd van de geheime dienst op drie jaar ligt. Een van zijn grootste verwezenlijkingen is de uitbouw van het United States Cyber Command, de eenheid binnen de Amerikaanse krijgsmacht die cyberspaceoperaties uitvoert en coördineert en waarvan Rogers ook aan het hoofd staat. De dienst zal tegen eind 2018 op volle kracht draaien.