"Mij overkomt het niet": Journaliste Fatma Taspinar kiest drie fragmenten die haar zijn bijgebleven

Iedereen probeert voorzichtig door het leven te gaan, op te letten op het werk, in het verkeer of thuis. Maar wat als dat niet voldoende is? Wat als het ergste dan toch gebeurt? VRT NWS-journaliste Fatma Taspinar praat in "Mij overkomt het niet" met mensen die ongewild een ongeluk veroorzaakten. Maar ook met de rechtstreekse slachtoffers en nabestaanden van dat ongeval. En de juridische actoren. Voor vrtnws.be kiest ze drie fragmenten uit de reeks die haar het meest zijn bijgebleven.

Fragment 1: "Hoe vul je die vreselijke stilte in aan de telefoon?"

Video player inladen ...

Wat zeg je tegen de moeder van iemand die je hebt doodgereden? Wat zijn je eerste woorden? Wat zeg je, in godsnaam? Het zijn vragen waarvan je hoopt dat je die nooit moet beantwoorden.  

Voor Yvan werden die vragen helaas realiteit. Op een regenachtige dag rijdt hij door het centrum van Leuven met zijn vrachtwagen. Tijdens het afslaan loopt het mis. Yvan rijdt een fietser aan, de 56-jarige Mieke. Zelf mama, dochter, partner en zus van velen. 

Kort na het ongeval, belt Yvan naar de moeder van Mieke.  De moeder die net een kind verloren heeft, en die exact een jaar eerder ook al een kind verloor in het verkeer. 

Dat gesprek, tussen Yvan en Mia, de moeder van Mieke, heeft me enorm aangegrepen. Je merkt daar die onbeholpenheid, tussen mensen die door een vreselijke wending van "het lot" in contact komen met elkaar. Wat zeg je tegen elkaar? Maar vooral: hoe vul je die vreselijke stilte? Ik was enorm onder de indruk van Mia, de moeder van Mieke, die vrijwel meteen wil weten of het wel gaat met Yvan. En ook van Yvan, die al zijn moed bijeenraapt om Mia te bellen. Het toonde voor mij hoe er altijd menselijkheid is, mededogen en medeleven. Te midden van al dat verdriet. 

Fragment 2: "Als Cédric twee centimeter verder was gevallen, dan was hij nu kerngezond. De chauffeur kon er echt niets aan doen."

Video player inladen ...

Joelle is jong, maar draagt al een tijdje een groot verdriet met zich mee. Haar broer Cédric verongelukte met zijn brommer, toen hij net 16 was geworden. "Het was zo een vrolijke jongen", vertelt ze me. "Hij was de clown van ons gezin, maar echt hé." 

Dat ze hem nog elke dag mist, zegt ze. En dat ze graag de man wil ontmoeten die onrechtstreeks verantwoordelijk was voor de dood van haar broer. "Want", zegt Joelle, "Ik wil hem graag zeggen dat hij er echt niets aan kon doen. Als Cédric twee centimeter verder was gevallen, dan was hij nu kerngezond. Hij kon er echt niets aan doen."

Maar de man die Cédric raakte toen hij de straat overstak met zijn brommer, is intussen overleden. Tot aan zijn dood wist hij met zijn schuldgevoelens geen blijf. Hij is altijd blijven vinden dat hij het gezin Van Baarle een kind had afgenomen. Joelle vindt die gedachte ondraaglijk, dat ze de man nooit van het tegendeel heeft kunnen overtuigen. Voor haar en haar ouders had de man zelfs nooit veroordeeld moeten worden. 

De familie Van Baarle heeft, nu nog, een speciale plaats in mijn hart. Het zijn stuk voor stuk zeer warme, open mensen. Tot ze met elkaar moeten spreken over het verlies van hun zoon en broer. Dan vallen ze stil. Tegen mij vertellen ze honderduit, over Cédric. Over zijn vrolijkheid. Maar tegen elkaar blijft het stil, zelfs na al die jaren. Je merkt binnen het gezin die leegte die Cédric heeft achtergelaten. Er is een tijd voor, en een tijd na het ongeval. 

Na het gesprek met Pim Van Baarle, de vader van het gezin, besefte ik: schuldgevoel is niet alleen voorbehouden voor de veroorzaker. Ook Pim voelt zich schuldig. "Ik had Cédric nooit een brommer cadeau moeten doen." De beste vriend van Cédric, die achter op de brommer zat, vraagt zich dan weer af: "Waarom ben ik op tijd kunnen wegspringen, en Cédric niet?" En dan heb je broer Gaëtan. Toen Cédric nog in coma lag, is hij hem nooit gaan bezoeken. Hij weet achteraf niet meer waarom. "Wat als ik dat wel had gedaan, had mijn broer dan beseft dat hij moest blijven vechten?"

Maar de man die verantwoordelijk was voor het ongeval? Die nemen ze niets kwalijk. Die hadden ze graag nog eens gezegd dat hij zich niet schuldig moet voelen. Indrukwekkend.

Fragment 3: "Samuel zal voor mij altijd mijn eerste en enige stagiair blijven"

Video player inladen ...

Het klikte meteen tussen Kristof en Samuel. Die laatste blijkt een wat stille jongen, maar na de eerste week stage in het zonnepanelenbedrijf van Kristof bloeit hij volledig open. Hij is zelfs van plan om na zijn studies vast in dienst te komen. Maar zover komt het niet. Op zijn voorlaatste dag stage valt Samuel door een dak, komt hij heel ongelukkig terecht en belandt hij in een coma. Uiteindelijk overleeft Samuel de val niet. 

Kristof, die als werkgever verantwoordelijk is voor Samuel, rijdt meteen naar het ziekenhuis. Ook al loopt er een onderzoek naar hoe het ongeval is kunnen gebeuren, toch wil hij niet van de zijde van Samuel wijken. Zo leert Kristof ook de ouders van Samuel kennen. Als warme, lieve mensen, die hem vanaf het eerste moment in de armen sluiten. Ze nemen hem van meet af aan niets kwalijk. 

Maar Kristof zal uiteindelijk toch voor de rechter moeten verschijnen, voor het arbeidsongeval van Samuel. Tijdens die periode verwatert het contact tussen Kristof en de ouders van Samuel. Maar wrok is er nooit. 

Wat mij erg trof aan dit verhaal,  is de vriendschap die is ontstaan tussen Kristof en zijn vrouw, en de ouders van Samuel. Ook al is Kristof schuldig bevonden na het ongeval van Samuel, toch is hij dat niet voor de ouders van Samuel. Het toont hoe ze naast de juridische waarheid een plaats hebben gegeven aan hun eigen waarheid. Dat kunnen, vergt veel moed. Zeker als het gaat om de dood van je eigen kind.  De ouders van Samuel vroegen kort geleden aan Kristof om zonnepanelen te komen leggen bij hen. Omdat Samuel het zo gewild zou hebben.

Kristof, van zijn kant, krijgt het niet over zijn hart twee lege blikjes cola weg te gooien, die Samuel tijdens zijn stage ooit had gedronken. De blikjes staan wat troosteloos in de werkplaats, als een soort van aandenken aan Samuel. Als het aan Kristof lag, dan had hij nooit een stagiair in dienst genomen. En dat zal hij in de toekomst ook nooit meer doen. Voor hem zal Samuel voor altijd zijn eerste en enige stagiair blijven.