Het begin van het einde van de Eerste Wereldoorlog: de veertien punten van Wilson

Honderd jaar geleden hield de Amerikaanse president Wilson een rede waarin hij zijn programma voor wereldvrede formuleerde. Zijn 14 puntenprogramma kreeg een enorme weerklank en vormde het begin van het einde van de oorlog.

Het jaar 1918 begon in een merkbaar andere stemming dan de voorafgaande oorlogsjaren. Het was nog altijd oorlog, maar het zag er ditmaal naar uit dat in het nieuwe jaar iets fundamenteels zou veranderen.

Aan het Oostelijk Front zwegen de wapens en in de Russische stad Brest-Litovsk werd over vrede onderhandeld, al zat alleen Rusland aan tafel met Duitsland en zijn bondgenoten. Elders, aan het Westelijk Front, in Italië en op de Balkan, werd nog wel gevochten, maar daar werd minder aandacht aan geschonken dan aan de pogingen om de oorlog te beëindigen.

Langs beide zijden werd nog altijd op een militaire overwinning gehoopt. Tegelijk werd de roep voor  een compromisvrede luider. De socialistische partijen en vakbonden langs beide zijden voerden daarover ijverig overleg en ook de paus had stappen gezet.

In dat perspectief hield de president van de Verenigde Staten op 8 januari een rede waarin hij veertien punten formuleerde die voor hem een noodzakelijke basis vormden voor een wereldvrede.  

Het plan van Wilson zal volgens de New York Tribune de wereld vrij en veilig maken (9 januari 1918, Library of Congress)

President Woodrow Wilson koesterde al eerder dat voornemen. De Verenigde Staten waren aan de oorlog gaan deelnemen aan de zijde van de Entente, zonder echter een echte bondgenoot te worden. Wilson behield zich het recht voor vrede te sluiten onder zijn voorwaarden. Omdat de Geallieerden zo afhankelijk waren van Amerikaanse steun, betekende dit in feite dat hij hun die voorwaarden kon opleggen.

Wilson had zijn moment goed gekozen. Zijn rede viel op de dag waarop de onderhandelingen in Brest-Litovsk hervat werden. De Russische bolsjewieken hadden openlijk  een “vrede zonder annexaties of schade­vergoedingen” voorgesteld. Bovendien hadden ze afstand gedaan van geheime diplomatie, daarom hadden ze de geheime afspraken tussen de Geallieerden onderling gepubliceerd. 

Links, Wilson als schoolmeester die corrupte Latijns-Amerikaanse landen de les leest. Rechts, de trap van de 14 punten, de enige weg naar vrede voor de Duitse keizer.

Wilson wilde zulke principes lanceren als de basis voor een toekomstige vrede. Hij had kort voor Nieuwjaar zijn invloedrijke vriend en persoonlijke adviseur, kolonel Edward House, naar Europa gezonden om de Geallieerde regering te vragen af te zien van geheime diplomatie.

Maar grote principes formuleren zou niet voldoende zijn. Een echte vredes­regeling moest rekening houden de toekomst van omstreden gebieden als Elzas-Lotharingen en Italiaanssprekende delen van Oostenrijk-Hongarije, en van de vele volkeren van Midden- en Oost-Europa en de Balkan. Het was bijzonder delicaat om daarover voorstellen te doen, maar wel noodzakelijk.

Links, "Het programma van Wilson zal door het doden van het militarisme het Duitse volk bevrijden" ( het Italiaanse L' Asino, 20 januari 1917). Rechts, " Aan de vredesduiven die Wilson lost hangt telkens een brandbmmetje" (het Duitse Lustige Blätter, 1918 nummer 5)

Geheime adviesgroep

Voor die territoriale kwesties vroeg Wilson het advies van een geheime groep onafhankelijke deskundigen. Deze groep, die bekend zou worden onder de naam ‘The Inquiry’,  stond los van de politieke en diplomatieke milieus en was in september 1917 samengesteld door kolonel House.

De groep bestond uit geleerden en intellectuelen, zoals de directeur van de National Geographical Society. Vanwege de geheimhouding vergaderde de groep in New York en niet in de hoofdstad Washington.

De drijvende kracht achter ‘The Inquiry’ was Walter Lippmann, de stichter en hoofdredacteur van het (nog steeds bestaande) progressieve tijdschrift New Republic. Lippmann wordt beschouwd als een van de invloedrijkste journalisten die Amerika ooit gekend heeft. Hij was een zoon van Duits-joodse immigranten, kende Europa goed en sprak meerdere talen. Hij was een overtuigd socialist en had goede contacten met Britse linkse intellectuelen als Sidney Webb, H.G. Wells en G.B. Shaw.

Van links naar rechts, Walter Lippmann, kolonel Edward House en president Woodrow Wilson

Lippmann had ook grote aandacht voor de vredesvoorstellen die de
socialistische partijen in de voorbije maanden bij ontmoetingen in Stockholm hadden geformuleerd.

In de laatste dagen van 1917 werkte de groep rond Lippmann bijzonder
hard aan een tekst, die op 2 januari 1918 aan House werd overhandigd. De
volgende dagen nam Wilson de voorstellen door met House. Hij nam ze voor het grootste deel ongewijzigd over.

Zo ontstond het Veertienpuntenprogramma. De punten 6 tot 13 kwamen van ‘The Inquiry’, de overige werden door Wilson zelf opgesteld.

Een van de zeldzame foto's van "The Inquiry"- groep , gemaakt in 1919 tijdens de vredesonderhandelingen in Parijs. Kolonel Edward House staat in het midden rechtstaand

Wilsons uiteindelijk programma

De Veertien Punten, zoals Wilson ze uiteindelijk presenteerde aan het Amerikaanse Congres, waren de volgende, hier bondig weergegeven:

Dit punt bevatte een nauwelijks verholen waarschuwing om niet tussen de komen in de ontwikkelingen in Rusland (de Geallieerden waren van plan om antibolsjewistische rebellen te steunen). Het weerspiegelt de positieve houding van Lippmann tegenover het revolutionaire Rusland. Ook Wilson zelf wilde niet dat er gewapend in Rusland werd ingegrepen.  

Iedereen zou het daarover eens moeten zijn, voegde Wilson eraan toe. Het sluit de Duitse eis uit dat België een soort Duitse vazalstaat zou worden en dat bepaalde delen van het land onder Duitse controle zouden blijven.  

Dat betekende dat Frankrijk Elzas-Lotharingen zou terugkrijgen, wat de Fransen altijd geëist hadden. 'The Inquiry' had daarover lang nagedacht. De uiteindelijke tekst heeft het alleen over Elzas-Lotharingen en zwijgt over andere Franse aanspraken op Duits grondgebied (in het bijzonder de Saar).  

Dit was een antwoord op de Italiaanse aanspraken op delen van Oostenrijk, zoals Trentino, Istrië en Dalmatië. “The Inquiry” wilde die zomaar niet aanvaarden en stelde dat alleen gebieden met een duidelijk Italiaanse bevolking naar Italië zouden gaan.  

Een antwoord op de eisen van vooral de Slavische volkeren binnen de Donaumonarchie (Tsjechen, Kroaten, Serven,...). De tekst wil voor hen een zo groot mogelijke autonomie, maar zwijgt over onafhankelijke staten. 'The Inquiry' was daartegen, vanwege de vrees om Oostenrijk-Hongarije op te delen in een hoop zwakke staatjes (de “balkanisering” van Midden-Europa), wat gevaarlijke gevolgen zou kunnen hebben.  

Wilson bleef hier vager dan wat 'The Inquiry' had voorgesteld, die duidelijke grenzen voor Servië en Bulgarije had aanbevolen.  

De Turken konden dus een eigen staat behouden, maar de andere volkeren binnen het Ottomaanse Rijk (Arabieren, Grieken, Armeniërs, Koerden…) hoefden daar niet meer toe te behoren. De garantie op een “veilig leven” verwijst naar de vervolging van de Armeniërs.  

'The Inquiry' had na veel discussie geoordeeld dat er best een autonome Poolse staat zou komen als onderdeel van Rusland of van Oostenrijk-Hongarije. Wilson verkoos een onafhankelijk Polen. De uitdrukking “onbetwistbaar Poolse bevolking” was er om de Poolse aanspraken op delen van Litouwen en de Oekraïne af te wijzen.  Zoiets was echter in tegenspraak met de eis voor een toegang tot de zee (ook een idee van Wilson). De “Poolse corridor” naar zee zou onvermijdelijk overwegend Duitse gebieden bevatten. De geschiedenis zou aantonen dat dit tot een volgende oorlog zou leiden…

Het voorstel tot oprichting van de Volkenbond. Sinds het begin van de oorlog waren er al regelmatig voorstellen geweest voor een internationale organisatie ter vrijwaring van de vrede. Wilson zou echter de absolute kampioen van het idee worden. Uiteindelijk zou hij de Volkenbond belangrijker vinden dat om het even welke andere vredesbepaling.  

Reacties

Vooral de linkse partijen reageerden enthousiast. In Rusland verspreidden de Amerikanen miljoenen pamfletten en posters met de Veertien Punten en de bolsjewistische kranten drukten de integrale tekst af. De stakingen die dezelfde maand in Duitsland en Oostenrijk uitbraken, waren voor een deel aangezet door de hoop die Wilson had gegeven.

De Geallieerde regeringen reageerden formeel positief maar toch met bedenkingen. Fransen en Belgen rekenden erop dat de Duitsers zouden opdraaien voor de heropbouw van hun land, maar de tekst zweeg daarover. Groot-Brittannië kon als sterkste zeemacht ter wereld niet akkoord gaan met de vrijheid op zee.  

De karikatuur links verwijst naar het vredesprogramma van de Britse premier Lloyd George, dat hij enkele dagen voor Wilson's rede voorstelde. De twee programma's vertoonden nogal wat gelijkenissen, maar dat van Lloyd-George raakte snel in de vergetelheid. Rechts, Wilson en Lloyd-George lijken het helemaal met elkaar eens te zijn ( tekeningen van Joseph Staniforth, in Western Mail van 9 en 10 januari 1918)

De Duitse regering en zeker de Duitse legerleiding zagen aanvankelijk geen reden om erop in te gaan. Ze wilden Elzas-Lotharingen en ook België niet opgeven. Generaal Ludendorff, de sterke man van de legerleiding, zei dat een bevrijd België een bedreiging voor de Duitse veiligheid zou zijn. Voor hem waren de kansen voor een Duitse overwinning groter dan ooit, dus moest er zo snel mogelijk een eindoffensief komen.

Enkele maanden later, toen bleek dat dat Duitse eindoffensief mislukt was, zou Duitsland de Veertien Punten aanroepen om een wapenstilstand te vragen.

In die zin vormden Wilsons voorstellen het begin van het einde van de oorlog.  

Links: "Uw baas kan erg goed spreken", zegt  de Franse soldaat tot zijn Amerikaanse collega, maar de Duitsers die verstaan alleen vuisten [poings] en niet punten [points]" ( Le Rire, 19 januari 1918, BnF Gallica); Rechts, volgens het Duitse Simplicissimus dient "de democratische plaat van Wilson alleen maar om de geluiden van de vrede uit Brest-Litovsk te overstemmen" (22 januari 1918)