Meest recent

    Libië is geen land meer, enkel een wirwar van gewapende groepen en wisselende allianties

    De chaos in het Noord-Afrikaanse land Libië biedt mogelijkheden voor vluchtelingen om vanuit de Sahellanden naar Europa te trekken, maar de wetteloosheid houdt ook grote risico's voor hen in.

    De zoveelste slag om Tripoli: in 2014 verjoegen islamistische milities uit Misrata hun rivalen uit Zintan uit de hoofdstad.

    Sinds de val en de dood van dictator Moe'ammar al-Khaddafi in 2011 is er geen echte regering meer geweest in Libië. Het regime van Khaddafi was onderuit gegaan dankzij vooral Franse en Britse luchtbombardementen, maar op de grond verbrokkelde Libië al snel tot baronieën van krijgsheren en gewapende bendes van allerlei allooi.

    Een tijdlang leek het land in twee delen te vallen met elk een eigen regering en een eigen parlement en dat paste in de historische tweedeling van Libië tussen Tripolitanië (met de hoofdstad Tripoli) in het westen en Cyrenaïca (met Benghazi) in het oosten. In de realiteit bleek zelfs dat niet houdbaar en vielen die twee historische entiteiten al snel nog verder uit elkaar.

    Eén erfenis van Khaddafi bleef wel overeind: decennialang had hij massa's wapentuig van Russische en Chinese makelij opgestapeld en die kwamen nu in handen van alsmaar meer verscheiden milities. Andere wapens belandden via smokkel in andere landen waar nadien chaos uitbrak tot in Mali, Tsjaad, Soedan en Zuid-Soedan toe.

    Drie machtscentra en veel lokale spelers

    Grosso modo zijn er in Libië nu drie grote machtscentra met de pretentie om het land te vertegenwoordigen. Sinds 2016 is de hoofdstad Tripoli in handen van een Presidential Council (PC) onder leiding van Fayez al-Sarraj. Die groep is ontstaan als gevolg van een bemiddeling door de Verenigde Naties en wordt erkend als regering door de Europese Unie. Die PC controleert min of meer het grootste deel van Tripolitanië in het westen van Libië.

    Die PC heeft daar de vroegere machthebbers van de General National Congress onder "premier" Khalifa Ghwell verdreven, maar die laatste controleert nog delen van kuststeden zoals Misrata en Zawiya, al zijn er veel groepen die daar erg vaak van kamp wisselen.

    Een laatste groot machtscentrum is dat in het oostelijke Cyrenaïca met een eigen parlement in de stad Tobruq dat verweven is met wat zich het Libisch Nationaal Leger (NLA) van generaal Khalifa Haftar noemt. Die laatste -ooit medestander van Khaddafi en daarna opposant- geniet de steun van Egypte en controleert voor dat land de oostelijke helft van het kustgebied van Libië.

    Veel vluchtelingen zitten vast in gesloten centra zonder veel controle of hulp.

    Elders is een mozaïek van milities en warlords

    Tussen die machtsblokken in proberen jihadistische terreurgroepen zoals IS en Al Qaeda voet aan de grond te krijgen. IS had een bolwerk in Sirte, maar werd daar intussen verdreven door andere islamisten.

    De meeste milities gehoorzamen echter lokale machthebbers die hun eigen terrein afbakenen, geen ideologie hebben en veelal gebaseerd zijn op stammenloyauteiten of etnische groepen zoals Berbers of Toeboes. Die werken of volledig autonoom of ze wisselen van kamp tussen de drie grote machtspolen als het hen uitkomt.   

    Voor hen speelt de controle over havens, olie-installaties, pijpleidingen of andere faciliteiten die geld opbrengen. Veel van de oases in de zuidelijke woestijn of Fezzan is in handen van dat soort groepen, die soms niet meer zijn dan criminele bendes zonder politieke overtuiging.

    Onder meer zij -maar ook de grote milities- weten dat de belangrijke routes voor vluchtelingen en migranten vanuit West- en Oost-Afrika via Soedan en Tsjaad doorheen Libië naar de Middellandse Zee lopen, waar die mensen hopen op een boot naar Europa. Voor ze daar komen, zijn ze echter overgeleverd aan de Libische bendes die hen afpersen, vermoorden of in slavernij gevangen houden. Anders dan in bijvoorbeeld Soedan, waar er tenminste nog een -zij het brutaal- autoritair regime is, heerst in grote delen van Libië een volledige wetteloosheid waar macht uit de loop van een geweer komt. Wie geen geweer heeft, is machteloos.

    Foto: Vila de Gaspari, Wikimedia Commons