Treinen reden vorig jaar minder stipt

Vorig jaar reed 88,2 procent van de NMBS-treinen op tijd of met een vertraging van minder dan 6 minuten. Dat is een daling tegenover 2016, toen ging het nog om 89,2 procent. De stiptheid van de NMBS is daarmee voor de derde keer op rij gedaald.

Uit het jaarlijkse stiptheidsrapport van NMBS en infrastructuurbeheerder Infrabel blijkt dat de treinen vorig jaar opnieuw iets minder stipt reden. In 2017 reed 11,7 procent van de treinen met een vertraging van 6 minuten of meer. Het jaar voordien was dat nog 10,8 procent, in 2015 reed 9,1 procent van de treinen met vertraging. De treinen rijden dus voor het derde jaar op rij minder stipt. 

De stiptheidscijfers worden berekend door te kijken naar het uur van aankomst in het eindstation. Als we kijken naar de meting tijdens het volledige traject van de trein, dan liggen de cijfers iets lager. Gemeten over het hele traject reed 85,9 procent van de treinen stipt.

De drie grootste oorzaken van vertragingen vorig jaar lagen bij Infrabel (23,8 procent), de NMBS (29 procent) en derden (40,9 procent), zoals vandalisme, kabeldiefstallen en spoorlopen. Op 23 november bijvoorbeeld zorgde een grote industriële brand in Vorst in totaal voor 7.910 minuten vertraging.

19.000 treinen afgeschaft

Er zijn vorig jaar ook 19.272 treinen afgeschaft. Dat is 1,51 procent van het totale aantal. Op dat vlak gaat het beter dan in 2016. Toen zijn er bijna dubbel zo veel treinen afgeschaft: 38.041 treinen of 3,1 procent. De grote meerderheid, 60 procent, van de treinen werden afgeschaft om externe redenen. De NMBS en Infrabel hebben hier een veel kleiner aandeel in.

Het stiptheidsrapport geeft ook de cijfers vrij van de stiptheid op de grote treinverbindingen. Daaruit blijkt dat de treinen het meest stipt rijden tussen Antwerpen-Centraal en Poperinge (91,3 procent). Tussen Bergen en Luik-Paleis rijden de treinen het minst stipt (77,2 procent). 

Antwerpen-Centraal is ook het station waar de meeste treinen stipt arriveren (89,8 procent van de treinen). Namen scoort het slechtste, met 80,2 procent. Brussel wordt buiten beschouwing gelaten.

Uit de cijfers blijkt verder ook dat er meer vertragingen zijn tijdens de avondspits dan tijdens de ochtendspits: 16,6 procent treinen met vertraging tegenover 12,7 procent.

(lees verder onder de tabel)

Stiptheid van grote verbindingen, 2017

Hoe stiptheid verbeteren?

Bij een tussentijdse evaluatie eind vorig jaar reageerde minister van Mobiliteit François Bellot (MR) dat de slechte cijfers onaanvaardbaar zijn. De minister heeft in november de CEO's van NMBS en Infrabel nog gevraagd om "zo snel mogelijk een concreet en gedetailleerd plan uit te werken om de stiptheid te verbeteren".

Er zouden maatregelen op komst zijn bij de NMBS, met onder meer de benoeming van vijf managers die de stiptheid moeten volgen "op de meest kwetsbare lijnen". Minister Bellot heeft nog niet gereageerd op de cijfers van het volledige jaar 2017.

Het volledige stiptheidsrapport kan u hier lezen.