100 jaar geleden: Bolsjewieken krijgen overwicht in Russische chaos

In deze rubriek brengen we grote en kleine gebeurtenissen 100 jaar geleden tijdens de Eerste Wereldoorlog, deze week van 31 januari tot 6 februari 1918. De bolsjewieken krijgen overwicht in Russische chaos, veel doden bij bombardement op Parijs, Amerikaans troepenschip getorpedeerd, staking in Duitsland onderdrukt, tegenbetogers verstoren activistische manifestatie in Antwerpen,  ...

Terwijl Trotski in Brest-Litovsk met de Centralen blijft praten over vrede, lijken de bolsjewieken de overhand te krijgen in de burgeroorlog die Rusland teistert.

De chaotische verdeling van Rusland lijkt in het voordeel van de regering van Lenin te spelen. 

In het zuiden van Rusland behoort de Don-kozakkenrepubliek van generaal Kaledin tot het verleden. Een groot deel van de Don-kozakken heeft zich van hem losgemaakt. De bolsjewistische milities hebben Kaledins hoofdkwartier in Taganrog bezet.  

"De triomf van Lenin", tekening uit Il 420, nr 158, 1918. Illustratie bij het begin, tekening van Lenin en Trotski uit het Weense Der Humorist, 20 december 1917 (Oostenrijkse Nationale Bibliotheek)

Meer naar het oosten heeft het Rode Leger Orenboerg aan de Oeralrivier ingenomen. Daardoor is er een einde gekomen aan de kortstondige “republiek” van de Orenboerg-kozakken onder leiding van generaal Aleksandr Doetov. Doetov zelf is gevlucht.

De bolsjewieken hebben ook het grootste deel van het schiereiland de Krim veroverd. De grote marinebasis Sebastopol was al lang in hun handen. Ze hebben een einde gemaakt aan de Krimse Volksrepubliek die de plaatselijke Krim-Tataren een maand eerder hadden gevormd.  

De bolsjewieken begraven hun doden in Moskou, waar bij zware gevechten voor de controle van de stad veel slachtoffers zijn gevallen ( uit Le Miroir, 10 februari 1918, BnF Gallica)

Het oosten van de Oekraïne is intussen volledig in bolsjewistische handen. In de havenstad Odessa heeft het bolsjewistisch bestuur een eigen sovjetrepubliek uitgeroepen, die de kust van de Zwarte Zee beheerst.  

Rusland annuleert staatsschulden

Sovjet-Rusland zal de staatsleningen van het tsaristisch regime en de Voorlopige Regering niet terugbetalen.

“Alle staatsschulden aangegaan door de regeringen van de Russische grootgrondbezitters en bourgeoisie zijn hierbij geannuleerd”, zo begint het betreffende decreet van het Heel-Russisch Centraal Uitvoerend Comité.

Wie in Rusland staatsobligaties tot 10.000 roebel bezit, zal die kunnen inruilen voor een nieuwe staatslening. Russische openbare instellingen met staatsobligaties zullen worden vergoed. Maar alle buitenlandse leningen worden zonder uitzondering waardeloos.  

"Izaak op de Dam in Amsterdam vindt dat de bolsjewieken beter minimalisten dan maximalisten genoemd kunnen worden" (De Amsterdammer, 15 december 1917; de datum wijst er op dat de Russische beslissing al langer werd verwacht)

Dit nieuws komt hard over in de andere Geallieerde landen. Rusland heeft de voorbije decennia een snelle ontwikkeling gekend door grote leningen van buitenlands kapitaal.

Vooral de Fransen hebben de voorbije decennia massaal belegd in Russische leningen, die als zeer veilig werden beschouwd. Regering en media in Frankrijk hadden dat aangemoedigd om op die wijze bondgenoot Rusland te helpen. Russische staatsobligaties kopen, werd als een Franse patriottische daad beschouwd.

Er wordt nu beweerd dat een derde van het Franse spaargeld in rook opgaat. Ook in België zijn er nogal wat mensen die hun geld in Russisch staatspapier hebben gestoken.

Links, "Nu er veel waardeloos papier beschikbaar is, zal op het Franse karnaval veel confetti gegooid kunnen worden" (Lustige Blätter, nr 4, 1918). Rechts, "Marianne en de Franse president Poincaré hebben een troost, ze hebben nu de kolen schaars zijn iets anders om te verbranden ( uit het Duitse Jugend, 1918)

De Geallieerde regeringen gaan krachtig tegen deze beslissing protesteren. In sommige linkse kringen wordt de maatregel daarentegen toegejuicht.

"De Belgische Socialist", het door Camille Huysmans gestichte blad in Den Haag, schrijft: "Wat de Russen daar komen te verrichten — het kapitaal der oorlogsspeculanten en der internationale kapitalistische oorlogsdrijvers verbeurd verklaren — is misschien een der meest probate middelen om den oorlog voortaan te verhinderen!"

Toch zouden door de maatregel ook heel wat bescheiden gezinnen hun spaarcenten kwijt zijn, terwijl de banken veel geld verdienden met de verkoop van de obligaties.

Naschrift: Het sovjetregime zal altijd weigeren de schulden terug te betalen. Pas in 1996 sloot Rusland een akkoord met Frankrijk om de obligatiehouders te vergoeden, maar die vergoeding bedroeg nog geen 1 % van het totale kapitaal. Veel gedupeerden hadden intussen hun waardeloze effecten verloren of vernietigd. Nog steeds ijveren organisaties van erfgenamen van gedupeerden voor terugbetaling van de schulden. In België is dat de vzw “Scripta Russiae Manent” (Latijn: “de geschriften van Rusland blijven”).

Enkele obligaties van het keizerlijke Rusland

Bolsjewistische regering onteigent kerken

In Rusland heeft de Raad van volkscommissarissen een decreet op de scheiding van Kerk en Staat uitgevaardigd. Het decreet maakt godsdienst tot een privézaak. Iedereen heeft het recht om tot een godsdienst of tot geen enkele godsdienst te behoren. Geboorten en huwelijken worden voortaan door burgerlijke overheden geregistreerd.

Godsdienst wordt ook gebannen uit de scholen, zelfs uit particuliere scholen. Alleen in loutere privésfeer is godsdienstonderricht toegelaten.

De meest omstreden bepaling is dat kerken en religieuze genootschappen voortaan geen eigendomsrechten hebben. Alles wat ze bezitten, is voortaan "eigendom van het volk". Dit treft uiteraard vooral de Russisch-orthodoxe kerk, die over ontzaglijk grote roerende en onroerende eigendommen beschikte.   

In beslagname van kerkelijke goederen in Moskou, circa 1918

Meteen zijn bolsjewistische milities kerken en kloosters binnengevallen en hebben kostbare voorwerpen meegenomen.

Het decreet kwam er de dag nadat volkscommissaris voor Sociale Zaken Aleksandra Kollontaj het bekende Alexander Nevski-klooster in Petrograd liet ontruimen om er een tehuis voor oorlogsinvaliden voor te maken. Dat leidde tot rellen met woedende gelovigen.  Er werd daarbij een priester gedood.

De Russisch-orthodoxe patriarch Tichon heeft de onteigeningen scherp veroordeeld.  

Een klooster in Moskou wordt leeggehaald, circa 1918

Staking in Duitsland onderdrukt

De stakingsgolf in Duitsland is voorbij. Dat gebeurde na een hard optreden van de legerleiding.

Fabrieken die belangrijk zijn voor de oorlogsproductie zijn onder militaire controle geplaatst. Officieren hebben er de leiding genomen.

De politie, versterkt met onderofficieren van het leger, heeft massaal stakende arbeiders opgepakt en naar kazernes gevoerd, waar ze meteen in het leger worden ingelijfd. In de Berlijnse locomotievenfabriek Schwarzkopf zijn zo 1.700 arbeiders gedwongen tot militairen dienst. Ook stakingsleider Richard Müller is onder de wapens geroepen.  

Arbeidsbemiddeling op Duitse wijze (Washington Times, 6 februari 1918)

In München is Kurt Eisner, de invloedrijke lokale leider van de onafhankelijke sociaaldemocraten, opgepakt als organisator van de stakingsbeweging. Rijksdagafgevaardigde Wilhelm Dittmann, een andere onafhankelijke sociaaldemocraat, is eveneens gearresteerd en zal wegens verraad voor een militaire rechtbank moeten verschijnen. 

Onder die druk en bij gebrek aan steun van de vakbonden en van de meerderheids-sociaaldemocraten, besloot het centrale actiecomité de staking af te blazen.

" In Duitsland is er altijd wel een oorlogszuchtige manier om met het volk om te gaan" (uit Le Rire, 16 februari 1918)
Links, "Wat er zal gebeuren als Duitsland overwint" met Hindenburg als bevelhebber van het executiepeleton (The Tacoma Times, 13-02-1918). Rechts, 'De Duitse keizer wantrouwt zijn ezeltje, het Duitse volk" (The Tacoma Times, 11-02-1918)

Muiterij op Oostenrijks-Hongaarse vloot

Op enkele schepen van de "Keizerlijke en Koninklijke Marine" is een muiterij uitgebroken. Het betrof een dozijn Oostenrijks-Hongaarse schepen die in de Baai van Cattaro, in het zuiden van de Dalmatische kust, de ingang van de Adriatische Zee bewaken.

Op 1 februari bij etenstijd kwam het tot onlusten op het admiraalsschip "Sankt Georg". Een aantal bemanningsleden begon met geweren te schieten. Enkele officieren raakten daarbij gewond.

De muiters hesen de rode vlag en gijzelden admiraal Alexander Hansa. Een ter plekke gevormd centraal comité van matrozen stelde een aantal eisen, die gingen van beter eten tot het sluiten van vrede en steun aan de revolutie in Rusland.

De gemoedelijke admiraal gaf toe aan de niet-politieke eisen. Het centraal comité riep intussen de bemanningen op de andere schepen op het voorbeeld van de "Sankt Georg" te volgen.  

De Sankt Georg op een woelige zee

Dat gebeurde, maar niet overal met evenveel geestdrift. Elk schip kreeg een matrozencomité maar op sommige schepen bleven de officieren gewoon in functie. Soms werd alleen de rode vlag gehesen omdat het centraal comité dreigde dat het schip anders in de grond zou worden geboord. 

Intussen waren de garnizoenen rond de Baai van Cattaro gealarmeerd en werden de kustbatterijen gericht op de opstandige schepen. De bevelhebber te land zond de muiters een ultimatum.

De kruiser "Novara", die zich vorig jaar onderscheidde bij de zeeslag in de Straat van Otranto, viel daarop af.  Hoewel de kanonnen van de "Sankt Georg" dreigden, gebeurde er niets toen de "Novara" wegvoer. Andere schepen volgden daarop dit voorbeeld. Toen in de ochtend van 3 februari andere Oostenrijks-Hongaarse oorlogsschepen in de baai verschenen, zagen de muiters dat de situatie hopeloos was en gaven ze zich over.  

Oostenrijks-Hongaarse matrozen maken stokvis klaar ( uit Das Interessante Blatt, 21-02-1918)

Op bevel van admiraal Hansa zijn alleen de muiters gearresteerd die geweld hebben gebruikt. Er moeten er veertig voor de krijgsraad verschijnen. Daaronder de leider van de muiterij, bootsman Franz Rasch. Een aspirant-officier, die mee aan de leiding stond, is met een watervliegtuig naar Italië gevlucht.

De oorzaken van de muiterij moet worden gezocht bij de gebrekkige rantsoenen – een gevolg van de algemene voedselschaarste – en de verveling. De schepen in de Baai van Cattaro zijn al maanden niet meer uitgevaren.

Naschrift: vier muiters, waaronder Rasch, zouden een week nadien worden gefusilleerd. Bijna 400 anderen zouden later worden opgesloten.
De Baai van Cattaro ligt nu in Montenegro en staat bekend als de Baai van Kotor
.  

Gedenkteken voor Rasch en de drie andere gefusilleerde muiters in de baai van Kotor (Wikimedia)

Parijs gebombardeerd

Parijs is getroffen door een zware luchtaanval.

Het was twee jaar geleden dat de Franse hoofdstad nog gebombardeerd werd. Toen gebeurde dat door Zeppelins. Op 20 januari vond een eerste aanval met Gotha-bommenwerpers plaats.

In de nacht van 30 op 31 januari wierpen 28 Gotha’s samen een duizendtal bommen af. De schade is enorm. Er zouden 65 doden en 205 gewonden zijn gevallen.

De hemel boven Parijs tijdens het bombardement ( uit Excelsior, 1-02-1918)
Schade in de rue Curial in het 19e arrondissement (BnF, Gallica)

Twee dagen eerder voerden 16 Gotha’s en twee “reuzenbommenwerpers” (Zeppelin-Staaken) een aanval op Londen uit. Daarbij vielen 67 doden en 166 gewonden. Nog eens 14 mensen kwamen om door paniek toen de mensen drongen naar schuilkelders.  

In de nacht van 20 op 21 januari is boven Duinkerke een Gotha neergehaald (uit Excelsior, 31-01-1918)
"Vals alarm: Cesar, naar de kelder! Waarom, toch weer geen luchtaanval? Nee,  je moet kolen en wijn halen" ( uit Excelsior, 20-02-1918).

Zware protesten bij activistische optocht in Antwerpen

Na Brussel en Gent organiseerden de activisten ook in Antwerpen een vergadering waarop de leden van de nieuwe Raad van Vlaanderen verkozen zouden worden.

De bijeenkomst met de zelf georganiseerde “verkiezingen” vond plaats in de Antwerpse beurs en waren alleen toegankelijk voor wie gewenst was. Maar buiten stond een woedende menigte te roepen.

De aanhangers van het Raad van Vlaanderen hielden daarop een optocht op de Meir, met Vlaamse vlaggen en een fanfare, maar voorafgegaan door Duitse soldaten. Volgens de politie waren ze met niet meer dan 700 .  

Foto's van de optocht in Antwerpen in het Duitse 'Welt im Bild" en het Oostenrijkse "Das Interessante Blatt"

Ze werden meteen omringd door een enorme massa van tegenbetogers, die hen uitjouwden. Er werd voortdurend “verraders” en “judassen” geroepen. Er werd met stenen gegooid en er vielen klappen. Flor Heuvelmans, de “gevolmachtigde voor Justitie” van de Raad van Vlaanderen, zou bespuwd zijn geweest. Raf Verhulst, de hoofdredacteur van ‘Het Vlaamsche Nieuws’, werd zelfs geslagen. Verscheidene muziekinstrumenten “sneuvelden” en de meeste vlaggen werden verscheurd.

Vanwege de overmacht aan tegenbetogers konden de geplande toespraken van de activisten bij het standbeeld van Conscience niet doorgaan.  

Het clandestiene verzetsbald "De Antwerpsche Wachter"  brengt enthousiast verslag uit over de tegenbetoging tegen de "dieven onzer Vlaamsche beweging" die de Vlaamse zaak hebben gestolen om Duits geld te verdienen ( februari 1918; hetarchief.be)

De prostesten in de Scheldestad zijn des te opmerkelijker, omdat Antwerpen als de meest Vlaamsgezinde stad wordt beschouwd en omdat de Duitse invloed er groter zou zijn dan elders, vanwege de grote Duitse kolonie aldaar. Maar nergens, ook in Brussel niet, kregen de activisten zoveel tegenkanting. Onder de tegenbetogers waren er ook overtuigde flaminganten. Anderzijds zouden veel activistische demonstranten niet eens van Antwerpen zijn geweest.  
De gecensureerde pers in België zwijgt over de incidenten, maar het nieuws verspreidt zich van mond tot mond en via clandestiene blaadjes.  

Het verslag over de Antwerpse betoging in het Duitse propagandablad "Door Vlaanderen heen"; over tegenbetogers wordt alleen gezegd dat er "enkele betaalde ruststoorders ... uit het laagste grauw" waren (hetarchief.be)

Moldavië/Bessarabië roept onafhankelijkheid uit

In Chisinau (Kisjinev), de hoofdstad van Bessarabië, is de onafhankelijkheid van de Moldavische Democratische Republiek uitgeroepen.
Dat gebeurde nadat Roemeense troepen de bolsjewistische milities hadden verdreven, die zich kort voordien van de stad meester hadden gemaakt.
Op een paar plaatsen zijn er zware gevechten geweest tussen Roemeense troepen en de Rode Brigades, gevormd uit lokale bolsjewieken als Russische militairen. Die Rode Brigades zijn nu naar het naburige Odessa verdreven. De Sovjetrepubliek van Odessa beschouwt Bessarabië als een deel van haar grondgebied.
Aan de monding van de Donaudelta zijn de Roemeense troepen dagenlang bestookt door bolsjewistische kanonneerboten. Uiteindelijk wisten de Roemenen een boot te veroveren en trokken de andere zich terug.  

De vlag van de Moldavische Democratische Republiek en de eerste premier,  Daniel Ciugureanu. De republiek zou maar een paar maanden blijven bestaan.

Schip met Amerikaanse troepen getorpedeerd

In de Ierse Zee is het Britse schip ‘Tuscania’ door een Duitse U-boot getorpedeerd. Het schip zonk in enkele uren.

De ‘Tuscania’ was een luxe-passagierschip dat pas na kort na het begin van de oorlog voltooid werd. Sinds 1916 werd het gebruikt voor troepentransporten.  

Het vervoerde meer dan 2000 Amerikaanse militairen naar Europa. De meesten konden worden gered door de oorlogsschepen die de ‘Tuscania’ escorteerden, maar 210 opvarenden kwamen om.

Vorig jaar werd de ‘Transsylvania’, het zusterschip van de ‘Tuscania’, tot zinken gebracht in de Middellandse Zee, toen die eveneens troepen vervoerde. Er vielen toen meer dan 400 doden.

Naschrift: De ‘Tuscania’ is het enige schip met Amerikaanse troepen aan boord dat in deze oorlog tot zinken zal worden gebracht.

Groepsfoto van een compagnie Amerikaanse soldaten enkele voor het vertrek naar Europa met de Tuscania en een kaartje van de plaats waar het schip is gezonken (The Washington Times, 7-02-1918, Library of Congress)
"Het torpederen van de Tuscania zal Amerika alleen aansporen" en "En Duitsland heeft zich hierdoor in een wespennest gewerkt" ( New York Tribune 9-02-1918, The Washinton Times, 10-02-1918, allebei via Library of Congress)

Geallieerden willen oorlog voortzetten

In Versailles bij Parijs is opnieuw een Geallieerde top gehouden. De premiers Clemenceau (Frankrijk), Lloyd George (Groot-Brittannië) en Orlando (Italië) waren daarbij aanwezig, met hun voornaamste generaals. De Verenigde Stater waren vertegenwoordigd door de generaals Bliss en Pershing.

De Geallieerde leiders zeggen dat ze de laatste Duitse en Oostenrijks-Hongaarse reacties op de vredesvoorstellen van Lloyd George en de Amerikaanse president Wilson hebben bestudeerd, maar dat er geen toenadering te vinden is.

Het is daarom hun “enige plicht” om hun “militaire inspanning” voort te zetten tot de vijandelijke regeringen van houding veranderen.

De Geallieerde leiders willen meer en beter samenwerken. Het Geallieerde uitvoerend militair comité onder leiding van de Franse generaal Foch krijgt meer bevoegdheden.

De Geallieerden maken zich geen illusies over de werkelijke bedoelingen van Duitsland. Ze hebben informatie dat de Duitsers tientallen divisies uit Rusland en Italië aan het overplaatsen zijn naar het westelijk front.

De held van Luik, generaal Leman, aangekomen in Parijs

Op 1 februari is generaal Leman, de held van het felle verzet van de forten rond Luik bij de Duitse inval in 1914, in Parijs aangekomen. Leman is enkele weken uit Duits krijgsgevangenschap vrijgelaten en via Zwitserland naar Frankrijk gereisd.

In de Gare de Lyon werd hij opgewacht door vertegenwoordigers van de Belgische en Franse regering en een erewacht van Belgische verminkte soldaten. Koning Albert heeft hem in Parijs het grootlint van de Leopoldsorde verleend, de Franse president Poincaré het grootkruis van het Legioen van Eer.  

Proces Bolo Pacha begonnen

Nog in Parijs is het proces tegen Bolo Pacha begonnen. De Franse avonturier Paul Bolo (de titel “pacha” kreeg hij van de naar Turkije gevluchte onderkoning van Egypte), wordt ervan beschuldig geld van Duitsland te hebben ontvangen om pacifistische Franse kranten mee te financieren. Hij zou de sleutelfiguur zijn in een reeks schandalen die Frankrijk teisteren.

De belangstelling voor het proces is enorm. In de rechtszaal is niet genoeg plaats voor iedereen die het proces wil volgen. En de kranten brengen het nieuws over het proces zowat elke dag op de voorpagina.

De voorpagina van de Parijse krant Excelsior van 3 en 6 februari 1918