Meest recent

    Binnenkort komen veel teruggekeerde Syriëstrijders weer vrij: wat nu?

    Hoeveel Syriëstrijders zijn al teruggekeerd? Welke uitdagingen brengen ze met zich mee voor ons land? Wat met teruggekeerde Syriëstrijders die uit de cel komen? Want zij kregen gemiddeld 5 jaar cel, en de meeste zullen dus 2020 zullen worden vrijgelaten.  Allemaal vragen waar professor Rik Coolsaet en het Egmont instituut zich over hebben gebogen in een nieuwe studie over de zogenoemde Foreign Terrorist Fighters.

    Eerst en vooral het goede nieuws: het verwachte grote gevaar voor aanslagen door terugkeerders in ons land en heel Europa, is tot nu toe uitgebleven. Er zijn uiteraard wel aanslagen gepleegd, en die waren vaak erg dodelijk, maar het is niet zo dat massaal veel teruggekeerde Syriëstrijders tot actie zijn overgegaan.

    Dat neemt uiteraard niet weg dat die terugkeerders niet in de gaten gehouden moeten worden. Want hoewel het dreigingsniveau in ons land recent is gedaald van drie naar twee, was het OCAD, dat de dreiging analyseert, duidelijk: we moeten waakzaam blijven. 

    Syriëstrijders in ons land: de cijfers en feiten

    België heeft het hoogste aantal zogenaamde 'Foreign Terrorist Fighters' per capita van Europa. Of anders gezegd: in vergelijking met het aantal inwoners zijn heel veel strijders naar Syrië of Irak vertrokken vanuit ons land, de meeste dus van Europa. Het gaat om 498 mensen.

    Logischerwijs is ook het aantal teruggekeerden per capita het hoogst van Europa. Op dit moment zijn al 125 mensen teruggekeerd, waarvan er 10 gestorven zijn, de meeste bij de aanslagen in Parijs en Brussel. Van de overgebleven 115 mensen, zitten er op dit moment 44 in de cel. De rest is vrijgelaten in afwachting van het proces, al dan niet onder voorwaarden. De Syriëstrijders die de laatste jaren zijn teruggekeerd, sinds pakweg 2015, worden meestal wel systematisch in voorlopige hechtenis geplaatst: ze belanden dus in de cel, in afwachting van hun proces.

    Deadline: 2020

    De teruggekeerde Syriëstrijders die al voor de rechter zijn gebracht, werden meestal veroordeeld, gemiddeld tot 5 jaar cel. Als we dan rekenen, zullen de meesten uiteindelijk vrijkomen in het jaar 2020, over twee jaar dus. Ons land moet dan ook nadenken over de uitdagingen die daarmee gepaard gaan, staat er te lezen in het rapport.

    Zoals bij elke gevangene, is het ook bij teruggekeerde Syriëstrijders belangrijk om de reïntegratie in de maatschappij voor te bereiden. En dat is niet simpel, want het gaat om mensen die blootgesteld zijn aan extreme vormen van geweld, en destijds vertrokken zijn met een radicale ideologie. In de gevangenis is er nu al aandacht voor deradicalisatie, maar hoeveel mensen effectief succesvol gederadicaliseerd zijn, dat is natuurlijk moeilijk te zeggen, niemand kan gedachten lezen. In ieder geval is het belangrijk dat deze ex-Syriëstrijders begeleid worden, op sociaal en psychologisch vlak, maar dat er ook aandacht is voor de praktische zaken van een reïntegratie in de maatschappij.

    Een goede tool hiervoor is een voorwaardelijke vrijlating vóór het strafeinde. De teruggekeerde Syriëstrijders komt dan vroeger vrij, maar moet zich wel aan enkele belangrijke voorwaarden houden. Verplichte discussies met een imam bijvoorbeeld, of gesprekken met een maatschappelijk werker, of een verbod om met bepaalde personen te praten. Eén probleem: de gevangene moet dat ook zélf willen, en dat is niet altijd zo. Die weigeraars vormen volgens het rapport dan ook vaak een gevaar.

    Het is ook belangrijk dat de lokale autoriteiten van de plek waar de vrijgelaten ex-Syriëstrijders gaat verblijven, genoeg informatie krijgen. Een wisselwerking met de gevangenissen is dan ook belangrijk. En uiteraard moeten alle vrijgelatenen extra in de gaten gehouden worden door onder meer onze politie- en inlichtingendiensten.

    Hoe doet België het nu eigenlijk?

    Het Egmont instituut is best tevreden over de aanpak van teruggekeerde Syriëstrijders in ons land. In 2012, toen de eerste Syriëstrijders terugkeerden, wist België nog amper hoe ermee om te gaan. Maar sinds pakweg 2015, in de tijdsperiode na de aanslagen op het Joods Museum, in Parijs en Brussel, zijn er heel wat maatregelen genomen, zo klinkt het.

    Het dreigingsniveau is ook gezakt, en dat is uiteraard een goede zaak, maar het betekent niet dat het gevaar voor terreur helemaal is geweken. Maatregelen blijven dan ook nodig, en de politiek moet hiervoor ook middelen blijven inzetten. En teruggekeerde Syriëstrijders moeten stevig in de gaten worden gehouden, zeker wanneer ze na een celstraf worden vrijgelaten in de maatschappij. En dat heet dan: waakzaamheid.