Video player inladen ...

EU-klimaatexpert: "Beter om te investeren in gascentrales dan levensduur kerncentrales te verlengen"

Volgens Jos Delbeke, directeur-generaal voor Klimaat bij de Europese Commissie, schakelt ons land beter over op gascentrales, dan te kiezen voor een langere levensduur van kerncentrales. Gascentrales zijn makkelijker aan en uit te zetten, en beter geschikt om periodes op te vangen wanneer er onvoldoende stroom van windmolens of zonnepanelen is. De bouw van gascentrales in België doet de uitstoot van broeikasgassen op Europees niveau amper toenemen, en die stijging wordt opgevangen in het Europese systeem van handel in emissierechten, aldus Delbeke.

Kerncentrales stoten nauwelijks broeikasgassen uit. In de strijd tegen klimaatverandering zijn ze dus beter, geeft Delbeke toe. Maar er spelen ook andere factoren mee. De opmars van hernieuwbare energie gaat sneller dan voorspeld, en ze wordt steeds goedkoper. Op momenten dat er geen wind of zon is, is er een flexibel alternatief nodig. Volgens Delbeke zijn gascentrales dan de beste keuze, omdat die bij wijze van spreken van de ene minuut op de andere aan en uit kunnen worden gezet, wat bij kerncentrales niet mogelijk is. Daarom beschouwt de Europese Commissie gas tijdelijk als de beste oplossing als overgang naar een economie zonder fossiele brandstoffen.

Video player inladen ...

Maar wat met de Europese klimaatdoelstellingen?

Voor de Europese klimaatdoelstellingen heeft de bouw van gascentrales in België slechts marginale gevolgen, zegt Delbeke. Dat komt omdat dergelijke nieuwe elektriciteitscentrales onder het Europese systeem van handel in emissierechten vallen. In totaal gaat het om ruim 11.000 installaties in Europa: elektriciteitscentrales op gas of op steenkool, de staalindustrie, cementbedrijven, en dergelijke. Samen vertegenwoordigen ze 45 procent van de uitstoot van broeikasgassen in Europa. Bedrijven die onder dit systeem vallen, moeten (in principe) per ton CO2 die ze uitstoten een uitstootrecht kopen. Wanneer ze energie besparen, kunnen ze overtollige uitstootrechten verkopen. Wanneer ze meer willen uitstoten, moeten ze er aankopen. 

Europa legt vast hoeveel uitstootrechten er per jaar maximaal verhandeld mogen worden. Elk jaar wordt het plafond van verhandelbare uitstoot- of emissierechten verlaagd. Tot 2020 verlaagt het plafond jaarlijks met 1,74 procent. Van 2020 tot 2030 met jaarlijks 2,2%. Dit moet ervoor zorgen dat in 2030 de uitstoot van deze sectoren 43 procent lager zal liggen dan in 2005. Het Europees Parlement keurt de wetgeving daarover vandaag goed.

Het totale volume van verhandelbare uitstootrechten is goed voor zowat 2 miljard ton broeikasgassen. De bouw van een paar gascentrales om kerncentrales te vervangen, leidt tot een bijkomende uitstoot van broeikasgassen. In totaal zou het slechts om 4 miljoen ton extra gaan, waarvoor dan uitstootrechten moeten worden gekocht. De vraag naar uitstootrechten zou dus licht stijgen, maar het aanbod niet (want dat is geplafonneerd), wat de prijs per uitstootrecht licht zou doen stijgen. Producenten die meer broeikasgassen uitstoten en dus veel uitstootrechten nodig hebben, zoals steenkoolcentrales, zouden daar het eerste slachtoffer zijn.  De bouw van gascentrales zou volgens die redenering ervoor kunnen zorgen dat steenkoolcentrales elders in Europa minder rendabel worden.  

Video player inladen ...

En de Belgische klimaatdoelstellingen?

De bouw van gascentrales heeft geen enkele invloed op de klimaatdoelstellingen die België moet halen. Die slaan immers enkel op sectoren die niét onder de handel in emissierechten vallen. Het gaat dan om de transportsector, de landbouw en de gebouwen. Voor die sectoren heeft elk land in de Europese Commissie een aparte doelstelling. De Europese Commissie stelde voor België een vermindering met 35 procent voor,  te bereiken tegen 2030.  Dat wordt een aartsmoeilijke opgave, vooral omdat de uitstoot door het verkeer maar blijft stijgen. Maar de eventuele bouw van gascentrales heeft op het bereiken van die doelstelling geen enkele invloed.