Video player inladen ...

Recordaantal dienstencheques aangekocht in 2016, maar groei zwakt wat af 

In 2016 zijn er in Vlaanderen een recordaantal diensten­cheques aangekocht, net geen 82 miljoen stuks. Dat is een stijging met 3,8 procent. In 2015 ging het nog om een groei van 10 procent. De populariteit van de dienstencheques, waarmee gebruikers huishoudelijke hulp kunnen betalen, lijkt zich dus wat te stabiliseren.

Het kabinet van Vlaams minister van Werk Philippe Muyters (N-VA) heeft vandaag het jaarraport voor 2016 van de diensten­cheque­sector voorgesteld. Daaruit blijkt dat 668.066 Vlaamse gebruikers samen 81,8 miljoen diensten­cheques hebben gekocht bij 1.473 ondernemingen.

Met die cheques werden 88.334 werknemers aan het werk gezet, gemiddeld gedurende 2,4 uur per week en per gebruiker. In totaal kostte het diensten­cheque­stelsel in 2016 1,3 miljard euro aan de overheid, inclusief 177,3 miljoen euro voor de fiscale aftrek.

In 2016 waren 41 procent van de dienstencheques elektronisch. Deze zijn vooral ingeburgerd bij de jongere gebruikers: meer dan 60 procent in de leeftijdscategorie van 20 tot 40 jaar maakt gebruik van het elektronische systeem. Sodexo, het bedrijf dat dienstencheques uitgeeft in Vlaanderen, kreeg onlangs nog een boete van de overheid omdat de omschakeling van papieren naar elektronische cheques te traag verloopt.

Dienstencheques zijn vooral populair bij dertigers en veertigers (samen goed voor ruim 40 procent) en bij 65-plussers (29 procent). Minister Muyters is tevreden met de cijfers. "De dienstencheque is in het leven geroepen met als belangrijk idee dat het een goed hulpmiddel is om de combinatie werk en gezin te maken. Dat lijkt dus wel echt te lukken. Die groepen doen er het meest beroep op. Bovendien halen we mensen hiermee uit het zwarte circuit."

Slechts 2 procent van de werknemers in de diensten­cheque­sector zijn mannen. Er werken ook relatief weinig jongeren. Meer dan de helft van de werknemers zijn dertigers of veertigers en 30 procent van de werknemers zijn 50-plussers. Met 48 procent was iets minder dan de helft van de diensten­cheque­werknemers van niet-Belgische herkomst.