Betaalbaar wonen en circulatieplan hoofdthema's tijdens eerste Leuvense kiesdebat

De lijsttrekkers van zeven partijen (SP.A, CD&V, Open VLD, N-VA, Groen, Vlaams Belang en PVDA) kruisten maandagavond de degens tijdens het eerste grote verkiezingsdebat in Leuven. De problematiek van betaalbaar wonen en het verkeerscirculatieplan voor de binnenstad, dat Leuven eind 2016 invoerde, waren de centrale thema's.

Verwijzend naar het feit dat de woningprijzen in Leuven de duurste zijn van alle Vlaamse centrumsteden, stelde Rik Daems (Open VLD) dat de situatie in de loop van de 24 jaar onder SP.A- en CD&V-bestuur almaar erger geworden is. Lorin Parys (N-VA) verweet het bestuur "de middenklasse compleet te zijn vergeten". Uit een eigen enquête blijkt volgens Line Dewitte (PVDA) dat de Leuvenaar het beu is "dat de stad hem op die manier ontnomen wordt". David Dessers (Groen) wees erop dat het aantal sociale woningen het afgelopen jaar in Leuven nog verminderd is en de wachttijd inmiddels opgelopen is tot 4 jaar.

Om het wonen betaalbaarder te maken, willen zowel Daems als Parys een regeling waarbij de onroerende voorheffing voor bepaalde groepen gedurende een aantal jaren kwijtgescholden wordt. Concreet stelde Parijs een vrijstelling gedurende drie jaar voor jonge gezinnen voor. Om het aanbod aan woningen te verhogen, bepleitte Daems de mogelijkheid om hoger te bouwen. Leuven moet volgens Parys daarnaast private ontwikkelaars opleggen om een vijfde van hun woningen betaalbaar te maken voor modale inkomens. Voor Dewitte moeten projectontwikkelaars steeds een derde sociale en twee derde betaalbare woningen bouwen.

Net als schepen Mohamed Ridouani (SP.A) bepleitte David Dessers de oprichting van een door de stad financieel gesteunde stichting die gronden in een erfpachtformule gratis ter beschikking stelt van woningbouwers. Ridouani wil op die manier 500 nieuwe woonheden kunnen creëren. Hij wees er ook op dat de stad de afgelopen jaren van projectontwikkelaars de verkoop van een honderdvijftigtal goedkope budgetwoningen gerealiseerd heeft. Ook schepen Carl Devlies (CD&V) bepleitte een systeem waarbij jonge gezinnen gedurende 3 tot 5 jaar worden vrijgesteld van onroerende voorheffing.

Over het verkeerscirculatieplan stelde Parys dat de maatregel het aantal autobewegingen in en rond de stad nog heeft doen toenemen. Net als Daems bepleitte Dessers een mobiliteitsplan voor de ganse stad. Dewitte bepleitte gratis openbaar vervoer. Zowel Ridouani als Devlies repliceerden dat de binnenstad sinds de invoering van het verkeerscirculatieplan veel leefbaarder en veiliger geworden is. Zo is het aantal fietsers er met meer dan 30 procent gestegen.

In de vragenronde wees Ridouani tot slot op de noodzaak van een stadsgewestelijke aanpak om de vele uitdagingen op vlak van wonen, mobiliteit en economie waarmee Leuven als gevolg van de sterke bevolkingsaangroei te kampen heeft, grondig aan te pakken. Hij heeft hierover al contacten gelegd en hoopt dat er nog deze zomer hierover een principeovereenkomst is, zodat de nieuwe schepencolleges na 2019 hierop verder kunnen werken. Als stadsgewest denkt Ridouani aan de regio Leuven-Aarschot-Diest-Tienen en alle gemeenten daartussen.