De kachelsector reageert: 5 tips om je uitstoot met tientallen procenten te verlagen

De sector van de huishoudelijke verbrandingstoestellen beseft dat er een probleem is met de luchtvervuiling. Zijn vertegenwoordigers overleggen momenteel met minister van Omgeving Joke Schauvliege (CD&V) over een actieplan. Je zal hout mogen blijven stoken, benadrukken ze. Maar je moet dat wel op een goede manier doen. De sector geeft deze 5 tips mee.

1. Koop een pelletkachel

Moderne pelletkachels (na 2016 op de markt gebracht) stoten veel minder fijn stof uit dan een houtkachel of een open haard: ze mogen maximaal 30 milligram per kubieke meter produceren. Bij een open haard loopt dat op tot het tienvoudige: 300 mg/m³. Een moderne houtkachel zweeft daar ergens tussenin: die mag maximaal 40 mg/m³ uitstoten.

Tegenwoordig bestaan er zelfs pelletkachels die nagenoeg niets meer uitstoten. Ze worden volledig automatisch bediend, waardoor de verbranding optimaal verloopt. En ze hebben een filter die het overgebleven fijnstof tegenhoudt.

Nadeel: die pelletkachels zijn nog duur. Ze kunnen meer dan 5.000 euro kosten (inclusief btw). En je hebt er elektriciteit voor nodig, omdat de bediening volautomatisch verloopt. De filters raken bovendien makkelijk verstopt. Je moet ze dus zeer regelmatig reinigen.

Ander nadeel van een pelletkachel: pellets groeien niet in je tuin. Ze worden in speciale fabrieken gemaakt: extra energie dus, en ook extra energie om ze te laten leveren bij je thuis of te gaan ophalen bij een handelaar. Voor mensen die zelf hout ter beschikking hebben, is een moderne houtkachel een betere oplossing.

BELGA/MAETERLINCK

Vergeet een open haard, en zeker volcontinu smoorkachels (houtkachels die dag en nacht kunnen blijven branden). Die laatste zijn verschrikkelijk vervuilend: in theorie mogen ze maximaal 150 mg/m³ uitstoten, maar de sector geeft zelf toe dat dat in de praktijk kan oplopen tot maar liefst 5.000 mg/m³. Dat is 1.000 keer meer vervuilend dan een biomassacentrale. De kachelsector benadrukt dan ook dat ze de smoorkachels liever zo snel mogelijk ziet verdwijnen.

2. Vervang je oude kachel door een nieuwe

De normen voor de kachels zijn sinds 2010 telkens verscherpt: een gewone voorzetkachel mocht in 2010 nog 100 mg/m³ uitstoten. Bij een kachel van na 2015 is dat teruggebracht tot minder dan de helft: 40 mg/m³. En modernere kachels doen het nog beter. Niemand weet precies hoeveel oude kachels er in ons land staan, maar feit is dat die ettelijke keren meer vervuiling de lucht inspuiten dan de moderne kachel.

De sector ziet die oude kachels liefst zo snel mogelijk verdwijnen. Een oude kachel is voor hen eentje van voor 2010. Die allemaal vervangen is natuurlijk de droom van elke kachelverkoper, maar het lijkt erg onwaarschijnlijk dat de Vlamingen daarin zomaar zullen meestappen: die verwachten dat hun kachel een paar tientallen jaren meegaat, zeker geen acht.

In Duitsland, waar de overheid in tegenstelling tot de onze de kachels wél registreert, stamt ruim 80 procent van de kachels van voor 2010. En liefst een kwart van de kachels is ouder dan 40 jaar. Bij ons is dat heel waarschijnlijk niet beter: 80 procent van onze kachels vervangen, is gewoon onmogelijk. Zelfs niet als er een vervangingspremie komt: een kachel kost makkelijk 1.000 euro, duurdere modellen kunnen oplopen tot 4.000 euro of meer. Dat vraagt dus om een forse premie. En onze overheid staat niet direct te trappelen om alweer een hernieuwbare-energietechnologie te ondersteunen.

3. Zorg voor goed brandhout

Een kachel volstoppen met allerlei afval, geverfd, gelakt of ander bewerkt afvalhout: het gebeurt jammer genoeg nog te vaak. En het is een garantie op een pak luchtverontreiniging. Tests hebben uitgewezen dat slechte brandstof de uitstoot van giftige stoffen ettelijke keren omhoog jaagt.

Ook slecht brandhout zorgt voor problemen. Als het hout te nat is, bijvoorbeeld, of van slechte kwaliteit. Niet alleen levert je hout dan veel minder warmte, de uitstoot van fijnstof en CO2 gaat er meteen van door het dak.

Brandhout laat je best minimaal twee jaar drogen, op een droge en goed verluchte plaats. Daarnaast kies je best voor hard hout, zoals eik, beuk of es. Dat brandt veel langer en zorgt voor veel meer warmte en een betere, schonere verbranding. Zachter hout van berken en wilgen kan ook, maar de regel blijft: goed laten drogen. Minder aan te raden is hout van sparren of dennen: het hars blijft makkelijk aan de schoorsteen kleven en zorgt voor meer roetafzet.

Hak je hout ook op de juiste manier: gekloven hout brandt beter dan ronde takken, omdat het een groter contact maakt met het vuur. En als je je hout zelf niet hakt, probeer na te gaan waar je gekocht hout vandaan komt. Kijk naar ecolabels, aanduidingen van duurzaam bosbeheer en ga te rade bij een betrouwbare houtleverancier. Niemand wordt er beter van als voor onze kachels ecologisch waardevolle bossen moeten sneuvelen.

4. Leer goed stoken

Veel mensen maken hun kachel nog aan met krantenpapier: dat is fout. De inkt van het papier zorgt ook voor schadelijke stoffen en koekt aan je schoorsteen. Je gebruikt beter natuurlijke aanmaakblokjes en laat al het papier en karton achterwege.

Je stapelt je hout best ook geschrankt opeen, tot je een soort minibrandstapel krijgt. En vooral: die brandstapel steek je niet van onderen aan, maar van boven. De aanmaakblokjes komen dus bovenop het hout: je stopt ze er niet onder. Dat lijkt bijna tegennatuurlijk, maar het werkt blijkbaar.

Die zogenaamde top-fire methode doet de fijnstofuitstoot spectaculair dalen. Uit tests blijkt dat er maar liefst tot 73 procent minder fijnstof de lucht ingaat tijdens de aanmaakfase. Een aanzienlijke vermindering, want precies bij het aansteken (en uitdoven) van je kachel is de fijnstofuitstoot het grootst.

Zorg er ook voor dat je hout niet te lang is, zodat het geen contact maakt met de zijkanten van je kachel: dat veroorzaakt extra roetafzet.

Kijk ook naar de ruit van je kachel: als die zwart aanslaat, dan heb je een slechte verbranding en moet je de luchtinlaat aanpassen. Net als bij te grote rook- en geurontwikkeling: dan is de verbranding gewoon slecht en schieten de emissies van schadelijke stoffen de hoogte in.

Luister ook naar het advies van de overheid. Wanneer die waarschuwt dat je best niet stookt, doe dat dan ook niet.  Vooral op windstille dagen, als door temperatuurinversie de lucht blijft hangen, is hout stoken echt uit den boze. De schadelijke stoffen raken onvoldoende verdund, slaan onmiddellijk neer en zorgen gegarandeerd voor overlast: geur én vooral een directe aanslag op de luchtwegen en het hart- en bloedvatenstelsel.

Tot slot: laat je kachel plaatsen door een specialist. En laat je schoorsteen minstens één keer per jaar reinigen en je kachel nakijken. Het zal je veel leren over je stookgedrag én je voorkomt er nog ergere dingen mee: een schouwbrand of verstikking.

5. Overheid: werk een controlesysteem uit

Maar de overheid moet niet alleen met waarschuwingen komen over ons stookgedrag, ze moet ook echt ons kachelpark gaan controleren. Want nu gebeurt er niets. Heel anders dan over de grens in Duitsland: daar kijken schoorsteenvegers  niet alleen jaarlijks je schoorsteen na, maar controleren ze meteen ook de kwaliteit van je kachel én inventariseren het kachelpark.

Bij die controle hoort ook een uitstootmeting: als je kachel niet voldoet, dan krijg je gewoon een stookverbod én eventueel een boete. Het zorgt er alleszins voor dat de Duitse overheid een veel beter zicht heeft op het stookgedrag van haar bevolking en de staat van het “kachelpark”. De meest vervuilende exemplaren gaan er onverbiddelijk uit. De inventarisatie is ook beter, waardoor de Duitse overheid vermoedelijk ook veel beter kan inschatten hoeveel energie de houtkachels precies leveren. En het zet ook meer druk op het systeem om het kachelpark sneller te vernieuwen.

Bij ons is dat er allemaal niet. Waardoor je in scherpe discussies belandt: sommigen zien de open haarden en hout- en pelletkachels liefst meteen verdwijnen, anderen doen alsof er geen vuiltje aan de lucht is en stoken op een onverantwoorde manier duchtig verder. De overheid schiet dus best meteen in actie. Want Vlaanderen is voor zijn luchtkwaliteit sowieso al een zwarte vlek in Europa. Een overheid die de extra uitstoot van de ongecontroleerde kachels gewoon laat overwaaien omdat die kachels zo belangrijk zijn voor de hernieuwbare energienormen, dat kunnen we eigenlijk missen als kiespijn.