Nieuw groot rapport bevestigt gevaren pesticiden voor bijen: wat beslist de EU? 

Wilde bijen en honingbijen worden wel degelijk in gevaar gebracht door drie soorten pesticiden die we kennen onder de noemer neonicotinoïden. Dat staat in een nieuw Europees rapport. De EU moet binnenkort beslissen of het huidige moratorium in de landbouw verlengd wordt of niet.  

Het vorige rapport van de Europese voedselautoriteit (EFSA) dateerde van 2013 en was dus toe aan vernieuwing. Op basis van onder meer dat vorige rapport legde Europa in 2014 een (gedeeltelijk) verbod op voor pesticiden die schadelijk waren voor de bijenpopulatie (er zou ook een schadelijk effect zijn voor vogels, maar die zijn minder van belang specifiek voor onze voedselketen, red.).

Sinds 2015 heeft het wetenschappelijk agentschap van de EU in Parma zich nog intensiever toegelegd op een specifieke evaluatie. Er werd ingezoemd op drie soorten bijen: niet enkel op de honingbij, maar ook op wilde bijen zoals hommels en solitaire bijen.   

Bijen zijn cruciaal voor onder meer het bestuiven van bloesems van fruitbomen en gewassen, en zijn een onmisbare schakel in onze voedselproductie. De wereldwijde voedselproductie bestaat voor drie vierde uit planten die minstens deels afhankelijk zijn van bestuiving om vruchten te dragen.

In het nieuwste overzicht is rekening gehouden met alle wetenschappelijke rapporten over het onderwerp sinds 2013 - het zou gaan om zowat 700 verschillende studies. Het zou wel eens cruciaal kunnen zijn in de beslissing die moet worden genomen over een verlenging of uitbreiding van het verbod.

Voor de rechter

Het nieuwste rapport toont aan dat de mate van schadelijkheid afhangt van de omstandigheden en van het type bij, maar José Tarazona, het hoofd van de pesticide­afdeling van het EFSA, zegt dat "globaal gezien de risico's voor de drie soorten bijen bevestigd worden".

Die conclusie is belangrijk, omdat verschillende producenten van pesticiden druk zetten op Europa om de beslissing te herzien. Het Zwitserse concern Syngenta en de Duitse chemiereus Bayer hebben de kwestie zelfs voor het Europees Hof gebracht. Zij argumenteren dat er in de praktijk geen direct bewijs bestaat dat enkel neonicotinoïden verantwoordelijk zijn voor de scherpe daling van het aantal bijen. Ze zeggen dat het een complex vraagstuk is waarin verschillende factoren meespelen. Die procedure loopt overigens nog.      

Globaal genomen kunnen we zeggen dat de risico's voor de drie soorten onderzochte bijen bevestigd worden

In serres zou het meevallen, in open lucht veel minder

De resultaten van het onderzoek zijn dus gemengd. De EFSA bestudeerde drie types neonicotinoïden en onderzocht het effect op bijen via drie mogelijke types blootstelling: residu's in pollen en nectar, stoffen die vrijkomen tijdens het zaaiproces of het gebruik van behandelde zaden, en waterconsumptie. In bepaalde scenario's - zoals wanneer de pesticiden gebruikt worden op gewassen onder glas - lijkt het effect op bijen mee te vallen, terwijl andere scenario's - zoals op bloeiende gewassen in open lucht - dan weer veel schadelijker zouden zijn.

De EFSA maakt de resultaten nu over aan experts in de Commissie en gaat ze delen met de EU-lidstaten, die dan later samen gaan beslissen over eventuele veranderingen aan de huidige beperkingen. Tot nu toe is er nog geen algemene stemming gehouden, net in afwachting van het rapport.

Op 22 en 23 maart gaat een speciaal comité zich over de kwestie buigen.