imago stock&people

Honden klonen: kan het ook voor Jan Modaal?

In een gesprek met Variety verklapt Barbra Streisand dat ze haar dode hond 2 keer liet klonen. Is deze optie iets voor de happy (and rich) few? Of kan het ook voor Jan Modaal? Professor dr. Ann Van Soom van de UGent legt uit.

Miss Scarlett en Miss Violet: zo heten de nieuwe honden van Barbra Streisand. De dieren zijn genetisch identiek en dat is geen toeval: allebei zijn het klonen van Samantha, de vorige hond van de Amerikaanse zangeres. Dat onhult ze deze week in de marge van een uitgebreid interview met Variety.

Hoe alledaags is deze keuze anno 2018? Is ze enkel voor de happy (and rich) few weggelegd? Of kan ook Jan Modaal zijn dierbare hond laten klonen? VRT NWS vraagt het aan professor dr. Ann Van Soom. Zij is professor in de voortplanting van huisdieren van de faculteit Diergeneeskunde van de UGent.

200.000 dollar of euro

"Een gekloonde hond kost vandaag makkelijk 200.000 dollar of euro", valt ze met de deur in huis. "Wie zo'n dier wil, moet aankloppen bij firma's in de VS of in Zuid-Korea. Het volstaat hen een stukje huid van een dier toe te sturen."

Van Soom heeft al al zulke biopsieën van paarden afgenomen om elders te laten klonen. Zelf klonen doet de UGent niet, hoewel de universiteit voor paarden in principe wel de nodige technologie in huis heeft. 

"Voor honden ligt het veel moeilijker omdat de dieren een specifiek voortplantingssysteem hebben. Teven zijn slechts 2 keer per jaar loops en produceren dus slechts 2 keer per jaar eicellen. Die zijn nodig om het genetische materiaal van de kloon in te brengen en tot een embryo te laten uitgroeien."

Draagteef

Daarmee is de kous niet af want nadien moet dat embryo in de baarmoeder van een draagteef terechtkomen, dit op een moment dat de hormonenhuishouding van het dier precies goed zit opdat het kan innestelen. "Hiervoor heb je werkelijk honderden proefhonden nodig. Bij ons is dat onhaalbaar."

Bij andere dieren verloopt dit proces makkelijker, onder meer omdat weefsel couranter beschikbaar is. "Om dieren voor onderzoeksdoeleinden te klonen, kunnen we voor sommige soorten aan de slag met slachtafval. Bij katten kunnen we dan weer makkelijker eicellen oogsten. Net als paarden zijn die dieren relatief makkelijk te klonen. Dat geldt ook voor hoefdieren als runderen en varkens."

Voedselketen

Volgens Van Soom is de wet in ons land niet duidelijk over de vraag of huisdieren klonen mag. "Bij ons mogen gekloonde dieren niet in de voedselketen terechtkomen. Ook afgeleide producten van gekloonde dieren zoals melk zijn uit zijn uit den boze. In de VS en in delen van Azië mag het wel en gebeurt het ook frequent."

"Voor onderzoeksdoeleinden mogen we wel dieren klonen. Het mag ook om bedreigde dieren te redden of om de continuïteit van wetenschappelijk onderzoek te garanderen. Zo zijn enkele jaren geleden geiten ontwikkeld die dezelfde stof als spinnenwebben produceren. Als zo'n geit sterft, mogen wetenschappers die klonen om niet opnieuw van nul te moeten herbeginnen."

Griezelverhalen

Ethisch ziet Van Soom weinig bezwaren tegen dieren klonen, zeker als het voor onderzoeksdoeleinden gebeurt. "Bij klonen denken mensen meteen aan griezelverhalen, maar dit is een heel andere context."

"Voor honden ligt klonen misschien minder voor de hand op ethisch vlak omdat de techniek voor die dieren zo ingrijpend is. Voor andere dieren kan klonen wél zonder veel dierenleed te veroorzaken. De vraag is welke keuze mensen zelf zullen maken in de toekomst. Hopelijk wint het gezond verstand en halen ze een dier bij een fokker of uit een asiel."