De zoektocht van een Belgische socialist, Camille Huysmans, naar vrede

Vanaf de lente van 1917 was er sprake van een conferentie van socialistische partijen uit alle landen, vriend of vijand, die zou moeten proberen een einde te maken aan de uitzichtloze Eerste Wereldoorlog. De drijvende kracht hierachter was de Belg Camille Huysmans. Deze maand 100 jaar geleden strandde zijn zoektocht definitief.

Na het uitbreken van de Grote Oorlog zaten de socialistische partijen met een kater. In de jaren daarvoor hadden ze, verenigd in de Socialistische Internationale, gewaarschuwd voor een oorlog die de imperialistische mogendheden zouden uitvechten op de rug van de arbeiders. Maar eenmaal het conflict uitgebroken, bleken ze machteloos.

Sterker, in de meeste oorlogvoerende landen steunden de socialistische partijen de oorlogsinspanning. Ze hadden immers het recht erkend van elk land om zich te verdedigen, en nu hun eigen land aangevallen werd, was het grijpen naar de wapens gerechtvaardigd. Ze stemden in het parlement voor oorlogskredieten. In Frankrijk, Groot-Brittannië en België traden ze zelfs tot de regering toe. Sterker, ze veroordeelden de houding van hun zusterpartijen in de vijandelijke landen.

Alleen in Rusland, met zijn autoritair tsarenregime, en in Italië, dat eerst buiten de oorlog bleef maar later uit pure hebzucht ging meedoen, bleven de socialisten zich tegen de oorlog verzetten.  

"Het socialisme is de vrede". Een ietwat optimistische voorpagina van "Der Wahre Jacob", een satirisch weekblad dat aanleunde bij de gematigde Duitse socialisten (nr 815, 1917)

Toen bleek dat het conflict uitliep op een langdurige uitputtingsoorlog, probeerden socialisten die het niet eens waren met de “chauvinistische” houding van hun partij, opnieuw contacten te leggen over de frontlinies heen. Ze organiseerden in 1915 een geheime internationale conferentie in het Zwitserse dorpje Zimmerwald.

Alleen de Italiaanse en de Roemeense partijen en de Russische bolsjewieken en mensjewieken waren officieel vertegenwoordigd.  Verder  allerlei dissidente groepen en enkele weinig bekende Duitsers en Fransen. Belgen ontbraken volledig.

De conferentie van Zimmerwald deed niet veel meer dan de imperialistische oorlog te veroordelen. De aldus georganiseerde tegenbeweging van “Zimmerwalders” bleef daarom marginaal, zeker toen de Russische bolsjewieken van Lenin een meer extreme houding gingen innemen. Voor Lenin moest de oorlog uitmonden in een burgeroorlog van arbeiders tegen kapitalisten.

Brieven van Lenin aan Camille Huysmans als secretaris van de Socialistische Internationale voor de Eerste Wereldoorlog. Lenin tekent eenmaal met zijn echte naam, Vladimir Oeljanov, en eenmaal met zijn schuilnaam Lenin (Collectie Huysmans, AMSAB Gent)

De eerste stappen van Huysmans

De eigenlijke socialistische Internationale vergaderde niet meer, maar was niet helemaal dood. Het secretariaat van de Internationale, dat gevestigd was in het Brusselse Volkshuis, bleef functioneren onder leiding van de geboren Bilzenaar Camille Huysmans.

In de loop van 1915 verhuisde Huysmans het secretariaat – en ook zichzelf – naar Den Haag in het neutrale Nederland. Van daaruit kon hij gemakkelijker contacten met andere landen onderhouden dan in het bezette België.

Begin 1916 hield Huysmans in Nederland een ophefmakende toespraak. Hij stelde voor om, stap voor stap, opnieuw contacten te leggen tussen de socialistische partijen van de tegengestelde kampen en samen te zoeken naar vrede door “een akkoord tot stand te brengen onder alle socialisten van de wereld”.

Camille Huysmans (hij was een zeer lange man) in gesprek met in een Nederlands kamp geïnterneerde Belgische soldaten (collectie AMSAB)

De tekst van de toespraak werd overal verspreid, maar werd bij de socialistische partijen met gemengde gevoelens ontvangen. Zeker bij zijn landgenoten. De conservatieve pers van het onbezette België verdacht Huysmans zelfs te handelen met de steun van de Duitsers.

Huysmans kreeg wel de steun van de sociaaldemocratische partijen in Nederland en de Scandinavische landen, landen die neutraal gebleven waren. Maar op zich konden die weinig doen.

De situatie veranderde toen in maart 1917 de Russische Revolutie uitbrak. De voorlopige regering die toen in Rusland werd gevormd, kon alleen aan de macht blijven dan zij de steun van enkele socialistische partijen: socialisten-revolutionairen en mensjewieken. Die waren bereid de oorlog voorlopig voort te zetten op voorwaarde dat er een rechtvaardige vrede zou komen, een vrede door vergelijk, “zonder annexaties of herstelbetalingen”.

Bijeenkomst van de socialistische partijen van de neutrale landen in Nederland in het voorjaar van 1917. Groepsfoto met v.l.n.r staand o.a. Edo Fimmen, Florentius Marinus Wibaut, H.J. Bruens, Jan van Zutphen, Algernon Lee, Johan Willem Albarda, zittend Nicolas Repetto, Thorvald Stauning, Pieter Jelles Troelstra, Camille Huysmans (Collectie AMSAB, Gent)

De Franse, Britse en Belgische regeringen wilden absoluut voorkomen dat het verzwakte Rusland uit de oorlog zou stappen. Ze zonden vooraanstaande socialisten naar Petrograd om daar met hun Russische kameraden de voortzetting van de oorlog te pleiten. De Duitse sociaaldemocraten zaten ook niet stil.  Langs een omweg zonden ze een boodschap naar Rusland waarin ze zich voorstander van een compromisvrede toonden.   

Zo ontstond een  vredesproces waarover de Geallieerde regeringen niet zo gelukkig waren, maar ze durfden de Russen niet voor het hoofd te stoten, te meer daar de Duitse kanselier Bethmann Hollweg het vredesinitiatief steunde.

Betoging voor vrede in de Zweedse hoofdstad Stockholm op 1 mei 1917 (collectie AMSAB, Gent)

Uitnodiging voor een conferentie

In dat kader werd het idee van Huysmans weer springlevend. Op 15 april besliste Huysmans en de leidende Nederlandse sociaaldemocraten om een maand later een internationale socialistische conferentie te houden in de Zweedse hoofdstand Stockholm om over vrede te praten. De arbeiderspartijen en vakbondsorganisaties van alle landen werden uitgenodigd.

De Nederlandse, Deense en Zweedse partijen steunden het initiatief en zouden ook voor de kosten opdraaien. De vergaderplaats was goed gekozen. Zweden was neutraal en door de oorlog was Stockholm vrijwel een verplichte tussenstop voor wie van en naar Petrograd reisde.

Links, klad van de uitnodiging aan de verschillende socialistische partijen om naar Stockholm te komen. Rechts, de timing voor de verschillende gesprekken met de partijen apart, waarmee de conferentie zou beginnen (Collectie Huysmans, AMSAB Gent)

Huysmans stond onder druk van de Denen en de Nederlanders om snel te handelen. Maar hij wist dat er niet overhaast kon worden gehandeld. En inderdaad: de Britse Labour Party, de Franse SFIO en de Belgische socialistische leider Emile Vandervelde (tevens minister en officieel nog altijd de voorzitter van de Internationale) sloegen het aanbod af. Men wilde niet met de vroegere Duitse en Oostenrijkse kameraden aan tafel zitten. Intern waren de partijen diep verdeeld. De socialisten in bezet België stonden misschien nog het meest afwijzend, vanwege het schrikbewind dat de Duitse bezetter uitoefende. Dat Huysmans een Belg was, veranderde daar weinig aan.

Huysmans ging daarop een stap-voor-stapmethode volgen. De datum van de conferentie werd uitgesteld. Eerst vormden  de Nederlandse, Deense en Zweedse socialistische leiders een permanent overlegorgaan in Stockholm. Dat Stockholm-comité begon in de Zweedse hoofdstad gesprekken met delegaties  van de afzonderlijke partijen. Zulke “gescheiden conferenties” verplichtten de partijen tot niets, maar ze konden wel hun standpunten verduidelijken. Het comité zou op basis van die standpunten vredesvoorstellen uitwerken voor de echte, algemene conferentie, voorzien voor midden juni. Een secretariaat, onder leiding van Huysmans, maakte syntheses van de voorstellen.

Links, het Stockholm-comité, Huysmans zit achteraan rechts. Rechts, hun ontwerp voor een vredesprogramma (Collectie AMSAB Gent)

In de loop van mei leken de voortekenen gunstig. De sovjet van Petrograd, die steeds meer macht had in Rusland, deed een oproep voor de conferentie. Ook de Britse liberale premier Lloyd George was het idee niet ongenegen. De situatie in Groot-Brittannië – dat erg leed onder de duikbotenoorlog - was rampzalig genoeg om aan vrede te denken en de sluwe Lloyd George had niets tegen een vredespoging waarbij hijzelf niet in de problemen kwam. De Labour Party zelf debatteerde hevig over de kwestie. Sommige Britse vakbonden, die een onderdeel van de partij vormden, waren tegen elk contact met de Duitsers.  

Einde mei kwam er binnen de Franse SFIO een ommekeer. In de SFIO hadden de pacifisten tot dan toe al een sterke minderheid gevormd,  einde mei haalden ze een meerderheid:  de partijraad besliste Franse afgevaardigden naar Stockholm te sturen.

Meteen daarop gaf de Franse regering de SFIO-afgevaardigden geen toestemming om te vertrekken. Het Franse leger werd geteisterd door muiterijen en de legerleiding vreesde voor het moreel in het leger als de SFIO haar gang kon gaan. De enige socialist in de Franse regering, Albert Thomas, was op dat moment in Rusland, al steunde hij meteen na zijn terugkeer zijn partij. De afgevaardigden mochten niet vertrekken, maar Thomas ging uiteindelijk zelf naar Stockholm.

De Duitse keizer Willem II wenst de Nederlandse socialisten Troelstra, Albarda en van Kol veel succes als ze vertekken om "in Stockholm vrede te stichten". Karikatuur uit De Amsterdammer, 28 april 1917.

Overleg in Stockholm

Daar waren intussen de “gescheiden conferenties” van start gegaan. Een voor een gingen delegaties van de verschillenden partijen met het Stockholmcomité praten over hun visie over oorlog en vrede. Behalve de SFIO kreeg alleen de kleine Amerikaanse socialistische partij geen toestemming om te gaan. Dat verwonderde velen, omdat de Amerikaanse president Wilson zelf voorstander was van een “vrede zonder overwinnaars en overwonnenen”.

De Russische bolsjewieken weigerden te komen. Hun leider Lenin besefte dat een compromisvrede zijn plannen zou dwarsbomen om in Rusland de macht te grijpen en hij wilde ook helemaal niet de oude Internationale herstellen, maar een nieuwe - communistische - Internationale stichten. Lenin probeerde zelfs via de “Zimmerwalders” de conferentie te dwarsbomen.

De delegatie van de van Duitse meerderheidssocialisten te Stockholm. vlnr. : F. Ebert, Eduard David, Philipp Scheidemann, Herman Müller, Richard Fischer, Herman Molkenbuhr, Johann Sassenbach (Collectie AMSAB Gent)

Intussen werd in Stockholm formeel en informeel gepraat, soms zelfs tussen de vijanden. Zo kwam het tot een ontmoeting tussen Albert Thomas en de  de oude Oostenrijkse partijleider Victor Adler, terwijl Vandervelde, die daar toen ook was, resoluut weigerde om zijn vroegere vriend Adler te zien.

Nooit eerder in  de hele oorlog leek een vredesproces zo ver gevorderd als in juli 1917. De Russen steunden de zaak openlijk en gingen zelfs deel uitmaken van het Stockholmcomité.  De Duitse Rijksdag stemde een “vredesresolutie”. Zelfs veel niet-socialistische politici zagen in “Stockholm” de beste kans tot vrede, te meer daar de tijd drong: en de vrees toenam dat Russische revolutie zou uitbreiden.

Het Duitse satirische weekblad wenst de vredesduif veel succes in Stockholm, en hekelt het offensief van de Geallieerden tegen de conferentie (nr 32, 1917)

Kans verkeken

De kansen op een algemene conferentie toe. De datum werd meermalen verlegd, maar men raakte het langzamerhand eens over de voorwaarden. Eind juli was de leiding van de Labour Party akkoord . De Britse socialistische topminister Arthur Henderson steunde het plan.

Maar net op dat moment veranderde de houding van Lloyd George. De Britse premier werd plots een uitgesproken tegenstander van de conferentie. Waarom precies is niet duidelijk. Het Russische Kerenski-offensief was net in een grote nederlaag geëindigd en misschien heeft Lloyd George gemeend dat de Russen niet meer zouden meetellen in de oorlog.

Hoe dan ook, na een kluwen van intriges en incidenten nam Henderson ontslag als minister en kregen de Labour-afgevaardigden verbod om te vertrekken. De Franse socialisten bleven intussen formeel voorstander van Stockholm maar Thomas stelde plots nieuwe voorwaarden: de Duitsers zouden hun “schuld” aan de oorlog moeten kunnen toegeven.

Manifestatie op Trafalgar Square in Londen tegen het vertrek van een Britse delegatie naar Stockholm. Onder andere een vakbond van zeelieden weigerde om het schip dat de delegatie naar Zweden zou brengen te laten afvaren (Excelsior, 16 juni 1917)

Eind augustus hielden de socialistische partijen van de Geallieerde landen een congres in Londen om het onderling eens te raken over hun doelstellingen. Ze raakten echter verdeeld in voor- en tegenstanders van “Stockholm”. Daarmee was de kans op de conferentie verkeken, zo zou achteraf blijken.

Toch werd er van 5 tot 12 september 1917 een conferentie in Stockholm gehouden, maar dan wel door de Zimmerwalders. Daar waren overwegend linkse minderheden en splintergroepen vertegenwoordigd, die weinig invloed hadden. Lenin had intussen met de Zimmerwalders gebroken.

Links, "De Internationale moet de strop rond de hals van het kapitalisme worden, maar hoe maak je van al die losse eindjes een sterk touw?", vragen de Zweed Branting en de Nederlander Troelstra zich af (Ivar Starkenberg in het Zweedse Politiken, 18 mei 1917) . Rechts, "Wachten op Stockholm", in alle hoeken van de zaal hangen spinnewebben (De Hollandsche Revue, 23 november 1917).

De “grote” conferentie in Stockholm werd niet afgelast, maar steeds opnieuw uitgesteld. De omstandigheden werden echter ongunstiger.

In het najaar van 1917 verdwenen de socialisten uit de Franse regering. Een maand later grepen de bolsjewieken de macht in Rusland en kort daarop gingen ze met Duitsland over een aparte vrede praten.

In februari 1918 hielden de socialistische partijen uit de Geallieerde landen (zonder de Russen) nog een conferentie in Londen, waar Huysmans en Vandervelde aanwezig waren en waar voorstellen voor een rechtvaardige vrede werden geformuleerd.

Maar begin maart 1918 sloten het bolsjewistische Rusland en Duitsland de vrede van Brest-Litowsk. Eind maart begonnen de Duitsers een zware aanval in het westen. Aan een compromisvrede dachten ze niet meer.

Links, hoe de Franse regering Stockholm tegenwerkt, en rechts, Stockholm als een wankele toren van Pisa, die tot mislukken is gedoemd. Karikaturen uit de Amsterdammer, 9 juni en 18 augustus 1917.

Geen maat voor niets

In januari 1918 hield het Stockholmcomité op met functioneren. Huysmans, die een berg werk had verzet, verhuisde naar Londen. Hij zou tot het einde van de oorlog in Engeland blijven, tegen zijn zin. Een vakbond van zeelieden, die zeer patriottisch was, weigerde elk schip te laten uitvaren met Huysmans aan boord ! Het zegt iets wat een controversieel figuur de lange, magere Limburger was geworden.

De vredesconferentie van Stockholm is als zodanig nooit is gehouden, maar het voorbereidend overleg was niet volledig zinloos geweest. Er werd nagedacht over vrede.   

De beroemde Veertien Punten, de vredesvoorwaarden die VS-president Wilson begin 1918 afkondigde als een middel tot een rechtvaardige vrede, waren voor een deel geïnspireerd op de ideeën die in Stockholm waren geformuleerd.

Volgenshet Duitse socialistische tijdschrift Der Wahre Jacob stonden vooral de Britten in de weg van Stockholm, de tekening rechts stelt cynisch het mislukken van Stockholm vast (1917, nummers 161, 169 en 172)

De man van Stockholm

Camille Huysmans was een controversieel figuur geworden.  In de vele karikaturen die over hem werden gemaakt, werd hij op zijn best ironisch vergeleken met de paus (die toen ook een vredesinitiatief nam) en op zijn slechtst met een landverrader.

Na het einde van de oorlog werd hij door zijn eigen partij niet als een held onthaald. In zijn woonplaats Brussel, waar Huysmans buiten volksvertegenwoordiger ook gemeenteraadslid was, was de sfeer vijandig. Ook al omdat de flamingant Huysmans voor de oorlog voor de vervlaamsing van de Gentse universiteit had geijverd, iets wat tijdens de oorlog een wrange bijsmaak had gekregen.

Omdat de Antwerpse vakbonden hem tijdens de oorlog wel gesteund hadden, verhuisde Huysmans naar Antwerpen, waar hij snel schepen van Onderwijs en later zelfs burgemeester werd.

Karikaturen van Camille Huysmans, links vraagt hij zich af met welke formule hij de vredesduif uit de kooi van geweren kan bevrijden (Collectie AMSAB, Gent)ijde

Pas veel later – hij was intussen een belangrijk staatsman die premier en Kamervoorzitter was geweest - werd Camille Huysmans meerdere malen gehuldigd als “de man van Stockholm”, diegene die boven de oorlogvoerende landen stond en vrede wilde stichten.

In 1963 zorgde de toen 92-jarige Huysmans voor sensatie door zijn artikel ‘De man van Stockholm in 1917 was koning Albert’. Volgens hem had Albert I in het geheim met hem overleg gepleegd over zijn vredespoging en hem aangemoedigd.

Huysmans’ “onthulling” werd lang serieus genomen, te meer daar hij toen goed bevriend was met Alberts weduwe koningin Elisabeth. Maar achteraf bleek zijn verhaal niet te kloppen.

Historisch onderzoek heeft aangetoond dat Albert I wel degelijk voorstander was van een compromisvrede, maar niet dat hij daar ooit over met Huysmans heeft gesproken. Bovendien heeft Huysmans de koning tijdens de oorlog maar eenmaal ontmoet, in februari 1915, toen er van “Stockholm” nog geen sprake was.

Camille Huysmans, die op het einde van zijn lange leven een mythe was geworden, maakte er zelf nog een mythe bij.  

Huysmans op een terras in Stockholm tussen Arthur Engberg en Otto Pohl (Collectie AMSAB Gent)
Huysmans en zijn familie in Scheveningen, 1917 (Collectie AMSAB Gent)