Daar is de vliegende auto weer, de Nederlandse PAL-V Liberty

Het Nederlandse bedrijf PAL-V uit Raamsdonksveer wil volgend jaar een vliegende auto aanbieden. Deze maand is het voertuig te zien op het autosalon van Genève. De basis is een erg lichte wagen die toch aan alle wettelijke veiligheidsvoorschriften op de weg voldoet. En hij kan vliegen.    

Tien jaar al werkt PAL-V aan het prototype. En bij experimenten vloog hij! Na de onthulling in Genève gaat de Nederlandse overheid kijken hoe het zit met vergunningen en licenties om de Liberty in de lucht te krijgen. Die Liberty is een soort gyrokopter met drie wielen en twee plaatsen. Hij lijkt meer op een trike, een motor met drie wielen, dan op een driewielige auto, genre de Reliant bekend uit "Mister Bean". Bovenop staat een rotor zoals bij een helikopter. Maar die rotor draait door de windstroom veroorzaakt door een duwpropeller achteraan.   

Geen sinecure

Kan iedereen die 300.000 euro neertelt voor een Liberty zomaar gaan rijden en vliegen? Niet meteen. Om op te stijgen is een startbaan nodig van zeker 100 meter, mogelijk zelfs dubbel zo lang. Landen kan op 80 meter. Kortom, de autoweg is geen optie om te vertrekken voor een luchtdoop. Als de motor uitvalt, zakt de vlieger geleidelijk naar beneden, als een draaiend esdoornzaadje.

Tijdens rijden op de weg ligt de rotor opgevouwen op het dak. Bij de vooral Amerikaanse concurrentie zijn er modellen met inklapbare vleugels. Een zware rotor zo hoog op het dak maakt de auto minder stabiel. PAL-V gebruikt een ophangingssysteem waarbij de koets in de bochten sterk helt, maar de wielen op het wegdek plakken. In afwachting van een elektrische krachtbron rijdt en vliegt de Liberty op benzine. Probleem met elektrische aandrijving is het gewicht van batterijen.

En wie er met de Liberty op uit wil, heeft een strikt vluchtplan nodig. Vliegen gebeurt in slots, daar moet de piloot zich strikt aan houden. De ideale oplossing zou een zelfvliegend toestel zijn, waarbij alle vliegbewegingen computergestuurd of vanop een verkeerstoren worden geleid.  

Ik geloof dat de vliegende auto in een kleine niche een plaats kan vinden, maar het is zeker geen oplossing voor het fileprobleem. Trouwens, geen mens wil voortdurende vliegende voertuigen voorbij zijn ramen zien scheren.  

Joris Melkert, luchtvaartdeskundige universiteit Delft, in "De wereld vandaag" op Radio 1.

Vliegen, de droom van de mens

De mens heeft altijd al willen vliegen. Het begon al met de mythe van Icarus. De auto en het vliegtuig zijn niet al te ver uit elkaar bedacht. Heel snel ontstonden er ideeën om de twee uitvindingen te combineren. Dat gebeurde trouwens ook met boten en vliegtuigen, en met schepen en auto's, denk aan de Amphicar uit de jaren 60, bekend als voertuig van Kapitein Zeppos.

In plak-albums over vliegtuigen met chromo's uit chocoladerepen Victoria en Jacques, de voorlopers van Panini, zaten vanaf eind jaren 40 ook altijd een paar vliegende auto's. En Amerikaanse constructeurs hebben er daadwerkelijk gemaakt en het zwerk laten kiezen, maar een commerciële doorbraak kwam er nooit.  In de 21e eeuw, het tijdperk van Elon Musk en drones, borrelde de droom weer op.  

Vliegende auto's in de populaire cultuur

willy vandersteen/ standaard uitgeverij 2018

Bij ons is vooral de Gyronef bekend. Dit vliegende manusje-van-alles dat mensen en een forse lading kon vervoeren, werd uitgevonden door professor Barabas. Het toestel leek erg goed op een gewone helikopter. Al in 1945 dook de Gyronef op in "Het eiland Amoras". De helikopter was toen een spectaculaire nieuwe uitvinding, die Willy Vandersteen inspireerde. De Gyronef verscheen in verschillende verhalen van Suske en Wiske, en werd een begrip.  

Dan zijn er natuurlijk ook de vliegende objecten van Panamarenko. Al in de jaren 60 bedacht de Antwerpse avantgarde-kunstenaar allerlei voertuigen, te land, ter lucht en onder de zee. Bij de vliegende voorwerpen waren er zeppelins, rugzakken met straalmotoren en simpele vliegtuigjes. Panamarenko beweerde altijd dat ze echt konden vliegen.  

panamarenko

Harry Potter meets James Bond

Ook in de jeugdcultuur komen vliegende auto's voor. De meest bekende van de voorbije decennia is de Ford Anglia in de reeks Harry Potter. Een Anglia, met zijn aerodynamische snoet en naar binnen geplooide achterruit, zoals ook bij de Citroën Ami 6, lijkt vanzelf al wat op een vliegtuig. De auto was eigendom van de familie Wemel, of Weasley.  

Een nogal onwaarschijnlijke vliegende auto trad op in "The man with the golden gun", een van de minst geloofwaardige James Bonds. Roger Moore beleeft er allerlei avonturen in Australië, en de Australische afdeling van American Motors mocht de auto's leveren. Daar was ook een vliegende AMC Matador coupé bij. De trucage was erg doorzichtig en zelfs ronduit amateuristisch. De vliegende AMC was in werkelijkheid een onhandig gecamoufleerde Taylor Aerocar, een concurrent van de PAL-V Liberty.