Video player inladen ...

Slachthuis steekt hand in eigen boezem: "Fout lag alleen bij ons"

Slachthuis Vanlommel steekt de hand in eigen boezem nadat bekend is geworden dat het twee pallets met vervallen kalfsvlees naar Kosovo heeft geëxporteerd. “Het gaat om een menselijke fout. We hadden niet de intentie om te frauderen”, verklaart commercieel directeur Johan Heylen in “De zevende dag”.

Twee pallets diepgevroren kalfsvlees waarvan de houdbaarheidsdatum 20 dagen was verlopen, werden vorige zomer, in augustus door slachthuis Vanlommel uit Olen op een vrachtwagen gezet naar Kosovo. Aan de grens werd daar geconstateerd dat bij de lading van 20 ton twee pallets de houdbaarheidsdatum hadden overschreden.

Daags nadat het nieuws naar buiten gebracht werd door de Franstalige omroep RTBF, geeft het slachthuis toe dat het in de fout is gegaan. “Het gaat om een menselijke fout”, legt commercieel directeur Johan Heylen uit in het tv-programma “De zevende dag”.

“Iemand van onze mensen heeft per vergissing twee pallets die afgevoerd moesten worden voor veevoeder op de vrachtwagen gezet." Op de bewuste pallets hingen ook nog gewoon etiketten waarop de houdbaarheidsdatum stond. Het vlees was twee jaar houdbaar en de houdbaarheidsdatum was met 20 dagen overschreden.

“Die pallets stonden achteraan de vrachtwagen, wat erop wijst dat er geen intentie was om te frauderen”, voert de commercieel directeur van het slachthuis aan. Op die manier werd bij een grenscontrole meteen vastgesteld dat het vlees vervallen was, waarop de Kosovaarse klant naar Vanlommel belde. Het was uitgerekend ook de klant waaraan vleesbedrijf Veviba bedorven vlees leverde.

Hand in eigen boezem

Volgens Heylen werden de pallets per vergissing op de vrachtwagen gezet. “We weten wie dit heeft gedaan en hebben met die man gesproken.” Maar de man is nog in dienst bij het bedrijf. “Wij zijn een familiebedrijf dat 40 jaar bestaat, en gaan niet iemand ontslaan om een eenmalige fout”, zegt de commercieel directeur.

De man wil de verantwoordelijkheid echter niet op de werknemer afschuiven. “Wij steken ook de hand in eigen boezem. Onze eigen procedures hebben niet goed gefunctioneerd. Die hebben we na dit voorval intern geëvalueerd en aangepast, ook al was dit nooit eerder bij ons voorgevallen.”

"Wijzen enkel naar onszelf"

Na het bekend worden van het vleesschandaal met Veviba, ligt het voedselagentschap FAVV onder vuur. Maar slachthuis Vanlommel wil daar nu geen kritiek op leveren.

"In dit geval ligt de fout alleen bij ons. Wij wijzen naar niemand: niet naar de klant, die we volledig vergoed hebben, noch naar de Kosovaarse autoriteiten die de volledige vracht vernietigd hebben waarvan slechts twee paletten niet comform waren, noch naar het FAVV. Wij wijzen enkel naar onszelf", besluit Johan Heylen.

Heylen betreurt dat het vertrouwen in de vleessector nu een extra knauw dreigt te krijgen. "De mensen verdienen een goed product. Wij zijn er 100 procent van overtuigd dat wij een goed product leveren. Wij hopen dat de consument het vertrouwen in het vlees niet verliest, want er zijn dagelijks duizenden mensen die zich inzetten om een goed stuk vlees naar de consument te brengen. Het mag niet zijn dat enerzijds door fraude (bij Veviba, red.) en anderzijds door een incident het vertrouwen wordt geschaad."