Van wie moet het Westen schrik hebben op militair vlak? "Rusland op korte termijn, China op lange"

Het Westen moet op militair vlak schrik hebben van Rusland en China. Dat zeggen medewerkers van het International Institute for Strategic Studies aan Knack. "Het Westen loopt vooral achter op het vlak van modernisering."

Knack vroeg zich af hoe de militaire machtsverhoudingen momenteel liggen en ging daarvoor te rade bij het International Institute for Strategic Studies, een denktank in Londen die zich daar hoofdzakelijk mee bezighoudt. 

"Die denktank brengt elk jaar een soort van bijbel uit, waarin ze een overzicht maken van alle militaire hardware wereldwijd", zegt journalist Kristof Clerix in "De ochtend" op Radio 1. "Hoeveel bommen en granaten hebben 171 landen? Welke gevechtsvliegtuigen? Welke vliegdekschepen? Het staat er allemaal in. Het rapport wordt dan ook in alle militaire hoofdkwartieren aandachtig gelezen."

De VS is nummer 1, Rusland en China zijn in opmars

En dus is die denktank ook zeer goed geplaatst om uitspraken te doen over de militaire machtsverhoudingen. "Volgens hen is het duidelijk. De Verenigde Staten geven elk jaar 489 miljard euro uit aan defensie. Zij zijn dus de nummer één", zegt Clerix. "Maar twee landen maken ook heel wat opmars. Rusland heeft veel gevechtservaring opgedaan in Syrië. Zij zien dat land echt als een militaire proeftuin. Daarnaast is China ook bezig met een indrukwekkend moderniseringsprogramma. Zij willen een militaire superpower worden tegen 2050. Volgens het instituut is Rusland dus op korte termijn en China op lange termijn een bedreiging voor het Westen."

"Vooral op het vlak van modernisering loopt het Westen achter", besluit Clerix. "Om een voorbeeld te geven: alleen al de laatste vier jaar heeft China militaire gevechtsschepen gebouwd die een even grote tonnage hebben als de hele Franse vloot. Dat is iets waar het Westen toch aandacht voor moet hebben."

Herbeluister hier het gesprek in "De ochtend"