Video player inladen ...

De mocromaffia in Amsterdam: liquidaties in 5 vragen en antwoorden

"Terzake" werpt vanavond de schijnwerpers op de zogenoemde mocromaffia in Amsterdam, de Marokkaanse georganiseerde misdaad. In dat milieu zijn al 20 mensen geliquideerd. Is het geweld te stoppen en is er een verband met België? Misdaadjournalist bij NRC Handelsblad Jan Meeus geeft tekst en uitleg.

1. Wat betekent mocromaffia?

In de term mocromaffia zitten twee woorden: Marokko en maffia. "Mocro" is een weinig flatterend begrip waarmee Marokkanen bedoeld worden. En "maffia" duidt als verzamelbegrip op de georganiseerde misdaad.

Mocromaffia is dan die georganiseerde criminaliteit die vooral bedreven wordt door mensen met een Marokkaanse nationaliteit en/of afkomst. Het begrip dook voor het eerst op in de Nederlandse media in 2010. Men sprak toen over de nieuwe generatie criminelen die zich hadden toegelegd op de drugshandel, vooral de cocaïnehandel.

2. Zijn liquidaties typisch voor de mocromaffia?

Neen, dat is niet zo. Eind vorig jaar werd in Amsterdam het grote Passageproces afgesloten (een zaak die ging over zeven vermoorde criminelen) en op dit moment loopt het Holleederproces (genoemd naar Willem Holleeder die ook moet terecht staan voor een aantal liquidaties).

In Nederland kent men het fenomeen liquidaties dus wel. Maar het aantal liquidaties in het kader van de mocromaffia is wel opvallend. Men telt in totaal al zo’n dertig dodelijke slachtoffers waarvan negen "vergismoorden" genoemd worden (zie verder).

Typisch voor de nieuwe golf liquidaties is het doorbreken van wat je zou kunnen noemen een criminele erecode. Familieleden die niets met de criminaliteit te maken hadden, werden tot nu toe buiten de strijd gehouden. Met de laatste liquidatie, waarbij een onschuldige broer van een kroongetuige werd vermoord, is die code doorbroken. "Wraak via familie is niet langer een taboe" titelde NRC dit weekend.

In het verlengde van mocromaffia wordt ook gesproken over "mocrowar". Daarmee bedoelt men de oorlog die woedt tussen vooral Marokkaanse en Antilliaanse Nederlanders, oorlog die gaat over de dominantie in de cocaïnehandel.

3. Zijn gewelddadige liquidaties typisch voor de mocromaffia?

Taalpuristen zullen zeggen dat dit een pleonasme is. En toch is er een gradatie te maken in de gewelddadigheid die gebruikt werd bij de jongste liquidaties in de Nederlandse hoofdstad.

Op 8 maart 2016 werd bijvoorbeeld het afgehakte hoofd van Nabil Amzieb ostentatief neergelegd op het voetpad voor een waterpijpcafé. Fietsers, op weg naar hun werk, zien het hoofd liggen. Als beeld kan het tellen. Maar daar hield het niet op. Zijn naakte lichaam werd teruggevonden in een gestolen observatiewagen van de politie.

Een ander slachtoffer, Luana Luz Xavier, werd om 19.30 uur ’s avonds midden op straat doodgeschoten voor de ogen van haar kinderen.
Andere liquidaties vonden plaats bij klaarlichte dag en in buurten waar ook kinderen naar school gaan. Dat er niet meer onschuldige slachtoffers vallen, is vanuit die optiek verbazingwekkend te noemen.

Hoewel. Naast de term "mocromaffia" spreekt men ook over zogenoemde "vergismoorden". Dat zijn slachtoffers die, letterlijk, per vergissing gedood worden. Door de roekeloosheid waarmee de uitvoerders van deze moorden tewerk gaan, vergist men zich gewoon en wordt de verkeerde geliquideerd.

In de Volkskrant spreekt een oud politieman over de uitvoerders in termen van een nieuwe generatie criminelen van voornamelijk zeer jonge, laagopgeleide en in sommige gevallen zelfs zwakbegaafde mannen. Eerder werden "dure professionele huurmoordenaars" ingehuurd, nu wordt de job uitbesteed aan ongetrainde en amateuristisch opererende lui die er zo maar wat op los schieten met zware wapens.

Paul Vughts, een gerenommeerd misdaadjournalist van Het Parool en nota bene zelf in een beschermingsprogramma zit omdat hij bedreigd wordt, spreekt van "lastpakjes en hangjongeren uit Amsterdam-West die in rap tempo doorgroeien tot straatrovers, overvallers en uiteindelijk willen meedoen in de drugshandel. Ze komen heel gemakkelijk aan wapens en doen ook niet moeilijk over het gebruik ervan."

4. Wat is het verband tussen de mocromaffia in Nederland en de mocromaffia in België?

Volgens sommige waarnemers begint het allemaal in maart 2012 in Antwerpen. Een groep Marokkaanse Amsterdammers laat 200 kilo cocaïne de Antwerpse haven binnenkomen. Later zal blijken dat de cocaïne werd "geript" door een rivaliserende groep onder leiding van de bekende crimineel Gwenette Martha (die inmiddels ook zelf geliquideerd werd).

Een handlanger van hem, de Amsterdamse Marokkaan Najib Bouhbouh kwam naar Antwerpen voor "onderhandelingen" en werd voor de ogen van andere hotelgasten aan de ingang van het Crowne Plaza hotel met veertien kogels doorzeefd.

Journalist Raf Sauviller schreef in 2017 het boek "Borgerokko maffia". In dat boek toont hij aan hoe Marokkaanse families uit Borgerhout zich hebben opgewerkt in de internationale drugshandel. Hij waarschuwt ook voor "Nederlandse toestanden" in België.

In 2012 werden zes Marokkaanse en Antilliaanse huurmoordenaars naar Antwerpen gestuurd om de Turtles aan te pakken, een bende Borgerhoutse cocaïnesmokkelaars rond een bekende Marokkaanse familie. De jongste zoon werd ontvoerd en pas na het betalen van losgeld vrijgelaten.

Er zijn tal van andere voorbeelden te geven van geweld gerelateerd aan het drugsmilieu in Antwerpen. Denk bijvoorbeeld aan de ontplofte granaten, recent in Deurne. Of al dat geweld in verband kan gebracht worden met de mocromaffia is niet altijd duidelijk al is de kans reëel.

Duidelijk is wel dat de aanvoerlijnen van cocaïne vanuit Latijns-Amerika via Antwerpen naar Nederland lopen. Er zijn dus zeker raakvlakken tussen de mocromaffia in Nederland en de mocromaffia in België.

5. Hoe wordt de mocromaffia bestreden?

Typisch voor de mocromaffia is het erg gesloten karakter van de organisatie. (Net zoals alle andere vormen van georganiseerde misdaad.) Om die reden tracht de politie vooral te werken met zogenoemde kroongetuigen, criminelen die in ruil voor strafvermindering informatie geven.

Boeven pak je best met boeven, zo wordt gezegd. Het is een variante op de ‘pentitiregeling’ (spijtoptanten) waarmee de Italiaanse maffia zo succesvol bestreden werd.

Maar de efficiëntie heeft een keerzijde. De jongste liquidatie in Amsterdam kwam er nadat de politie had bekendgemaakt dat Nabil B. verschillende verklaringen had afgelegd. Kroongetuigen maken zich evident niet sympathiek in het criminele milieu. Zij moeten vrezen voor hun leven en krijgen om die reden dan ook bescherming.

Overigens zou ook de (vermoorde) broer bescherming aangeboden gekregen hebben, maar op eigen verzoek was dat slechts in erg bepekte mate het geval.

De liquidatie kan moeilijk anders gezien worden als vergelding en signaal: samenwerken met politie en justitie kan je en (nu ook) je familie duur te staan komen. "Wie praat, die gaat", zo stond het in een onderschept berichtje te lezen. Kroongetuigen zullen niet snel geneigd zijn in zulke omstandigheden nog naar de politie te stappen. En daarmee verliest de politie een belangrijk instrument in haar strijd tegen de georganiseerde misdaad.

Anderzijds is ook de onderwereld niet erg opgezet met het escalerende geweld. Men vreest niet alleen voor zijn leven, men vreest ook voor zijn "business". En net dat zou er dan weer kunnen toe leiden dat mensen gaan spreken.

Video player inladen ...