Video player inladen ...

Trump is bezeten door het handelstekort met China, economen snappen niet waarom

Als er de voorbije weken één zaak duidelijk is geworden, is dat Amerikaans president Donald Trump woest wordt van de gedachte dat zijn land al jaren veel meer invoert dan het uitvoert. Hij geeft het steevast als een belangrijke reden voor zijn handelssancties tegen China. Terecht? En zo ja, halen zijn maatregelen iets uit?

"Als je al 500 MILJARD dollar in de min staat, kan je niet verliezen." Die recente tweet van Donald Trump illustreert het helemaal. 

De Amerikaanse president kan het niet hebben dat zijn land al jaren een handelstekort met zich meedraagt. Lees: de VS voert meer in dan uit. In 2017 bedroeg het tekort ruim 800 miljard dollar als je enkel naar de goederenhandel kijkt, 566 miljard dollar als je ook de dienstenhandel meerekent. 

Dat handelstekort is voor een groot deel te wijten aan de grootschalige import uit China. Amerika importeerde vorig jaar 375 miljard dollar meer uit China dan het ernaar exporteerde. Reken je de dienstenhandel mee, dan bedroeg het handelstekort 337 miljard dollar.

Het terugdringen van dat tekort - lees: weer meer uitvoeren en minder invoeren - is een belangrijk onderdeel geworden van Trumps handelsbeleid, geruggensteund door minister van Handel Wilbur Ross en adviseur Peter Navarro. Volgens Trump is een minder negatieve handelsbalans - minder producten uit het buitenland kopen - een manier om uiteindelijk meer jobs te creëren in eigen land

Het verklaart waarom hij sinds kort invoertarieven oplegt op een rist Chinese producten, een zet die onmiddellijk gevolgd is door Chinese importsancties op Amerikaanse producten en die de vrees voor een totale handelsoorlog aanwakkert. Vandaag liet Trump weten opnieuw sancties, ter waarde van 100 miljard dollar, te onderzoeken.

Weg met het handelstekort?

Maar klopt Trumps redenering? Economen fronsen bij die gedachtegang van de Amerikaanse president. Zij zien een negatieve handelsbalans, ondanks de benaming, doorgaans niet als "geld dat je verliest aan andere landen". "Trump is net sterk gefixeerd op winnen en verliezen", legt Bruno Merlevede, professor economie aan de UGent uit. "In zijn ogen is alles wat in de min gaat gelijk aan verliezen. Maar een handelstekort mag je zo niet bekijken." Internationale handel gaat over specialisatie en efficiëntie, zegt hij: "Waar wordt een product het beste gemaakt?" 

Zeker een bilateraal handelstekort, het verschil tussen export en import van twee landen, zegt weinig of niets, weet Paul De Grauwe, professor aan de London School of Economics: "Bilaterale handelstekorten zijn een slechte maatstaf. Ons land heeft bijvoorbeeld een handelstekort met landen die olie produceren, maar dat is ook logisch. Dat is een kwestie van specialisatie." 

"Er is in se niks mis met een handelstekort", schrijft ook economisch columnist Rick Newman. "En er bestaat niet zoiets als de 'juiste' hoeveelheid handelstekort, of -overschot, want het geld dat Amerikanen spenderen, circuleert doorheen de wereldeconomie. En het belandt uiteindelijk vaak terug in de VS." 

Dat is precies het uitgangspunt dat heel wat economen hanteren: "Handel is als een 'positive sum game', een spel waarbij iedereen wint en profiteert van export én import", legt De Grauwe uit. "Maar Trump gaat uit van een 'zero sum game', een spel waarbij er altijd een verliezer is. In die redenering wil hij China naar beneden halen om er zelf bij te winnen."

Niet meer Trumps probleem

Enter: de importtarieven. Is dat - los van het waarom - een methode die werkt? "Protectionisme werkt altijd op korte termijn", legt Hylke Vandenbussche uit, professor economie aan de KU Leuven. "Het doet altijd even wat het belooft te doen. Bovendien creëren zulke invoertarieven nog een extra bron van inkomsten. Maar op langere termijn zal het de Amerikaanse economie aantasten." 

Protectionisme werkt altijd op korte termijn. Maar op langere termijn zal het de Amerikaanse economie aantasten

Hylke Vandenbussche, professor economie aan de KU Leuven

Ze geeft het voorbeeld van invoertarieven op staal. "Chinees staal wordt minder interessant, dus Amerikaanse industrieën zullen moeten opteren voor duurder Amerikaans staal. Maar dat zal ook de prijs voor het afgewerkte product opdrijven. Niet alleen in eigen land zullen afnemers meer moeten betalen, maar ook voor de export wordt dat product minder aantrekkelijk in de concurrentie met producten uit andere landen." En dan worden de Chinese importtarieven, die nu opgelegd zijn als reactie op de Amerikaanse, niet eens meegerekend.

Ironisch genoeg zijn die economische gevolgen Trumps probleem niet meer. "Tegen dat het zover is, zijn we 3 à 4 jaar verder. En de eerstvolgende verkiezingen zijn al binnen 2 jaar." Dus Trump is de VS op langere termijn in de voet aan het schieten? "Dat klopt. Tenzij de importtarieven natuurlijk een louter politieke bedoeling hebben: bijvoorbeeld als hefboom om uiteindelijk de gesloten Chinese markt open te breken voor westerse producenten."

Archiefbeeld: Amerikaans president Donald Trump en zijn Chinese collega Xi Jinping. AFP or licensors

Vandenbussche en Merlevede maken zich ook zorgen op de impact van het Chinees-Amerikaanse dispuut op de wereldeconomie. "Zoiets blijft nooit beperkt tot die twee landen", denkt Vandenbussche. "Ook de EU gaat dat voelen. Wij zijn erg afhankelijk van de handel met de VS." 

Diefstal

Heeft Trump in deze handelsrel dan op geen enkel vlak gelijk? "Het klopt dat internationale handel ook een herverdelend effect heeft op arbeid", weet Bruno Merlevede. "Laaggeschoolde arbeiders in rijke landen komen in concurrentie met goedkopere arbeiders in lageloonlanden. In landen als de VS, die een minder uitgebouwde sociale welvaartsstaat hebben, laat zich dat enorm voelen." 

Trump heeft een punt: de Chinezen hebben de diefstal van intellectuele eigendom geperfectioneerd. Op dat vlak moet écht iets gebeuren

Paul De Grauwe, professor aan de London School of Economics

Meer nog: Trump maakte er de kern van zijn verkiezingscampagne van. Met succes. Al lijken de nu opgelegde invoertarieven die kiezers in geen geval te zullen helpen. "Veel goedkope producten die uit China in de VS belanden, worden net vaker gekocht door armere gezinnen. Door de importtarieven zouden die prijzen kunnen stijgen, waardoor ze net die armere mensen nog meer zullen treffen."

De Amerikaanse president fulmineert ook tegen de diefstal van intellectuele eigendom van Amerikaanse bedrijven door de Chinezen, stelt Paul De Grauwe. "En daar heeft hij een punt: de Chinezen hebben dat stelen geperfectioneerd. Op dat vlak moet écht iets gebeuren." Ook zijn er ernstige vraagtekens te plaatsen bij de verdoken overheidssteun die sommige Chinese bedrijven krijgen.

Maar nogmaals: eenzijdige importtarieven zullen dat probleem niet oplossen, denkt De Grauwe. "Trump zou moeten samenzitten met de EU en met anderen landen die eenzelfde probleem hebben met China om een gezamenlijke strategie te bepalen. Dat zou een veel grotere impact creëren."