MOs810/Wikimedia Commons

Na de winter- en voor de zomersmog: de lentesmog. Wat is het?

De concentraties fijnstof in de lucht lagen gisteren opvallend hoog in België en de buurlanden. Deze lentesmog is minder schadelijk dan winter- en zomersmog, maar toch nog altijd ongezond. Oorzaak? 

Landbouwers bemesten in deze zonnige periode hun velden volop en de ammoniak die daarbij vrijkomt, reageert met de stikstofoxiden van de uitlaatgassen. 

Het fijnstof dat in de lucht hangt bij lentesmog is niet hetzelfde als het roet dat dieselwagens uitstoten. Het wordt secundair fijnstof genoemd omdat het een gevolg is van een reactie tussen gassen in de atmosfeer.

Secundair fijnstof is minder schadelijk dan primair fijnstof (uit het verkeer), maar gezond is het niet. De Intergewestelijke Cel voor het Leefmilieu (Ircel) meldde gisteren dat de concentraties vrij hoog lagen, maar de drempelwaarden werden niet overschreden. Ook in Nederland, Duitsland en Frankrijk was er sprake van lentesmog. Vannacht is de situatie geleidelijk verbeterd.

En de boer, hij bemestte voort

Lentesmog komt elk jaar voor in de lente, als de boeren mest uitrijden. De landbouwers moeten zich aan enkele regels houden: de wet schrijft voor hoeveel ze mogen bemesten en wanneer ze mogen uitrijden.

Op zon- en feestdagen bijvoorbeeld moet de mestkar binnenblijven en ook voor zonsopgang en na zonsondergang mag geen mest worden uitgereden. Dat allemaal om de (geur)hinder voor de buren te beperken. Maar zonnig weer is geen beletsel, en het is net dan dat er lentesmog ontstaat. 

Wat kunnen de boeren doen om de uitstoot van ammoniak te beperken? "Nog meer stallen emissiearm inrichten", zegt Frans Fierens van Ircel. "Nieuwe stallen moeten al zo worden gebouwd, maar er bestaan nog veel oude stallen en daaruit ontsnapt veel ammoniak die in de lucht terechtkomt. De landbouwers kunnen er met aangepaste technieken ook voor zorgen dat er minder ammoniak vrijkomt als ze de mest uitrijden.

"Uitstoot blijft verder dalen"

De Boerenbond is zich bewust van het probleem. "We doen veel inspanningen om de uitstoot van ammoniak te beperken", zegt Luc Vanoirbeek.

De bouw van nieuwe, emissiearme stallen met  bijvoorbeeld luchtwassers heeft de uitstoot gehalveerd tussen 1990 en 2005 en de volgende tien jaar was er nog eens een daling van tien procent. Heel waarschijnlijk gaat er tegen 2030 nog bijkomend 18 procent af en daarmee voldoen we aan de richtlijnen die Europa ons oplegt."