Video player inladen ...

Militaire actie tegen Syrië: hoe moeilijk, hoe riskant en hoe zinvol? 

President Trump dreigt op Twitter: de raketten komen! Westerse landen lijken zich klaar te maken voor een militaire operatie tegen de strijdkrachten van de Syrische president Assad. De vraag is wat de doelwitten kunnen zijn, de middelen en wapens die zullen worden ingezet, en het uiteindelijke strategische doel van de acties. 

Een jaar geleden liet president Trump 59 Tomahawk-kruisraketten afvuren op de Syrische luchtmachtbasis Al Shayrat, in de omgeving van Homs. Die basis werd specifiek in het vizier genomen, omdat van daaruit een aanval met saringas was gelanceerd op het stadje Khan Shaykhun. Op die manier zat er een duidelijke vergeldingslogica in het bombardement: een specifieke bestraffing voor een specifieke inzet van chemische wapens.

Na afloop verklaarde de Amerikaanse minister van Defensie James Mattis dat 20 procent van de operationale capaciteit van de Syrische luchtmacht was uitgeschakeld. Ook onafhankelijke bronnen maakten gewag van aanzienlijke schade aan landingsbanen, hangars en vliegtuigen op de basis. Niettemin bleek al gauw dat de operatie nog lang geen vernietigende slag had toegebracht aan Assad. Het duurde niet lang of Syrische toestellen hervatten hun bombardementen op rebellengebied met conventioneler wapentuig.  

De Syrische luchtmachtbasis Al Shayrat, na de Amerikaanse luchtaanval.

Kruisraketten: een "veilige" optie?

De vraag is of de aanval met kruisraketten van 7 april 2017 een aanwijzing kan zijn voor een militaire operatie in april 2018. Het antwoord is: ja en nee. 

De modus operandi zou zeker gelijkaardig kunnen zijn. De kruisraketten in 2017 werden afgevuurd door twee Amerikaanse destroyers of torpedobootjagers die toen in de oostelijke Middellandse Zee lagen. Ook nu ligt daar een torpedobootjager: de U.S.S. Donald Cook. Die zou enkele tientallen Tomahawk-kruisraketten kunnen afvuren op Syrische doelwitten. 

Als Frankrijk besluit om deel te nemen  - en daar lijkt het toch wel op - kan ook het Franse fregat Aquitaine raketten afvuren. Dat schip beschikt over zogenaamde MdCN-raketten met een bereik van 250 km. 

De kans dat er opnieuw kruisraketten worden ingezet, is erg groot. Het blijft vanzelfsprekend de veiligste optie, omdat de westerse landen dan geen piloten (laat staan grondtroepen) in gevaar moeten brengen. Toch moeten Frankrijk en de VS rekening houden met de dreigende taal van Rusland, dat het aanvallen tegen Assad niet zal tolereren. De Russische ambassadeur in Libanon zei zelfs dat niet alleen de raketten zelf zouden worden onderschept, maar dat ook de platformen van waaruit ze worden gelanceerd (vliegtuigen of schepen) door Rusland in het vizier kunnen worden genomen. 

Dat laatste hoeft geen bluf te zijn. Rusland heeft een geavanceerd kustverdedigingssysteem ontplooid langs de Syrische kust, het K-300 Bastion-systeem. Dat kan raketten afvuren op schepen die tot (maximaal) 300 km uit de kust liggen. 

Het voorbije weekend kwam een Russisch gevechtsvliegtuig al opvallend laag overvliegen over het Franse fregat Aquitaine. Mogelijk was dat al een eerste kleine waarschuwing aan de Fransen.  Een Russische beschieting van westerse oorlogsschepen in de Middellandse Zee lijkt een wel erg zwart en uiterst gevaarlijk scenario, maar de plannenmakers moeten er rekening mee houden.     

2003 Getty Images

Vliegtuigen inzetten is nog riskanter

Lijkt zelfs de inzet van kruisraketten niet meer volledig zonder gevaar, toch zullen de VS en zijn bondgenoten forser willen toeslaan dan bij de aanval van een jaar geleden. Anders dreigt het opnieuw uit te draaien op een dure en spectaculaire speldenprik. 

Mocht het doel van de actie een bredere en duurzamere ondermijning van de Syrische luchtmacht zijn, dan zullen er meer bombardementen nodig zijn. De kans dat daarbij ook gevechtsvliegtuigen worden ingezet, wordt dan groter. 

Hoewel er op dit moment nog geen vliegdekschip in de regio aanwezig is (de U.S.S. Harry S. Truman zou vandaag pas vertrekken naar de Middellandse Zee vanuit Norfolk in Virginia), beschikken de Verenigde Staten, Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk alledrie over een aantal vliegtuigen die in de regio gestationeerd zijn. 

De Britten hebben hun eigen luchtmachtbasis Akrotiri op Cyprus. De Fransen kunnen allicht de Prins Hassan-basis gebruiken in Jordanië. En ook de VS hebben gevechtstoestellen klaarstaan in Jordanië. 

Vliegtuigen de lucht in sturen, lijkt dus niet meteen het probleem. Het risico zit in de geavanceerde Russische luchtafweersystemen waar Syrië nu op kan rekenen. Op 10 februari werd een Israëlische F-16, die eveneens was uitgestuurd om doelwitten in Syrië te bombarderen, door luchtafweer geraakt en uitgeschakeld.

Het risico om uit de lucht te worden geschoten, kan worden beperkt of ontweken door vanuit een ander luchtruim te bombarderen dan het Syrische. De Franse Rafales beschikken over Scalp-kruisraketten met een bereik van 250 km. De Britse Typhoons hebben Storm Shadow-raketten die zelfs twee maal zo ver kunnen. In theorie zouden ze dus vanuit het Libanese, Iraakse of Jordaanse luchtruim kunnen schieten, of zelfs van boven de Middellandse zee  - al verhoogt dat de risico's op een verdere uitbreiding en internationalisering van het conflict. 

Doelwitten

Rest nog de vraag wat de concrete militaire doelwitten kunnen zijn.  We kunnen veronderstellen dat het de bedoeling zal zijn om Assads slagkracht in de lucht te ondermijnen. De chemische aanvallen die de verontwaardiging van het Westen opwekten, werden klaarblijkelijk met luchtbombardementen uitgevoerd. In Douma zou, volgens lokale bronnen, een helikopter een vat met sarin hebben gedropt. 

Syrische vliegtuigen en helikopters zullen dus de voor de hand liggende doelwitten zijn. De luchtmachtbases in Syrië zijn in principe makkelijk te lokaliseren en in het vizier te nemen. Het probleem is dat Rusland ook over een basis beschikt nabij Latakia. Volgens sommige berichten zouden de Syriërs hun eigen toestellen daar al hebben gestationeerd. Als dat klopt, kan de Syrische vloot enkel worden uitgeschakeld door ook de Russische te bombarderen. Dat lijkt op dit moment ondenkbaar. 

De Franse president Macron heeft gezegd dat het niet de bedoeling kan zijn om de bondgenoten van Assad te belagen. Volgens Macron zou het enkel om een operatie gaan die de chemische capaciteiten van het regime kan vernietigen. Vraag is dan of de westerse inlichtingendiensten beschikken over voldoende informatie over opslagplaatsen of productiecentra van die chemische wapens  - om dat soort doelwitten te kunnen situeren. 

Wil het Westen Assad wel weg?

De meest fundamentele vraag ten slotte valt het moeilijkst te beantwoorden. Wat is het echte strategische doel van een militaire interventie? Gaat het inderdaad louter en alleen om een actie tegen chemisch wapentuig? Of wil het Westen Assad ook werkelijk verzwakken?

Hoe meer Assad verzwakt wordt, hoe meer ruimte er ontstaat voor de rebellengroepen om verloren terrein te heroveren. Er zijn intussen tientallen rebellengroepen actief in Syrië, de ene al schimmiger dan de andere. Maar een groot aantal zijn duidelijk te situeren in het jihadistische kamp; sommige hebben banden met Al Qaeda. Zelfs al lijkt IS in het grootste deel van Syrië te zijn uitgeschakeld, het gevaar van het radicale jihadisme is nog lang niet geweken. 

Het zal allicht niet de bedoeling zijn van het Westen om Assad in te ruilen voor een jihadistische opmars of voor nog meer brutale chaos. Echte geloofwaardige partners op het terrein zijn er niet in centraal of zuidelijk Syrië. Dat dilemma markeert de parameters voor het strategische doel van om het even welke operatie: Assad op de vingers tikken en verzwakken, maar niet te bruusk en niet te veel. 

Reken daarbij de zorgen om een mogelijke Russische reactie, en het mag duidelijk zijn dat een grootschalige en langdurige campagne tegen Assad weinig waarschijnlijk is. Niettemin zijn de risico's van zelfs een kleine speldenprik-interventie veel groter dan een jaar geleden.