Video player inladen ...

Slagerijen komen handen tekort: "Als slager ben je zeker van werk en van je toekomst"

Slager is steeds meer een knelpuntberoep. Jaarlijks studeren er 200 slagers af, maar er zijn 2.000 openstaande jobs. Het beroep is dringend aan een herwaardering toe, zegt Ivan Claeys van de beroepsfederatie, de Landsbond der Beenhouwers, Spekslagers en Traiteurs van België.

Van die 200 afgestudeerde leerlingen worden er een klein aantal meteen zelfstandige slagers. De anderen gaan aan de slag in grootwarenhuizen, buurtwarenhuizen en zelfstandige slagerijen. Maar die slagerijen komen handen tekort, vertelt Claeys in "De ochtend" op Radio 1, want de opleiding trekt te weinig jongeren aan.

"Men begint te laat. Men gaat eerst naar het aso, tot men 18 is, en dan weet men niet wat men gaat doen. Terwijl die groep van die 200 leerlingen die wel in de scholen terechtkomt, zijn eigen creativiteit kan uitwerken en zeker is van werk en van zijn toekomst. We hebben in België topscholen qua opleiding. Het wordt wat geminacht, maar men zou beter zijn kinderen naar de slagersopleiding laten gaan."

Het harde werk en de moeilijke uren (vaak weekendwerk) schrikken blijkbaar kandidaten af. Maar er zijn ook mooie kanten aan het beroep en die blijven onderbelicht, zo luidt het. "Mensen moeten van mentaliteit veranderen en het niet beschouwen als een minderwaardig beroep. Het is een beroep waar men zonder stress kan werken. Men kan creatief zijn en zijn eigen ambachtelijke producten maken."

Het aantal slagerijen gaat al een hele tijd omlaag, maar de bestaande winkels draaien wel goed. "Onze omzet als zelfstandige slager is de laatste 20 jaar niet gedaald", zegt Claeys. "Er zijn minder slagerijen, maar wel grotere winkels. Maar we komen handen tekort. We moeten in de slagerijen mensen aanvaarden en zelf opleiden omdat we geen echte beroepsmensen meer hebben. En vakkennis is noodzakelijk."

Beluister het gesprek in "De ochtend":

Video player inladen ...