Video player inladen ...

Geen samenlevingscontract? Dan geen recht op schadevergoeding

Er wordt weleens gezegd dat wettelijk samenwonen en trouwen dezelfde rechten opleveren, maar uit het jaarraport van de ombudsman, dat vandaag werd voorgesteld, blijkt iets anders. Wij kregen een getuigenis van een 64-jarige weduwe te horen die dat pijnlijk duidelijk maakt.

De vrouw getuigt anoniem aan onze redactie, onder meer omdat er nog een rechtszaak loopt. De 64-jarige vrouw verloor vorig jaar haar man aan asbestkanker, hij was dan al vier jaar ziek. Het koppel woonde wettelijk samen sinds 2010 en trouwde 8 maanden voor zijn dood.

De partner van een asbestslachtoffer heeft - net als het slachtoffer zelf - recht op een schadevergoeding na het overlijden van het slachtoffer. Enerzijds een aanzienlijk, eenmalig bedrag en anderzijds een maandelijkse vergoeding van enkele honderden euro's.

De vrouw die ons haar verhaal doet, heeft hemel en aarde bewogen voor de vergoeding waar ze ogenschijnlijk recht op heeft, maar ze krijgt die niet en wel hierom.

Geen samenlevingscontract? Geen vergoeding

Bij de oprichting van het asbestfonds, de instantie die instaat voor de uitbetaling, werd bij wet bepaald welke nabestaanden een vergoeding krijgen. Uit de wet lijkt op het eerste gezicht dat wettelijk samenwonenden sowieso recht hebben op een vergoeding na het overlijden van de partner:

Indien het slachtoffer overlijdt ingevolge de in artikel 118 bedoelde ziekte, komt het Asbestfonds tegemoet ten voordele van de rechthebbenden van het slachtoffer die op het tijdstip van zijn overlijden te zijnen laste zijn

Burgerlijk wetboek

Toch weigert het asbestfonds in dit geval de uitbetaling. Als reden legt het fonds het zinnetje op tafel dat even verderop in de wettekst staat.

(...) de partner die op het tijdstip van het overlijden van het slachtoffer wettelijk met hem samenwoonde en (...) met hem een overeenkomst had gesloten die beide partijen tot wederzijdse bijstand verplicht...

Burgerlijk wetboek

Het tweede deel van deze passage is voor onze getuige jammer genoeg doorslaggevend. Ze woonde wettelijk met haar partner samen, maar heeft alleen een document ondertekend in het gemeentehuis. Voor de wetgever is dat onvoldoende, er moet een samenlevingscontract ondertekend zijn bij de notaris, iets wat weinig wettelijk samenwonenden doen.

Ze was wel getrouwd kort voor haar partner zijn dood, maar net niet lang genoeg. Volgens de wet moet een koppel 1 jaar getrouwd zijn, voor er een schadevergoeding kan worden uitbetaald.

Dit is discriminatie

"Ik heb met advocaten, notarissen en politici gebeld", legt de vrouw uit. "Ik ben van het kastje naar de muur gestuurd. Dit is niet fair tegenover mijn man. Ik heb hier geen woorden voor. Dit is discriminatie."

"Bij het abestfonds zeiden ze: "Bent u niet content? Ga dan naar de rechtbank"." Dat deed ze ook. In december komt de zaak voor. Haar advocaat heeft hoop op een goede afloop, maar uit rechtspraak van het Grondwettelijk Hof blijkt dat samenwonenden en gehuwden niet gelijkgesteld zijn.

In een samenlevingscontract staat dat beide partijen "tot wederzijdse bijstand zijn verplicht", anders gezegd: partners beloven voor elkaar te zorgen. Die bepaling is blijkbaar doorslaggevend. Als u gewoon naar het gemeentehuis gaat en een document ondertekent, staat deze passage daarin niet vermeld, als u naar de notaris gaat wel.

De overheid gaat er dus in dit geval vanuit dat samenwonenden zonder een samenlevingscontract kennelijk niet voor elkaar zorgen en dus de overlevende ook geen recht heeft op een schadevergoeding. De ombudsman vraagt in zijn jaarrapport om duidelijkheid te bieden over het statuut wettelijk samenwonen.