Pompeo stap dichter bij benoeming als buitenlandminister in VS

In de Amerikaanse Senaat heeft de commissie Buitenlandse Betrekkingen maandag het licht op groen gezet voor de benoeming van Mike Pompeo, die door Republikeins president Donald Trump als minister van Buitenlandse Zaken werd voorgedragen.

De stemming verliep langs de partijlijnen.

De benoeming van de huidige CIA-directeur als buitenlandminister liep minder vlot dan Trump had gehoopt. Pompeo dreigde zelfs om geen meerderheid te halen in de commissie, terwijl alle andere recente nominaties voor de post van Buitenlandse Zaken unaniem haar steun kregen en de commissie in meer dan een eeuw geen negatief advies meer had gegeven voor een benoeming op de post.

De reden daarvoor was onenigheid binnen de Republikeinse Partij. Senator Rand Paul had vorige week te kennen gegeven dat hij zich bij de Democraten zou aansluiten om de benoeming te blokkeren. Vlak voor de stemming veranderde hij van mening en gaf hij uiteindelijk toch zijn goedkeuring, nadat hij naar eigen zeggen voldoende garanties had gekregen van Trump en Pompeo over "belangrijke kwesties".

Toch eindigde de eerste stemming maandag op een patstelling, met 11 Republikeinse stemmen voor en 10 Democratische stemmen tegen. Een van de Republikeinen, senator Johnny Isakson, was niet aanwezig omdat hij een begrafenis bijwoonde, en had zijn stem bij volmacht uitgebracht. Volgens de regels van de Senaat kan een benoeming echter alleen goedgekeurd worden met een meerderheid van de aanwezige senatoren. Bij een tweede stemming besliste de Democratische senator Chris Coons zich te onthouden, waardoor de stemming op 11-9 eindigde.

Na het positief advies van de commissie zal deze week nog de voltallige Senaat zich over de benoeming buigen. De stemming zou in principe geen problemen opleveren: de Republikeinen hebben er met 51 van de 100 een nipte meerderheid en enkele Democraten hebben al te kennen gegeven voor te zullen stemmen.

Pompeo is overigens al begonnen met zijn werk als hoogste diplomaat. Tijdens het paasweekend bracht hij in het geheim een bezoek aan de Noord-Koreaanse leider Kim Jong-un ter voorbereiding van diens ontmoeting met Trump in mei of begin juni.