Marc Dutroux en de dag dat ik 65 werd

Louis van Dievel, schrijver en journalist, kijkt elke week met een guitige blik naar de kleine en grote actualiteit. Deze keer: persverhalen over jongeren en wat die weten over de beruchte ontsnapping van Marc Dutroux 20 jaar geleden.

opinie
Louis van Dievel
Louis van Dievel is schrijver en journalist. Hij was journalist bij VRT NWS.

Wat wist ik van de wereld toen ik 16-17 jaar was? Ik vroeg het me af toen ik vannacht wakker werd en besefte dat ik 65 geworden was. Ik had de avond voordien naar de reportages over de zaak Dutroux gekeken. Vooral naar het stukje waarin aan een reeks tieners gevraagd werd wie Dutroux was (en wie Martin). Tieners die dus nog niet eens geboren waren toen de zaak Dutroux losbarstte en het land even op zijn grondvesten deed daveren. Ze waren al bij al goed op de hoogte, vond ik. In ieder geval beter dan ikzelf, op die leeftijd. Met dank aan het internet, allicht.

Hadden ze mij indertijd iets gevraagd over de Schoolstrijd, of de Koreaanse oorlog, de Eenheidswet of Mei '68, ik had met mijn mond vol tanden gestaan. Als ik al de brave katholieke krant las die in huis kwam, dan enkel de strips (Jommeke, Nero, Dees Dubbel!) en de sportbladzijden.

Ik ben me pas voor de Grote Wereld beginnen interesseren toen ik mijn dorp inruilde voor een echte grote stad en het Ware Leven voor mijn voeten bleek te liggen. Ik moest enkel de eerste stap zetten. Alles leek mogelijk. Het bleek nog te kloppen ook. Ik ben in een goede tijd jong geweest.

Nu ben ik dus 65. Vroeger was dat een mijlpaal. Op 65 was je oud, ging je met pensioen, tenzij je mijnwerker, gendarme of militair was.

Dat is al tijden niet meer zo. De Belg die tot aan zijn officiële pensioendatum bleef werken werd voor zot verklaard.

Vandaag is de balans naar de andere kant doorgeslagen. Wie na mij is gekomen zal langer moeten werken. Als er nog werk is, uiteraard. Maar 65 blijft wel een magisch cijfer.

En terwijl ik wakker lag en wakker blééf begon ik mijzelf vragen te stellen. De nacht nodigt wel vaker uit tot innerlijke beschouwingen. Wat had ik meegemaakt dat echt de moeite was? Dat ik zo voor de vuist kon opsommen? 

Een geaccidenteerd privéleven heb ik gehad, met een late roeping in de liefde. Een verslaving die lange jaren haar schaduw wierp. Gezondheidsproblemen.

Maar ook het onmetelijke geluk van een geboorte. Je eigen kind. Een verhuizing of tien, twaalf. Een kronkelig beroepsleven, niet te vergeten. Van Brussel naar Vilvoorde naar Brussel naar Vilvoorde naar Brussel, onder meer. Het heeft mijn horizon verbreed.

Opeens stond ik aan de Berlijnse Muur en zag hem voor mijn ogen neerhalen.

Opeens stond ik naast Lou Reed in een urinoir van Rock Werchter.

Opeens stond ik op het podium naast Paul McCartney (ik voel nog altijd zijn hand op mijn schouder).

Opeens stond ik tussen honderdduizenden bezorgde burgers op de Witte Mars. Aan de opgebaarde koning Boudewijn.

Ik ben op vijftig of daaromtrent nog aan een schrijversloopbaan begonnen, ik zou het bijna vergeten. Het geheugen van een 65-jarige is grillig en eigenzinnig.

Ben ik content? vroeg ik mij vervolgens af. Waarna ik besloot om content te vervangen door gelukkig. De nacht vraagt om duidelijkheid. Ik moest niet lang nadenken. Ik had mijn hand maar uit te steken.

VRT NWS wil op vrtnws.be een bijdrage leveren aan het maatschappelijk debat over actuele thema’s. Omdat we het belangrijk vinden om verschillende stemmen en meningen te horen publiceren we regelmatig opinieteksten. Elke auteur schrijft in eigen naam of in die van zijn vereniging. Zij zijn verantwoordelijk voor de inhoud van de tekst.