Video player inladen ...

Touwtrekken om de macht in Armenië blijft voortduren, ook na ontslag van machthebber Serzj Sarkisian

Het parlement van de Kaukasische republiek Armenië wil dinsdag 1 mei een nieuwe premier kiezen. Dat moet een uitweg bieden uit de politieke crisis die het land in zijn greep houdt, maar zeker is dat niet. Zowel Rusland als de Europese Unie kijken intussen toe op de gebeurtenissen in Armenië.

Maandag werd machthebber -eerst president en recent premier- Serzj Sarkasian door straatprotest tot aftreden gedwongen. Sarkisian is al meer dan tien jaar aan de macht en wou als premier Armenië blijven regeren.

Hij stapte verrassend snel op nadat militairen zich hadden aangesloten bij het straatprotest van de liberale oppositie. Dinsdag moet nu duidelijk worden of er in Armenië een echte machtswissel komt of dat het regime gewoon van kopman verandert. Zo heeft de Republikeinse Partij van Sarkisian nog altijd de meerderheid in het Armeense parlement en in principe zou die partij dus met een nieuwe leider kunnen voortregeren.

Gisteren hebben tienduizenden aanhangers in de hoofdstad Jerevan echter hun steun uitgesproken voor de liberale oppositieleider Nikol Pasjinian. Die heeft zich kandidaat gesteld voor het premierschap en heeft overleg gepleegd met andere politieke fracties.

Rusland kijkt intussen de kat uit de boom. Moskou had de voorbije jaren een nauwe relatie uitgebouwd met Armenië en met diens machthebber, de nu afgezette Serzj Sarkisian. Als de oppositie het roer om zou gooien, dreigt die relatie op de helling komen te staan. Het eveneens orthodox-christelijke Rusland voelt zich nauw verwant met Armenië, maar heeft de voorbije jaren ook de banden aangehaald met Azerbeidzjan, de olierijke islamitische republiek en erfrivaal van Armenië in de Kaukasus.

Oppositieleider Nikol Pashinian voelt zijn tijd nu gekomen, maar zeker is hij nog niet.

In het hart van de Kaukasus

Die ligging en het strategische spel in het olierijke Kaukasusgebergte, maken dat Armenië veel belangrijker is dan het kleine republiekje met iets meer dan drie miljoen inwoners dat in 1991 onafhankelijk werd van de Sovjet-Unie. Armenië heeft zelf weinig bodemrijkdommen en zit ingeklemd tussen Turkije en het Turkssprekende Azerbeidzjan, twee staten met wie het land in onmin leeft en in noordzuid-richting tussen Georgië en Iran.

Met Turkije zijn de relaties erg gespannen sinds de Armeense Genocide door het Turks-Ottomaanse rijk een eeuw geleden. Met Azerbeidzjan, dat over grote olie- en aardgasvoorraden beschikt, ligt Armenië overhoop over de enclave Nagorno-Karabach, een onderdeel van Azerbeidzjan dat begin de jaren 90 veroverd werd door Armenië. Er is nooit een regeling gekomen voor dat conflict en af en toe laait het geweld opnieuw op.

Uit historische en religieuze overwegingen leunde Armenië sinds de onafhankelijkheid erg nauw aan bij Rusland, al onderhield het ook banden met het Westen en met de Europese Unie. In 2013 schrapte de nu afgezette leider Sarkisian echter een associatieverdrag met de EU en gaf hij de voorkeur aan de Euraziatische Economische Unie, een samenwerkingsverband dat de voormalige Sovjetrepublieken Wit-Rusland, Armenië en Kazachstan economisch (en politiek) opnieuw moest verbinden met Rusland.

U merkt zo het strategische spel dat in de Kaukasus gespeeld wordt tussen oost en west, zeker na de Russische interventie in het pro-Europese Georgië in 2008 en de recente oorlogen over de Krim en het oosten van Oekraïne meer naar het westen. De toenadering tussen Rusland en het Turkije van Erdogan en Azerbeidzjan maken dat "Grote Spel" in de Kaukasus nog ingewikkelder en kunnen de Armeense oppositie in de verleiding brengen om niet te veel af te hangen van Moskou en ook wat Europese kaarten achter de hand te houden.