Typisch gedrag voor een bultrug: bijna geheel uit het water springen, en met een klap weer neerkomen. Whit Welles (WWelles14)/Wikimedia Commons)

Goed nieuws uit het Zuidpoolgebied: een babyboom bij de bultrugwalvissen

Goed nieuws over walvissen is zeldzaam, maar nu is het er: de bultruggen in de wateren rond Antarctica lijken aan een comeback bezig. Uit een nieuwe studie blijkt dat een groter deel van de vrouwtjes zwanger is, en het leven schenkt aan kalfjes. Ook de gewone en de blauwe vinvis lijken het, volgens een andere bron, in het gebied iets beter te doen dan vroeger. 

Bultruggen zijn baleinwalvissen met lange borstvinnen, een gedrongen lichaam, en knobbels op de bek en onderkaak. Ze worden 12 tot 16 meter lang en wegen zo'n 25 tot 30 ton. Vanaf het einde van de 19e eeuw tot het grootste deel van de 20e eeuw werd er op bultruggen gejaagd, en ze werden bijna uitgeroeid, tot er verdragen werden gesloten die de jacht verboden, en er beschermende maatregelen werden genomen voor de oceanen rond Antarctica. 

Gedacht wordt dat de populatie op het einde van de jacht teruggebracht was tot minder dan 10 procent van wat ze was voor het begin van de walvisvaart. 

Het einde van de walvisvaart heeft nu geleid tot een herstel van de bultruggen, die ongeveer even lang leven als de mens, zo blijkt uit een nieuwe studie onder leiding van Ari Friedlaender van de University of California, Santa Cruz.  

Een bultrugkalf (vooraan) blijft het eerste jaar bij zijn of haar moeder. Foto: Christopher Michel/Wikimedia Commons

Pijltjes

Om het geslacht, de identiteit en het percentage zwangere vrouwtjes vast te stellen, gebruikten de onderzoekers holle pijltjes om kleine stalen te nemen van de huid en de blubber van 239 mannetjes en 268 vrouwtjes in het gebied rond het Antarctisch Schiereiland. Dat gebeurde tussen 2010 en 2016. 

Bij het nemen van de stalen, bleek dat de walvissen vaak even nieuwsgierig waren naar de onderzoekers als omgekeerd. Vaak zwommen ze langs het schip van de onderzoekers, soms met hun kalfjes. 

63,5 procent van de vrouwtjes bleek hoge niveaus van het hormoon progesteron in hun blubber te hebben, wat erop wijst dat ze zwanger waren, volgens de studie. In de laatste jaren van de studie waren er beduidend meer zwangere vrouwtjes dan in het begin: in 2010 ging het om 36 procent, in 2014 om 86 procent. Een genetische analyse zorgde ervoor dat een zelfde walvis geen twee keer geteld werd.

Bultruggen happen hun bek vol met krill - hun belangrijkste voedsel -, dat ze met een cirkelvormig gordijn van luchtbellen bij elkaar hebben gedreven.

Geboren na de stopzetting van de walvisvaart

Hoewel een aantal andere walvissoorten ook aan een heropleving bezig lijken te zijn in de zuidelijke oceanen, lijken de bultruggen het er het beste vanaf te brengen, zo zei doctor Friedlaender aan de "New York Times". 

Het kan makkelijker te zijn geweest voor de bultruggen om zich te herstellen dan voor de grotere gewone en blauwe vinvissen, omdat bultruggen sneller volwassen zijn, een korte periode hebben tussen twee zwangerschappen, en naar bepaalde plekken in warme wateren trekken om er te paren en te bevallen. Gewone en blauwe vinvissen paren in de open oceanen, wat het moeilijker voor hen maakt om een partner te vinden, zo zei Friedlaender.

Het is waarschijnlijk dat een groot deel van de dieren die nu in leven zijn, geboren zijn nadat het tijdperk van de walvisvaart ten einde was gekomen, zo zei hij. 

In het begin van de jaren 80 trad er een moratorium op de commerciële walvisvaart in werking, hoewel de eerste beperkingen al ingevoerd werden vanaf de jaren 40, en in 1959 tekenden 12 landen een verdrag met beschermende maatregelen voor het Antarctisch Schiereiland. De populatie bultruggen ten zuiden van de evenaar wordt dan ook niet meer als bedreigd beschouwd, maar een aantal noordelijk populaties staan nog steeds op de lijst van bedreigde diersoorten van de Amerikaanse National Oceanic and Atmospheric Administration (NOAA). 

Na het villen van een vinvis blijft de kop achter op een walvisstation. (Foto: WayneRay/WikimediaCommons).

Opwarming aarde voorlopig een zegen, ook een gevaar

Tot nu toe is de opwarming van de aarde rond het Antarctisch Schiereiland gunstig geweest voor de bultruggen, zo zei Friedlaender aan "The New York Times". Er zijn nu 80 ijsvrije dagen per jaar meer dan vroeger, waarin de bultruggen, die een voorliefde hebben voor open water, zich kunnen voeden met een overvloedige voorraad aan krill, kleine garnaalachtige kreeftachtigen. 

Walvisspecialisten zijn echter bezorgd dat die periode van gemakkelijke toegang tot voedsel wel eens van korte duur zou kunnen zijn. Krill rond Antarctica wordt bevist door een aantal landen, en ook de opwarming van de aarde is een bedreiging. 

Krill voedt zich immers met algen die aan de onderkant van zee-ijs groeien, en een vermindering van het zee-ijs vormt dan ook een bedreiging voor het krill, zo zei Sean Todd aan "The New York Times". Todd is de houder van de leerstoel mariene wetenschappen aan het College of the Atlantic in Bar Harbor in Maine. Hij heeft niet meegewerkt aan de nieuwe studie. 

Doctor Todd zei dat zijn veelvuldige reizen naar Antarctica hem ervan overtuigd hebben dat krill essentieel is voor het leven in de zuidelijke oceanen. "Ofwel eet je zelf krill, ofwel eet je iets dat krill eet", zo zei hij. "Als de krill-bestanden instorten, zullen er diepgaande veranderingen optreden in het gebied."   

Krill voedt zich met de groene algen aan de onderkant van het zee-ijs. (Foto: Krils and Marchal 1995/Wikimedie Commons)
De belangrijkste soort uit het Antarctisch krill, Euphausia superba. (Foto: Uwe Kils/Wikimedia Commons)

Zuidkaper en Noordkaper

Doctor Todd zei aan de New York Times dat de nieuwe studie de toenemende overvloed aan bultruggen bevestigde, die hij zelf had opgemerkt tijdens zijn jaarlijkse reizen naar Antarctica. Toen hij in de vroege jaren 2000 voor het eerst met die reizen begon, zag hij elk jaar een paar bultruggen in februrai en maart. Nu ziet hij er al in december, en "wel zoveel, dat je de tel kwijtraakt hoeveel er zich rondom je bevinden."

Hij zei dat hij ook een kleinere maar toch duidelijke heropleving heeft gezien bij de gewone vinvissen en de blauwe vinvissen, het grootste dier op de planeet, en ook bij de zuidkaper, een "neef" van de nog steeds sterk bedreigde noordkaper. "Dat is echt een schrijnend contrast", zo zei Todd. 

De studie van Friedlaender en zijn team werd gepubliceerd in "Royal Society Open Science". 

Het oog van een zuidkaper, onder de typische huidwoekeringen met zeepokken. (Foto: Ecohotel/Wikimedia Commons).