Man die stierf tijdens uithuiszetting "was niet bebloed en had geen breuken"

De man van 27 die omkwam bij een uithuiszetting in het West-Vlaamse Roeselare was niet bebloed en had geen breuken. Dat blijkt uit de autopsie, zegt het parket. De familie van de man had eerder een klacht ingediend, omdat hij volgens hen overleed aan de gevolgen van politiegeweld. Daar zijn voorlopig dus geen aanwijzingen voor, maar de algemene inspectie gaat de zaak wel onderzoeken. 

Op 7 mei voerden een deurwaarder en een agent een uithuiszetting uit in Roeselare. Een man van 27 werd uit zijn woning gezet, maar hij bleek uitzinnig van woede. Daarop werd versterking gevraagd aan de politie. Die kon de man kalmeren en overmeesteren en uiteindelijk ook boeien. Maar de man stierf bijna meteen daarna.

De familie diende daarop een klacht in. Volgens hen overleed de man aan de gevolgen van politiegeweld. Ze zeiden ook dat de man bebloed was en dat hij breuken opliep tijdens de uithuiszetting.

Maar dat blijkt niet uit de autopsie, zo zegt het parket van Kortrijk. "Er kan formeel gesteld worden dat de geruchten die her en der verspreid worden omtrent de aanwezigheid van bloed op het lichaam van het slachtoffer of de aanwezigheid van breuken op niets berusten en niet bevestigd worden door de resultaten van de uitgevoerde lijkschouwing", klinkt het in een mededeling. Meer informatie geeft het parket niet.

Intussen onderzoekt de algemene inspectie van de politie wel wat er precies is gebeurd. "Er zal in eerste instantie minutieus worden nagegaan wat er zich heeft voorgedaan en wie welke handelingen deed", zegt het parket. Alle personen die aanwezig waren worden verhoord. Daarnaast zal ook bekeken worden of de agenten zich aan de regels hielden.