AP 2018

2 onbekende bladzijden met "schunnige moppen" uit dagboek van Anne Frank onthuld

In Amsterdam zijn 2 onbekende bladzijden uit het dagboek van Anne Frank aan het brede publiek voorgesteld. Het gaat om passages met "schunnige moppen" die zijn afgeplakt en met nieuwe technieken zijn ontcijferd.

Amsterdam, maandag 28 september 1942. In haar kamer in "het achterhuis" aan de Prinsengracht waar ze sinds 3 maanden samen met haar familie ondergedoken leeft, schrijft het Joodse meisje Anne Frank in haar dagboek. Wanneer het na WO II boven water komt, blijken bladzijden 78 en 79 die ze die dag volschreef met papier afgeplakt.

Meer dan 75 jaar is de inhoud van die bewuste passages een mysterie gebleven, maar vandaag is daarin verandering gekomen. In het Anne Frank Huis hebben de Anne Frank Stichting, het Instituut voor Oorlogs-, Holocaust- en Genocidestudies en het Huygens Instituut voor Nederlandse Geschiedenis de resultaten voorgesteld van een analyse met fotobewerkingstechnieken die de woorden zichtbaar heeft gemaakt.

Bovenaan bladzijde 78 doorstreepte Anne Frank een vijftal zinnen waardoor het papier een rommeltje leek. "Deze verknoeide bladzijde zal ik maar benutten om "schunnige" moppen op te schrijven", vervolgde ze waarna ze een viertal zulke moppen noteerde die tot bovenaan bladzijde 79 doorlopen. De rest van die laatste bladzijde vulde ze met een tekst over seksuele voorlichting, concreet over hoe ze seks en seksualiteit aan een ander zou uitleggen.

Het staat niet vast wie de bladzijden destijds heeft afgeplakt al zou de kans groot zijn dat Anne Frank dat zelf deed. Sowieso is de inhoud van de passages niet uniek want ook elders in haar dagboek noteerde het meisje aangebrande moppen of had ze het over seksualiteit.

AP 2018

Anne Frank leefde ruim 2 jaar ondergedoken in "het achterhuis" waar ze een uitgebreid dagboek bijhield tot zij en haar familie op 4 augustus 1944 werden ontdekt en gearresteerd. Het Joodse meisje stierf in februari 1945 in het concentratiekamp van Bergen-Belsen. Ze was nog geen 16 jaar.

Na de oorlog kreeg haar vader Otto Frank haar dagboek in handen en liet hij het publiceren. Zo groeide het uit tot een van de grootste iconen van WO II met miljoenen exemplaren in vele talen. Sinds 2009 staat het op de Werelderfgoedlijst voor documenten van UNESCO.