Copyright 2017 The Associated Press. All rights reserved.

Houden de Amerikaanse joden van Israël?

"Hello, are you Jewish?" Het is een vraag die me afgelopen oktober elke dag op straat werd gesteld. Het was Soekot in Brooklyn. Loofhuttenfeest. De Joden herdenken dan dat de Israëlieten 40 jaar lang in de Sinaïwoestijn rondtrokken – onder de bescherming van God – en in tenten of hutten verbleven. Een pelgrimsfeest. Soekot is ook een oogstfeest, de laatste oogst voor de winter en dat moet gevierd, met een beracha (zegen) door verbondenheid. Vandaar die vraag op straat: "Are you Jewish?" Ze willen samen vieren.

Ik ben geen Jood, maar in New York leven wel heel veel joden. Op een steenworp van mijn huis, in het zuiden van de wijk Williamsburg, lopen op straat veel vrouwen met dikke witte kousen. Ze dragen lange rokken en ze lopen vaak achter een kinderwagen aan (ze krijgen gemiddeld tussen de 8 en de 10 kinderen). Naast hen, kale jongetjes met keppeltjes op, en langs de zijkant dunne pijpenkrulletjes. De getrouwde vrouwen dragen zonder uitzondering een pruik en een hoofddoek. Eigenlijk verbergen ze hun kale hoofd, want ze scheren hun haar af. Haar zou andere mannen dan die van hun kunnen verleiden, en dat mag niet.

Ik zie talloos veel mannen in zwarte gewaden. Ze lopen in hoog tempo en kijken recht voor zich uit. Ze dragen lange baarden en hoge zwarte hoeden, en aan beide kanten van hun gezicht hangen pijpenkrullen. Je belandt in een andere wereld als je de hoeden volgt. Er woont een grote ultraorthodoxe gemeenschap in Brooklyn. Zo’n kwart miljoen. Ze zijn opvallend genoeg heel vaak fel anti-Israël en vormen een vreemde enclave in het hypermoderne New York. Het is een gemeenschap die nauwelijks in aanraking komt met de buitenwereld, ook niet met andere joden die minder streng zijn. De voertaal die je in de wijk hoort, is Jiddisch. Engels spreken ze ook wel, vaak met een Oost-Europees accent. Velen van hen hebben Roemeense of Hongaarse voorouders die grotendeels werden vermoord tijdens de Holocaust. Ultraorthodoxe joden in New York dragen dus veel mentale bagage mee.

Copyright 2018 The Associated Press. All rights reserved.

Het zijn chassidische Joden, volgelingen van een ultraorthodoxe joodse stroming. Na Jeruzalem heeft New York de grootste chassidische gemeenschap ter wereld. Ze zijn heel vaak erg anti-zionistisch. Ze organiseren demonstraties tegen de staat Israël, of tegen de Israëlische dienstplicht. Ik zag ze een keer betogen midden februari 2017, toen de Israëlische premier Benjamin Nethanyahu voor de eerste keer op bezoek was bij Donald Trump in het Witte Huis. De ultraorthodoxe joden vinden dat ze pas naar Israël kunnen – het Beloofde Land – als de Messias er is. En die is er dus nog niet.

De chassidische joodse gemeenschap in Brooklyn is een soort eiland op het vasteland. Hun wijk in Zuid-Williamsburg grenst aan de Marcy Projects, het sociale woningbouwcomplex waar rapper Jay-Z opgroeide. Het is op loopafstand van het hipstergedeelte van Williamsburg, waar jonge bohemiens matcha lattes drinken. De chassidische joden hebben hun eigen (gescheiden) scholen, koosjere eethuizen, ambulances, ziekenhuizen, vastgoedkantoren, artsen, kranten en gefilterd internet. Een miljard dollar van hun vermogen zit in New Yorks vastgoed.

Chassidisch-joodse scholieren mogen niet naar een Amerikaanse universiteit, want die zijn gemengd. Hoogopgeleiden kent deze gemeenschap niet. Ze gaan werken of ze worden rabbijn. Velen van hen werken in B&H, een gerenommeerde foto- en videozaak in Manhattan (rond 34th Street en 9th Avenue). Mijn camerastatief en mijn lichtpaneel dat ik voor VRT NWS gebruik, komen uit deze winkel. In de reusachtige shop word je geholpen door niet-joden, maar je rekent wel af bij de chassidiem aan de kassa. Op zaterdag sluit de winkel. Sabbat. Op zondag kan je wel shoppen.

De joodse meisjes werken tot ze kinderen krijgen rond hun twintigste. Deze groep joden in New York verarmt steeds meer. Ook de eerste gevallen van misbruik van opiaten zijn intussen gemeld. Voor sommige jongeren is deze wereld erg verstikkend. Soms geven ze het op. Dan worden ze uit de gemeenschap verbannen en vluchten ze naar minder orthodoxe joodse gemeenschappen elders in Amerika. Het contact met de familie eindigt dan bijna altijd. Een paar van die mensen is mooi en sereen geportretteerd in de documentaire "One of Us" op Netflix (2017). Er komen ook geregeld zaken van seksueel misbruik boven water. Het is in de chassidische gemeenschap een groot taboe om met die misbruiken naar buiten te komen.

De grootste joodse wereld buiten Israël

Er zijn veel andere Joden in Amerika. In totaal zijn ze ongeveer met 5,5 miljoen. Dat is niet eens 2 percent van alle Amerikanen. Ze zitten voornamelijk geconcentreerd in New York, Los Angeles en Miami. Niettemin vormen Amerikaanse joden de grootste joodse wereld buiten Israël. Bijna allemaal voelen ze een enorme verbondenheid met het land. Vaak hebben ze familieleden daar of hebben ze in Israël hun dienstplicht vervuld. De Amerikaanse journalist-schrijver Robert Kaplan, die ik een paar keer ontmoette, is één van hen. Veel Amerikaanse joden emigreren ook naar Israël. Bibi Nethanyahu spreekt zo goed Engels omdat hij eigenlijk een halve Amerikaan is. Zijn ouders vestigden zich in Minneapolis. Benjamin Nethanyahu zelf studeerde aan het MIT en Harvard  (in Boston).

Hebreeuwse scholen in de VS onderwijzen jonge Amerikaanse joden over Israëlische cultuur en maatschappij. Die identiteit is belangrijk, want bijna alle joden in de VS leven met een historisch trauma over de Holocaust. Ze voelen zich eigenlijk voortdurend een bedreigde minderheid. Daar vloeien ook – begrijpelijk - angst en kwetsbaarheid uit voort.

Israël is dus voor de meeste Amerikaanse joden veel meer dan een gewoon buitenland. Als Israël het Eurovisiesongfestival wint, is dat ook een beetje een overwinning voor de joden in Amerika. Daarom ook beschouwen Joden een boycot van Israël als een boycot van hun gemeenschap en hun familie. Palestijnen (ook in de VS) zien het juist omgekeerd: handel drijven met Israël wordt gezien als steun voor hun onderdrukkers.

Het is genuanceerd. Sommige Amerikaanse joden kopen hier in de VS geen producten die afkomstig zijn uit de Bezette Gebieden, zoals de Westelijke Jordaanoever. Ze voelen zich dus verbonden met Israël maar niet noodzakelijk met het beleid van Israël. Vergeet niet dat ongeveer de helft van de Amerikaanse joden zich identificeert als progressief burger. Israëlische joden zijn veel en veel conservatiever. Slechts 8 procent in Israël beschouwt zich als progressief volgens een onderzoek van Pew Research.

Tot de jaren 90 van de vorige eeuw kende Israël politiek een traditie van socialisme. Denk aan de Arbeiderspartij van premier en later president Shimon Perez. Die progressieve traditie stortte in bij het kapotgaan van het vredesproces na de Oslo-akkoorden en de moord op Yitzak Rabin. Met de tweede Intifada (2000-2005) barstte de woede van de Palestijnen uit. Israël verdubbelde het aantal kolonisten in de nederzettingen tussen 1992 en 1999 van 200.000 naar 400.000! Toenmalig oppositieleider Ariel Sharon gooide olie op het vuur - in 2000 - door de Tempelberg te bezoeken, waar zich de voor moslims heilige Al-Aqsamoskee bevindt. De terugtrekking van Israël uit Gaza in 2005 leidde daar tot de machtsovername van de islamitische groep Hamas. De spanningen liepen op. In Israël heeft de Arbeiderspartij overigens in geen twintig jaar nog de verkiezingen gewonnen.

Stemmen voor de Democraten

In zowat elke presidentsverkiezing in de VS stemt de meerderheid van de Amerikaanse joden voor een Democraat. De vervreemding tussen de Amerikaanse joden en het Israëlische politiek bestel neemt gestaag toe. Een groeiend aantal Amerikaanse joden ziet Israël als een land dat Palestijnse gebieden bezet en buitensporig geweld gebruikt tegen vreedzame Palestijnse demonstranten. Ze zien ook met lede ogen aan hoe de staat Israël steeds meer één soort conservatief Jodendom als legitiem erkent, het orthodoxe Jodendom. Jared Kushner, de schoonzoon van de Amerikaanse president Trump, vindt dat niet erg. Hij is een orthodoxe jood. Het conservatisme in Israël uit zich bijvoorbeeld in het verbieden van gemengde groepen van mannen en vrouwen die komen bidden aan de Klaagmuur in  de Oude Stad van Jeruzalem.

Copyright 2018 The Associated Press. All rights reserved.

Vooral jonge Amerikaanse joden zijn bijzonder kritisch tegenover de politiek van Israël. Zij vinden dat de Amerikaanse regering te vaak en te veel de onvoorwaardelijke bondgenoot is van het Israëlische bestuur. Amper 1 op de 3  jonge Amerikaanse joden vindt de pogingen van de Israëlische regering om vrede te sluiten met de Palestijnen min of meer ernstig.

Die nieuwe, kritische gedachten krijgen een stem in nieuwe organisaties zoals "If Not Now", een groep die tegen de bezetting is van de Palestijnse gebieden. Dat is heel ander geluid dan bijvoorbeeld bij AIPAC (het American Israel Public Affairs Committee), dat heel erg pro-Israël is en veel Amerikaanse politici ronselt om steun aan Israël te geven, zoals de regering-Trump nu ook effectief doet, onder meer door de ambassade te verplaatsen van Tel Aviv naar Jeruzalem.

Er zijn vele joodse stemmen in Amerika. En het is  - zoals altijd – genuanceerd. De Israëllobby is dus iets anders dan de Joodse lobby. De Israëllobby is dus ook geen synoniem van de Joods-Amerikaanse gemeenschap, bij wie sommigen actief campagne voeren tegen het beleid van Israël, maar dat was u intussen al wel duidelijk.

De Israëllobby is iets anders dan de Joodse lobby

Geen enkel ander land heeft sinds de Tweede Wereldoorlog zo veel Amerikaanse hulp gekregen. Ontwikkelingsgeld, nou ja, in de praktijk is het vaak een ruimhartige miljardensubsidie om militair materiaal (zoals F-35- gevechtsvliegtuigen) aan te kopen.

Opvallend: veel rechtse Amerikaanse christenen zijn erg actief in de pro-Israëllobby. Niet-joden, dus. Die lobby steunt twee zaken: de gigantische financiële hulp aan Israël én de onvoorwaardelijke diplomatieke steun voor Israël, bijvoorbeeld in de VN-Veiligheidsraad. Ontelbaar zijn de resoluties die Israël veroordelen maar door de VS vakkundig zijn gekelderd.

Steun van evangelische christenen

Veel Amerikaanse evangelische christenen geloven dat Christus enkel zal weerkeren als het Joodse volk opnieuw heer en meester is in het hele Heilige Land. Dààrom steunen ze elke gebiedsuitbreiding van Israël, zowel met de wapens als door nieuwe nederzettingen in Palestijns gebied. Dààrom stemt de pro-Israëllobby meestal Republikeins, terwijl de meeste Joodse Amerikanen eigenlijk Democraten zijn. Vergeet ook niet de invloed van rijke Joodse ondernemers, zoals Sheldon Adelson, de casinomagnaat uit Las Vegas die wellicht Trump heeft ingefluisterd om de Amerikaanse ambassade naar Jeruzalem te verhuizen. Adelson is een groot financier van de Republikeinse Partij (en vooral van Trump).

Copyright 2017 The Associated Press. All rights reserved.

Om de invloed van die belangen te versterken, gebruikt de pro-Israël lobby grote donaties om Congresleden te beïnvloeden in regio’s waar minder joodse kiezers wonen. Want zo groot is die joodse bevolking dus niet (een goede 5 miljoen), maar haar invloed is onevenredig groot.

Het valt op in de VS: meer dan milde kritiek op Israël is min of meer "not done" in de mainstream Amerikaanse media. Er is ook geen politicus die het zich kan permitteren te veel tegen de haren van Israël in te strijken zonder electorale gevolgen. Obama probeerde het even, maar kwam er al snel op terug. Door Israël altijd op de eerste plaats te zetten – onvoorwaardelijk – is al heel veel krediet verspeeld bij Palestijnen en Arabieren in het Midden-Oosten, met als gevolg de mogelijke radicalisering en terreur die de perceptie over deze wereld al een hele tijd beheersen en vergallen.

Intussen: blijven hopen op vrede.

Shalom!